De Thuiskok: Vanillevla

©

Ik heb al jaren geen vanillevla meer gegeten, maar toen ik klein was, was het wekelijks vaste prik als toetje. Gele vla, noemden we het thuis, en de chocoladevla was in die lijn der logica natuurlijk bruine vla. Truc was om beiden in een kommetje te doen, maar ze vooral niet te mengen. Dan verloor je zowel de smaak van de gele als de bruine vla.

Nu heb ik nog nooit zelf vanillevla gemaakt, en dat had ik volgens Jonah Freud, auteur van het Rijksmuseum Kookboek, wel moeten doen. Tijd om daar eens verandering in te brengen.

Halveer het vanillestokje in de lengte en schraap het merg eruit met de punt van een mes. Breng de melk, room, de helft van de suiker en de buitenkant van het vanillestokje langzaam aan de kook. Klop ondertussen de eidooiers, de andere helft van de suiker, het vanillemerg en de maizena luchtig met een garde. Voeg al roerend de kokende vloeistof toe aan het dooiermengsel en zet het terug op een laag vuur totdat de massa bindt. Voorkom dat het opnieuw gaat koken! Giet het mengsel door een bolzeef in een kom. Dek de vla af met plasticfolie om te voorkomen dat zich tijdens het afkoelen een vel vormt. Laat afkoelen in de koelkast.