Koerden drijven Turkije naar Assad

Nieuwsanalyse

Turkije is een fervente rivaal van het Syrische regime. Om instabiliteit tegen te gaan en de Koerdische opmars te stuiten zoekt het toch toenadering.

Vrouwen rouwen op een begraafplaats in de overwegend Koerdische stad Diyarbakir in Oost-Turkije na een zware explosie in de buurt waarbij 16 doden vielen. Foto AFP

Turkije wil zijn banden met Syrië en Irak aanhalen. Dat heeft de Turkse premier Yildirim woensdag gezegd. Het is een opmerkelijke ommezwaai die grote gevolgen kan hebben voor het verloop van de oorlog in Syrië. Turkije is al jaren een van de meest uitgesproken tegenstanders van het Syrische regime en steunt diverse sunnitische rebellengroepen, ook moslimextremisten.

De beleidswijziging komt voort uit de toenemende instabiliteit in Turkije, als gevolg van de oorlog in Syrië. Koerdische en islamitische terroristen plegen geregeld aanslagen. Vooral de opmars van de Syrische Koerden, die 80 procent van het noordelijke grensgebied hebben veroverd, baart de Turkse regering grote zorgen. Net als Damascus wil Ankara voorkomen dat de Koerden een eigen staat uitroepen, en zo de territoriale integriteit van Turkije bedreigen.

Yildirim plaatst de normalisering van de betrekkingen met Syrië en Irak in de context van de strijd tegen terrorisme. „We hebben dit nodig, want om onze strijd tegen terrorisme te laten slagen, moet er stabiliteit zijn in Syrië en Irak”, zei Yildirim. Voorwaarde is wel dat beide landen een ander regeringssysteem moeten invoeren, zodat alle bevolkingsgroepen vertegenwoordigd zijn.

De avances naar Syrië en Irak passen in een bredere poging van Turkije om uit zijn internationale isolement te komen. Premier Yilderim zei vlak na zijn aantreden in mei: „We zullen meer vrienden maken, en minder vijanden”. Vorige maand werden de diplomatieke betrekkingen met Rusland en Israël al hersteld.

Turkse functionarissen ontkennen dat de toespraak van de premier een beleidswijziging inluidt. Volgens hen is er geen sprake van verzoening met het regime van president Assad. „Er is een verschil tussen Syrië en Bashar al-Assad”, zei een hoge Turkse functionaris tegen de Britse krant The Guardian. „We hopen dat de relaties tussen Turkije en Syrië zullen normaliseren. Dat is wat het is. En dat is alles.”

Toch hangt toenadering tot het regime al enige tijd in de lucht. In april citeerde de Algerijnse krant El-Watan een Algerijnse diplomaat die vertelde dat zijn land bemiddelde tussen de Turkse en Syrische regering. Hij zei dat ze „een ontmoeting willen om te praten over de Koerdische kwestie en de wens van de Syrische Koerden om een onafhankelijke staat te creëren”.

Ook leden van de kleine Turkse oppositiepartij Vatan zijn ingezet om contacten te leggen met het Syrische regime. Partijleider Dogu Perinçek zei tegen het Amerikaanse blad Foreign Policy dat hij in februari 2015 voor het eerst een ontmoeting had met Assad. Beide partijen voelden „de noodzaak dat Turkije en Syrië samen vechten tegen separatisten en fanatieke terreurgroepen”. Daarna volgden nog drie bezoeken aan Damascus in januari, april en mei van dit jaar. Perinçek en andere partijleden spraken met Syrische diplomaten, ministers en chefs van de inlichtingendiensten.

Van herstel van de diplomatieke betrekkingen is voorlopig nog geen sprake. Analisten denken ook niet dat Turkije ineens zal stoppen met het steunen van Syrische rebellen. Maar Ankara vreest dat die rebellen niet sterk genoeg zijn om de opmars van de Koerden te stuiten. Door de banden met Syrië aan te halen, houdt Turkije zoveel mogelijk opties open.