Buschauffeur is vaak gepensioneerd

Arbeidsmarkt

In de touringcarsector werkt bijna de helft van de chauffeurs op oproepbasis. Veel van hen zijn AOW’ er. Pure verdringing, aldus FNV.

De touringcarwereld is grijs, aldus bestuurder Brigitta Paas van FNV Toer. „De gemiddelde leeftijd is eind vijftig.” Beeld Arjen Born

Hardcore? „Neuh, dat is niks voor mij” , zegt buschauffeur Stoffel Otto (70) bij het dancefestival Defqon.1 Dragonblood in Biddinghuizen. Hij pakt een cd-box naast het stuur. „Dít is mijn muziek”, zegt hij. De Evergreen Top 1000 met Demis Roussos, Elvis en Johnny Cash.

Duizenden jongeren gaan uit hun dak op het gedreun dat een gigantische blauwroze feesttent komt. Op de natte grasvlakte ernaast staan zo’n honderdvijftig keurig opgelijnde touringcar-bussen. De chauffeurs maken een dolletje of wachten in hun lege cabines. Een zit met zijn vrouw onderuit op tuinstoelen in het gangpad.

Even na middernacht moeten zijn passagiers zich weer melden bij de bus, zegt Otto. „Vijftig mensen die vast een beetje van het padje af zijn”, lacht hij. Dan rijdt hij van Flevoland via Breda, Zundert, Antwerpen en Ranst terug naar de zaak in Rucphen. Met een paar uur slaap kan hij zondag nog naar de Maria Ommegang in Bergen op Zoom, een jaarlijkse optocht. „Het koor van mijn vrouw doet mee.”

Dertig jaar lang, tot hij op zijn zestigste met pensioen ging, reed Otto als trucker door Europa. „Ik kan mijn eten bestellen in alle talen”, zegt hij. Vijf jaar geleden is hij opnieuw begonnen met werken op de touringcar bij Muys Reizen. Als oproepkracht verdient hij naast zijn pensioen zo 25.000 euro bruto per jaar, zegt hij. „Het geld is niet het belangrijkste. Het is heel prettig een bijdrage aan de maatschappij te kunnen leveren.”

Zo rijdt Otto voor Muys door binnen- en buitenland. „Van Terschelling tot Malaga en van Den Helder tot aan Florence”, staat op de website.

‘Uitgestelde prestatieplicht’

Otto is één van de 3.000 ‘muppen’ in de Nederlandse touringcarbranche. Het zijn oproepkrachten ‘met uitgestelde prestatieplicht’: ze hebben een arbeidscontract maar worden alleen betaald op oproepbasis. De muppen vormen bijna de helft van alle chauffeurs (6.600) die officieel geregistreerd zijn bij de stichting FSO, het sociaal fonds voor het busvervoer van werkgevers en vakbonden. Slechts 3,7 procent van de chauffeurs heeft een full time vast contract.

De touringcarwereld is grijs. De gemiddelde leeftijd is „eind vijftig”, volgens bestuurder Brigitta Paas van FNV Toer. Het aandeel 65-plussers achter het stuur is de laatste jaren hard gestegen van 11 procent in 2008, tot 22 procent in 2012 en 26 procent dit jaar. Het leger muppen telt de meeste AOW-gerechtigden: 45 procent is 65-plus. „De oudste buschauffeur die ik ken, is 83”, zegt Paas.

De FNV ziet de inzet van AOW’ers als „100 procent verdringing” van werkgelegenheid, zegt Paas. „Gepensioneerde chauffeurs zijn tot 40 procent goedkoper”, zegt ze. Werkgevers hoeven voor AOW’ers namelijk geen AOW-premie en werknemersverzekeringen te betalen en vaak ook geen pensioenpremie. Loondoorbetaling bij ziekte krijgen muppen ook niet.

Het is onzeker werk, bevestigen andere chauffeurs op de parkeerplaats van Defqon.1, die niet met hun naam in de krant willen. „Het is ‘variabel inkomen, vaste armoe’”, grapt er een.

„Ik zal wel iets goedkoper zijn”, denkt buschauffeur Otto – zijn leven lang lid van CNV én FNV. „Maar er wordt onder chauffeurs niet over gepraat of moeilijk over gedaan, hoor.”

„Het heeft niets te maken met afdrachten”, zegt de baas van Otto, directeur Wim Muys aan de telefoon. Bij zijn bedrijf is eenderde van de 45 chauffeurs gepensioneerd. „Ik zou graag jongere chauffeurs inzetten, maar ze zijn niet voorhanden”, legt hij uit. De touringcarbranche is grotendeels seizoenswerk van april tot september. Voor jonge mannen, zeker met een gezin, is zo’n tijdelijke baan niet aantrekkelijk, zegt Muys. „Gepensioneerde chauffeurs hebben de tijd wel én veel ervaring op de weg.”

Onder de kostprijs

„De tijd dat je veertig jaar met een vast contract werkte is voorbij”, reageert voorzitter Arend Klaassen van branchevereniging Altrovia. Na mislukt cao-overleg werken de werkgevers nu zonder de vakbonden aan nieuwe arbeidsvoorwaarden met „maximale flexibilisering”. Het moet wel, want de concurrentie is groot, zegt hij. „Iedereen weet dat er ritten onder de kostprijs worden aangeboden.”

Volgens Paas van de vakbond zijn er genoeg jonge chauffeurs die graag op de bus zouden springen. Werkgevers en vakbonden wilden via de stichting FSO 200 jongeren opleiden en er hebben er 600 tot 700 kandidaten gereageerd, volgens Paas. „Het project mislukt alleen, omdat werkgevers geen vacatures aanbieden.”

Ze begrijpt wel dat oudere chauffeurs willen blijven rijden. „Ze zijn verknocht aan het vak. En voor sommigen is het ook gewoon financiële noodzaak. Er zitten heel veel gescheiden mannen tussen die een deel van hun pensioen aan alimentatie kwijt zijn. Je bent toch tien dagen op de weg, dan drie dagen thuis en weer tien dagen weg. Niet ieder huwelijk is daar tegen bestand. Chauffeur zijn moet echt in je dna zitten. Ik weet er alles van. Mijn man is er ook een.”