Achter de schermen

De meeste mensen leiden een bestaan achter de schermen, de een bevalt dat beter dan de ander, maar postbodes vinden zo’n bestaan gelukkig wel hartstikke leuk. Dat weet ik door een commercial van PostNL, waarin postbodes nadrukkelijk worden geframed als ‘mensen achter de schermen’.

Postbodes zijn ook mensen, is de boodschap, mensen die niets liever doen dan andere mensen helpen. Idealisten die glimlachend met hun pakketten van deur tot deur gaan. Dat ze al hun postbodes al lang hadden vervangen door onderbetaalde zzp’ers, vertelde PostNL er in hun ‘achter de schermen’-sprookje niet bij.

Alsof ik niet wist hoe of het er achter de schermen aan toeging. Ik groeide op met een vader die de hele tijd zei dat de mensen achter de schermen nooit eens in het zonnetje werden gezet. Hij werkte op het provinciehuis achter de schermen op een afdeling tussen allemaal mensen achter de schermen. Planten waren het, als er dan een keer een streepje zonlicht door de luxaflex piepte, draaiden ze allemaal tegelijkertijd met hun kopje naar dezelfde kant in de hoop dat de waardering een keer hun kant opkwam.

Het was altijd de verkeerde die in de schijnwerpers kwam te staan, kon hij wel eens klagen als we thuis aan tafel zaten. Als hij dan zo bezig was, deed mijn moeder er graag nog een schepje bovenop. Wat zij deed werd toch ook nooit opgemerkt? Ze kon zich op dat soort momenten plotseling geen complimenten over haar kook- of schoonmaakkunsten meer herinneren.

„Ik vind het anders heerlijk!”, overdreef mijn vader dan, ons ondertussen onder de tafel trappend, zodat wij kinderen van mensen achter de schermen ook wisten dat we die complimenten maar beter konden herhalen.

Daar moest ik gisteren allemaal aan denken toen er een postbode met een baardje voor de deur stond in wie ik direct een mens van achter de schermen herkende. Hij had zijn glimlach niet bij zich maar wel een pakketje meegenomen.

Ik zette hem maar meteen in het volle licht en bedankte hem voor alle moeite die hij zich had getroost om bij ons huis te komen. Hij duwde me een doos van Zalando in de handen die ik maar meteen teruggaf omdat wij de familie Vermeulen niet zijn.

„Kutzooi”, zei de postbode en hij sjokte terug naar zijn fiets. Zijn bezoek was niet onopgemerkt gebleven.

Marcel van Roosmalen heeft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz