Vandaag in de Tour: mogelijk laatste sprintkans vóór Parijs

De etappe voert van Carcasonne naar ‘sprinthoofdstad’ Montpellier: Greipel en Cavendish wonnen er al eerder.

Beeld van de aankomst van de derde etappe. Greipel (l) en Cavendish (r) wonnen al eens eerder in aankomstplaats Montpellier. Foto Bas Czerwinski/ANP

Terwijl de klassementsmannen de afgelopen dagen in de Pyreneeën hun neus voor het eerst aan het venster hebben gestoken en nu ongeveer weten waar ze staan, is het woord in de Tour-rit van woensdag vrijwel zeker aan de sprinters. De 162,5 kilometer lange etappe tussen Carcasonne en Montpellier voert over relatief vlak terrein. Voor de renners met rappe benen is het één van de laatste gelegenheden om te strijden om de dagzege, vóórdat ze over anderhalve week de finish op de Champs d’Elysees opdraaien. Saaie etappe op komst, zou je zeggen. Maar let op: de sterke zijwind zou weleens tot een mooie waaierrit kunnen leide.

De etappe start in de historische plaats Carcasonne, een nog altijd ommuurde vestingstad in het zuiden van Frankrijk. La Cité de Carcassonne trekt jaarlijks vele toeristen en staat inmiddels op de werelderfgoedlijst van Unesco. Dit levert ongetwijfeld mooie camerabeelden op van bij de start.

Als de renners eenmaal op weg zijn richting Montpellier dan doen ze dat over een glooiend parcours. In de beginfase van de rit zitten enkele klimmetjes van de vierde categorie waarop de kruimeldieven onder de bolletjestrui-kandidaten wat punten kunnen oprapen, maar daarna is het relatief vlak.

Waaiers

Op het eerste oog lijkt het parcours van vandaag misschien wat saai. Een groepje rijdt kort na de start weg, krijgt enkele minuten en wordt tussen kilometer 142 en 152 teruggepakt door het peloton. Kan, maar let op: er is voor woensdag veel zijwind voorspeld. Dat zou er weleens tot een spectaculaire etappe kunnen leiden waarin enkele klassementsmannen zich laten verrassen.

Twitter avatar mcewenrobbie Robbie McEwen Stage 11 Carcassone - Montpellier heads ENE, wind howling from WNW up to 70km/h. This stage just became one of the most important of #TdF16

Dat zo’n waaierrit invloed kan hebben op de algemene rangschikking, bleek wel in 2013. Iedereen rekende er in 2013 op dat de dertiende etappe in die ronde, tussen Tours en Saint-Amand-Montrond, na een eentonig verloop zou eindigen in een massasprint. Dat was tegen de wil van de toenmalige Nederlandse ploeg Belkin (nu LottoNL-Jumbo). Die zette samen met het Belgisch Omega Pharma-QuickStep een aantal renners op de kop van het peloton om tijdswinst te boeken voor de kopmannen Bauke Mollema en Laurens ten Dam. Alejandro Valverde verloor destijds tien minuten en ook Chris Froome werd op achterstand gereden.

Hoe die coup werd voorbereid, komt goed in beeld in de documentaire De Tour van Bau en Lau, die Kees Jongkind voor de NOS maakte:

Montpellier: sprinthoofdstad

Toch is er reden om ervan uit te gaan dat de etappe van woensdag zal eindigen in een massasprint. Er wordt namelijk gefinisht in Montpellier. De Zuid-Franse plaats heeft zichzelf de titel sprinthoofdstad toebedeeld. De lijst met renners die de afgelopen jaren als eerste over de streep kwamen in de Zuid-Franse plaats geeft hen gelijk: Andre Greipel (2013), Mark Cavendish (2011), Robert Hunter (2007), Robbie McEwen (2005). Wordt het daarom een Montpellier-dubbel voor de dit jaar nog altijd zonder ritzege zijnde Greipel of schrijft Marcel Kittel zijn naam bij op deze erelijst?

NRC-redacteur Maarten Scholten gaat voor dat andere sprintkanon, Cavendish:

“Snelheid trainde hij in aanloop naar de Tour op de baan, meteen handig voor straks in Rio. Maar hoe hard Cavendish ook werkt, blijkt pas echt aan het einde van de zware bergritten. Ook dan oogt hij fris in het spoor van slapie Bernard Eisel, gekend ‘buschauffeur’ in de cols. ‘Lead-out’ Mark Renshaw gaf in de Pyreneeën op. Maar oermens Eisel zal het sprinttreintje rond Cavendish snel op gang krijgen. En halverwege deze Tour lijkt de Manxman zelf in een vlakke rit naar Montpellier nog sterk genoeg voor een vierde ritzege deze Tour, zijn dertigste in totaal.”