Strafzaak tegen oud-senator is als een ballon leeggelopen

Oud-VVD senator en lokaal politiek zwaargewicht Jos van Rey kreeg gisteren van de rechtbank Rotterdam een milde straf en een stevige veroordeling, maar lang niet op alle feiten die het Openbaar Ministerie hem ten laste had gelegd. Van de burgemeestersbenoeming waarin Van Rey informatie lekte maakte hij een ‘poppenkast’. Hij ‘rommelde’ met stemvolmachten. Hij vroeg geld van zakenlui voor zijn verkiezingskas en accepteerde dure reizen naar voetbalwedstrijden en vastgoedbeurzen. Dat kwalificeert als omkoping. Daarmee toonde hij zich niet integer en schaadde hij het vertrouwen in het openbaar bestuur. Hij was naïef en ‘uiterst onhandig’ in zijn bestuurlijke omgang met privérelaties. Zo ontstond een ‘fraudecultuur’, een sfeer van ‘voor wat hoort wat’, waarbij het beeld van ‘machtsbederf en corruptie bijna niet te onderdrukken is’. Maar bij dat beeld is het dan ook gebleven. Strafrechtelijk had het allemaal minder om het lijf dan het OM had betoogd.

Ondanks drie jaar onderzoek, zware opsporingsmiddelen als taps, peilbakens en een infiltrant, bewees het OM niet dat er ‘grootschalige ernstige fraude’ was waarbij ‘miljoenen euro’s onnodig in de zakken van projectontwikkelaars zijn gevloeid’. Zelden zal een megazaak waar de rechtbank 20 zittingsdagen voor uittrok, een lagere straf dan 240 uur taakstraf hebben opgeleverd. Van Rey bevoordeelde zijn vriend, de projectontwikkelaar immers niet, en had dat alleen ook niet gekund. En deze werd van de opdrachten in Roermond ook niet disproportioneel veel beter.

Daarmee heeft de veroordeling vooral bestuurlijke en politieke betekenis – bestuurlijk Nederland heeft nog eens te horen gekregen dat ieder die een gift krijgt zich moet afvragen of het ‘redelijkerwijs’ de bedoeling kan zijn om daarmee iets van hem of haar gedaan te krijgen. Waarbij het er achteraf niet toe doet of de bestuurder daar ook op ingaat.

Opvallend is dat de rechter zich ook mengt in de beeldvorming door een kop met uitroepteken ‘Vele tinten grijs!’ boven het vonnis te plaatsen. In de strafmotivering wordt de retorische vraag gesteld of de media-etiketten Zonnekoning, El Rey, Heilige Jos voortekenen waren ‘of stemmingmakerij die is verbleekt’. De werkelijkheid ligt ‘veel genuanceerder’ aldus de rechter. De verdachte was onhandig, handelde bestuurlijk onjuist en soms verwerpelijk door reisjes en giften te accepteren en te rommelen met benoemingen en verkiezingen. Maar dat was het dan ook. Vooral een zaak voor de politiek, op te lossen met bestuurlijke sancties, met de strafrechter in een bijrol. Daarmee is deze grote strafzaak als een ballon leeggelopen, althans voorlopig. Tot het hoger beroep.