Prachtig ingepakte nietsigheid in de modewereld van Los Angeles

Een oppervlakkige fascinatie voor schoonheid verbeelden met prachtig ingepakte nietsigheid. Wat Nicolas Winding Refn (Drive, Only God Forgives) doet in The Neon Demon, ligt er dik bovenop. Het verhaal: de 16-jarige wees Jesse (Elle Fanning) trekt naar LA om model te worden. Daar ontmoet het hertje-dat-in-de-koplampen-staart de ene op bloed beluste figuur na de andere. Modellenscout Christina Hendricks monstert Jesse met opengesperde ogen terwijl ze een contract toeschuift. Collega’s staren gehypnotiseerd naar haar puberpuurheid: ze worden geconfronteerd met hun eigen houdbaarheid. En dan zijn er locals die gewoon seks willen.

De regisseur pakt naast unheimliche nachtclubsettings uit met scènes die doen denken aan Victoria’s Secret- of Jean Paul Gaultier-reclames. Het had kunnen werken, zeker met zulke goede casting en cameo’s van onder meer Keanu Reeves. Maar dan had Refn alle stilering en verwijzingen naar populaire cultuur tot een soort van geheel moeten smeden. De naam van Bret Easton Ellis valt geregeld in besprekingen van The Neon Demon. Leegheid als kunst. Maar Ellis weet in al zijn oppervlakkigheid meestal te boeien door humor, of door lezers te laten kokhalzen. The Neon Demon is humorloos en voor de hand liggend, met veel in spiegels staren (narcisme! vampirisme!).

Bij personages en intermezzo’s – een uit de dierentuin ontsnapte katachtige in Jesses motelkamer – is onduidelijk wat ze toevoegen. Zelfs als op tweederde van de film het bloed echt begint te vloeien, dreigt een geeuw. Een lesbische liefdesscène invoegen waar je verhaal eindelijk op gang komt: oppervlakkig als de modewereld, maar ook gemakkelijk.