Onderzoek naar Slowaakse wapens in Nederland

Internationale wapenhandel

Na een grote wapenvondst in Nieuwegein gaat het OM nu meedoen aan een groot internationaal onderzoek naar de handel in wapens.

Het Nederlandse Openbaar Ministerie sluit zich aan bij een internationaal onderzoek naar de grootschalige handel in wapens afkomstig uit Slowakije. Directe aanleiding is de vondst van een grote hoeveelheid wapens in Nieuwegein vorig jaar zomer. Daar werden twaalf automatische wapens gevonden die afkomstig zijn uit Slowakije.

Het gaat deels om wapens die zijn afgedankt door het Slowaakse leger: de Ceská Zbrojovka vz58 en de vz61 Skorpion. Door een afwijkende interpretatie van de Europese regelgeving konden deze wapens in Slowakije jarenlang legaal worden verkocht.

Toen bleek dat een van de terroristen bij de aanslagen in Parijs van januari 2015 een Ceská vz58 uit Slowakije in zijn bezit had, veranderde dat. De Slowaakse regels zijn inmiddels aangepast. En de autoriteiten in Duitsland, Frankrijk en Slowakije begonnen een onderzoek naar de handelaren die de wapens uit Slowakije verkochten. Bij dat onderzoek heeft Nederland zich nu aangesloten, bevestigt woordvoerder Wim de Bruin van het Landelijk parket.

Wapenhandel is lang geen prioriteit geweest. Volgens deskundigen is dat het gevolg van beleid van het kabinet-Balkenende IV, dat in 2008 de opsporing van vuurwapens afvoerde als prioriteit. „De stroom aan zware wapens is daarna zichtbaar toegenomen”, zegt Jas van Driel. Hij is geregistreerd als gerechtelijk wapenexpert.

Van Driel krijgt bijval van de Belgische wapenonderzoeker Nils Duquet. „Aan het begin van deze eeuw zag je dat alleen criminelen met een hoge status in de onderwereld over volautomatische wapens beschikten”, aldus Duquet. „Nu zie je bijvoorbeeld dat jonge criminelen van Marokkaans-Nederlandse afkomst met weinig of geen status in de onderwereld al betrokken zijn bij schietpartijen met automatische wapens.”

Sinds het begin van het Mocro-conflict medio 2012 zijn zeker 20 slachtoffers gevallen. Velen van hen zijn met grof geweld in het openbaar vermoord. Bovendien zijn er in het conflict zeker twee en mogelijk meer onschuldige slachtoffers gevallen, mensen die werden doodgeschoten omdat ze werden aangezien voor iemand anders.

De meest bizarre moord in de Mocro-oorlog is eerder dit jaar gepleegd op Nabil Amzieb. Zijn hoofd werd op 9 maart voor doelbewust op de stoep gezet voor een waterpijpcafé in Amsterdam-West waar Amzieb regelmatig kwam. Zijn ontzielde lichaam werd de avond daarvoor gevonden in een uitgebrande auto.

Ook in Brabant gebruiken criminelen in de hennepteelt en de pillenindustrie steeds vaker zware wapens om hun handel te verdedigen. Alleen al in de regio West-Brabant zijn in 2015 17 mensen vermoord. Volgens de politie is de helft daarvan gerelateerd aan onderwereldconflicten.

Vuurwapengeweld pagina 6-7