De leraar is met pensioen

Onderwijs

Leerkrachten zijn schaars. En dus zetten scholen steeds vaker gepensioneerde uitzenddocenten voor de klas. Zoals Gerard Jonker. Na vier maanden was hij het thuiszitten zat. „Je wilt toch een doel in het leven.”

Wiskundeleraar Gerard Jonker (71) voor de klas op het Van der Meij College in Alkmaar. Olivier Middendorp

In een filmpje op de site van de school zit hij in een rolstoel. Niet dat de 71-jarige Gerard Jonker iets mankeert. Hij is slechts figurant in een promo-video voor het vmbo-profiel zorg & welzijn van het Van der Meij College in Alkmaar. In het dagelijks leven staat Jonker hier voor de klas. Als docent wiskunde.

Zes jaar geleden ging hij met pensioen. Maar na vier maanden was hij het thuis zitten zat. „Je verzinkt in je vrijheid”, vertelt Jonker. „Dat vond ik vreselijk, je wilt toch een doel in je leven.” En omdat hij „verknocht” is aan het leraarschap, meldde hij zich aan bij een onderwijsuitzendbureau. Sindsdien heeft hij op negen middelbare scholen lesgegeven. Nu werkt hij dus in Alkmaar, waar hij drie keer per week met de trein vanuit Lelystad naartoe reist.

De zomervakantie is begonnen voor de leerlingen uit het midden van het land. Scholen in het noorden gaan komende week dicht en in het zuiden de week dáárna. Daarmee sluiten scholen een jaar af dat in het teken stond van de gepensioneerde leerkracht. Want steeds vaker staan 65-plussers voor de klas.

Uit cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) blijkt dat in 2011 zo’n 280 gepensioneerden lesgaven op middelbare scholen. In 2015 waren dat er bijna twee keer zo veel: 593. Ook op basisscholen staan dubbel zo veel 65-plussers voor de klas. In 2011 waren het er 176, vorig jaar 347. Dat komt doordat er een tekort is aan (jonge) leerkrachten, zowel in basis- als voortgezet onderwijs.

Gat opvullen

Meesterbaan, een van de grootste vacaturesites voor leerkrachten, zag dit jaar het aantal vacatures met 60 procent toenemen ten opzichte van 2014. Eind maart van dit jaar stond de teller op 2.043 vacatures, vorig jaar rond dezelfde tijd waren dat er nog 1.268.

„Het gebeurt geregeld dat scholen gepensioneerde leerkrachten aantrekken om een gat op te vullen”, vertelt Martijn Dijkshoorn, oprichter van Meesterbaan. Bijna 8 procent van het ‘actieve bestand’ (1.294 leerkrachten) bestaat uit mensen die ouder zijn dan 65 jaar. „Deze docenten zijn vrijwel altijd direct inzetbaar, vaak jong van geest en ze hebben veel ervaring.”

De gepensioneerden zijn bovendien hard nodig, want het lerarentekort zal de komende jaren toenemen. Zo raamt onderzoeksbureau Centerdata voor 2020 een tekort van circa 4.000 voltijdsbanen (fte) in het basisonderwijs. Op een totaal van 84.000 fte is dat een gat van bijna 5 procent. Niet overal is het tekort even nijpend. Vooral in de Randstad, maar ook in Limburg, hebben basisscholen behoefte aan meer meesters en juffen.

In het voorgezet onderwijs zien de problemen er anders uit. Daar is het tekort minder groot – in 2020 zal circa 1.000 fte niet zijn opgevuld, van de 56.000 fte in totaal; dat is een kleine 2 procent. Het probleem spitst zich hier toe op bepaalde vakken. Zo is het nu moeilijk leerkrachten te vinden voor natuurkunde, scheikunde, wiskunde, informatica, klassieke talen en Frans.

Bevlogen man

Het Van der Meij College in Alkmaar had moeite een docent wiskunde te vinden met de vereiste bevoegdheid. Directeur Maud Croes kwam Gerard Jonker tegen op Meesterbaan. „Een heel bevlogen man, die ontzettend betrokken is bij de school. Van zijn leeftijd merk je weinig.”

Leerlingen kochten voor Jonkers verjaardag een taart, vertelt Croes trots. Ze heeft gevraagd of hij volgend schooljaar weer twaalf uur in de week les komt geven. Want een oplossing voor de langere termijn „is er nog niet”. Het gebrek aan docenten houdt nog wel even aan, vreest Croes.

Een complex aan factoren veroorzaakt het tekort aan leerkrachten. Door de vergrijzing nemen veel mensen afscheid van het onderwijs. Weliswaar daalt het aantal leerlingen, maar dat vermindert het probleem nauwelijks; er komen ook minder studenten op de pabo af. Dat komt doordat de toelatingseisen strenger zijn geworden.

Bovendien is het beroep van leerkracht niet populair bij studenten, vertelt Kees Jansen, adviseur van Verus, een vereniging voor katholiek en protestants christelijk onderwijs waarbij ruim 4.000 scholen zijn aangesloten. „Het beroep heeft minder aanzien dan vroeger.” Daar zijn de huidige docenten ook debet aan, zegt hij. Er wordt veel geklaagd in het onderwijs, zegt hij. Over werkdruk, salaris, mondige ouders. „Terwijl het zo’n mooi en belangrijk vak is.”

Jansen vertelt dat hij soms leerkrachten in slordige kleding ziet. Misschien zoeken ze zo aansluiting bij scholieren, misschien zijn ze ongemotiveerd. „En dan denk ik: je bent niet een van de leerlingen, je bent docent, onderscheid je, heb gezag. Verhoog je status, trek iets fatsoenlijks aan en laat zien wie je bent.” En: dien als voorbeeld. „Zorg ervoor dat leerlingen denken: ik wil later ook leerkracht worden.”

Jansen hoopt dat de gepensioneerde leerkrachten wel zo’n voorbeeldrol hebben. „Het zijn vaak mensen met overwicht voor wie leerlingen ontzag hebben. En die laten zien dat je zelfs na je 65ste nog met plezier voor de klas kan staan.”

Bedrijfsleven

Toch speelt nog een ander element. Vooral afgestudeerden in richtingen waar wis-, natuur- en scheikunde de boventoon voeren, kiezen eerder voor een carrière in het bedrijfsleven. „Dat verdient veelal beter”, zegt Jansen. „En het heeft meer aanzien.”

Gerard Jonker koos ook eerst voor het bedrijfsleven, waar hij zich dertig jaar lang, in allerlei functies, bezighield met neurologische apparatuur. Toen hij 56 jaar werd, koos hij uit idealisme voor een carrière in het onderwijs, als docent wiskunde.

Dat was niet heel makkelijk. Het duurde vier à vijf jaar voor hij zijn draai had gevonden. „Je moet goed met leerlingen kunnen omgaan. Dat staat eigenlijk boven de bekwaamheid in je vak”, vertelt Jonker. „Pas als er contact is, kun je ze iets leren.”

Volgens Jonker is dat voor bètaleerkrachten die net voor de klas staan wel eens lastig. Die docenten zijn misschien iets minder sociaal vaardig en zeer gefocust op het overdragen van de stof. „Terwijl veel scholieren helemaal niet staan te springen om het vak wiskunde. Daar lopen nieuwelingen soms op stuk. Nee, je moet het wel écht willen, leerkracht zijn.”

Jonker merkt dat zijn leeftijd in zijn voordeel werkt. „Omdat ik ouder ben, zien jongeren mij niet als concurrentie. Bovendien laat ik me niet overrulen.”

Het is wel eens gebeurd dat leerlingen hem uit z’n tent probeerden te lokken, door bijvoorbeeld op hun mobieltje een schaars geklede vrouw te tonen. „Dan denken ze dat ik schrik”, zegt hij lachend. „Ik blijf dan heel rustig en zeg ‘goh, mooie meid’, en dan druipen ze af.”