Sturen met je ballen

Er is heel wat te doen geweest over de succesvolle afdaling van Chris Froome naar de finish in Bagnères-de-Luchon, afgelopen zaterdag. Hij die erom bekend stond moeizaam te dalen pakte uitgerekend in de afdaling een kwart minuut winst. Terwijl Nairo Quintana op de top van de Peyresourde op zijn gemak een bidonnetje aannam, zette Froome de sokken erin.

Ik had graag een close-up gezien van het smoelwerk van Quintana. Het barnstenen gelaat moet iets of wat vertrokken zijn geweest, maar de cameraman kon niet overal zijn.

Froome liet zich vallen alsof er geen gevaar bestond. Hij legde de edele delen op het frame; zijn ellebogen bevonden zich ver achter zijn schouderbladen. Het is niet de eerste keer dat een renner zich in deze houding laat vallen. Waarom zijn wij hier nooit opgekomen, vroeger, zo vroeg ik me vaak af.

Hoe dichter het scrotum tegen het asfalt schurkt, hoe minder de luchtweerstand. En hoe lager het zwaartepunt, hoe veiliger de route. Waarmee ik overigens niet beweer dat Froome over extra zware ballen beschikt.

Ik herinner uit ‘mijn’ tijd dat Pedro Delgado een nieuwe daaltechniek introduceerde. Volgens mij was het tijdens exact dezelfde afdaling naar Bagnères-de-Luchon. Delgado legde, ver voorover hellend, zijn neus ongeveer op de voorband. Efficiënt, maar het vroeg om een acrobatische beheersing van de hamstrings. Froome had het een stuk makkelijker, zittend op de stang.

Froome incasseerde ook kritiek. „Een slecht voorbeeld voor de jeugd”, zei mijn generatiegenoot Eddy Planckaert op de Vlaamse televisie. De jeugd imiteert klakkeloos. Froome zelf twitterde een don’t-try-this-at-home-boodschap de wereldgewelven in. Maar of het gemeend was?

Het was sowieso te laat. Ik zag een filmpje op het internet waarop een zesjarig knulletje in een geel truitje zijn onvolgroeide testikeltjes op de stang wierp om serieus aan snelheid te winnen. Het zou me niet verbazen als het de vader was die dit alles met zijn smartphone heeft vastgelegd.

Ik zou zeggen, zolang de balletjes in de juiste hoek ten opzichte van de ellebogen blijven is veiligheid redelijk gewaarborgd. Het zijn de testikels, die als een secundair evenwichtsorgaan, de renner in het juiste spoor houden. Afdalen is sturen met je ballen, zo was het een eeuw geleden, zo is het nog steeds.

Goed, Froome reed een fantastische afdaling met het scrotum laag tegen de grond. Ik genoot ervan; mijn edele delen stuurden mee.

Maar ik haakte af toen hij begon bij te trappen, zittend op een virtueel zadel op de fietsstang. Technisch was het wellicht vernieuwend, visueel liep ik een blauwtje. Froome zat met veel te lange en veel te kromme poten op een driewieler uit zijn kindertijd.

Het is aan de goden ongerijmdheid te bestraffen.

Peter Winnen is oud-profwielrenner en schrijver.