Portugezen geloven weer in zichzelf

Europees kampioen

De Portugese voetballers zijn als helden onthaald. ‘We zijn in staat moeilijkheden te overwinnen’

Foto Rafael Marchante/Reuters

De Portugezen zijn er niet aan gewend winnaar te zijn. Jarenlang waren zij een van de probleemgevallen van Europa, de losers die door andere EU-landen op de vingers werden getikt omdat ze hun economie niet op orde hadden.

Nu is alles anders. De spelers van het nationale elftal werden maandagmiddag als de nieuwe nationale helden onthaald. De Portugezen zijn nu, eventjes, winnaars. „We zijn de besten van Europa. We hebben laten zien uit welk hout we zijn gesneden: veerkrachtig, eendrachtig, in staat om alle moeilijkheden te overwinnen”, zei president Marcelo Rebelo de Sousa.

De 1-0 overwinning op en in Frankrijk heeft een enorme euforie losgemaakt. Twaalf jaar geleden was Portugal als gastland op het EK de verliezer in de finale. Nu waren de Portugezen degenen die het gastland het nakijken gaven. „Ik heb hier zo lang naar uitgekeken, eigenlijk al sinds 2004”, zei Cristiano Ronaldo zondagavond, met de beker in zijn handen. Toen was hij 19 jaar en huilde hij van verdriet. Nu had hij tranen in zijn ogen van vreugde.

De Portugezen vieren het succes in Parijs als een mijlpaal in hun geschiedenis. Voor even is de economische ellende van de afgelopen jaren vergeten. ‘Trots’ is een woord dat maandagmorgen vaak terugkwam in de kranten. Van verschillende kanten is voorspeld dat een overwinning op het Europees Kampioenschap een forse stimulans zou betekenen voor de Portugese economie. Een berekening kwam uit op een economisch voordeel van 600 miljoen euro. Maar de morele waarde van de titel lijkt vele malen belangrijker.

De manier waarop van Frankrijk werd gewonnen, speelt daarbij ook een rol. De wijze waarop het elftal in de finale bleef vechten na het wegvallen van de geblesseerde Ronaldo was ongekend. De angst van de Portugezen dat hun ploeg zonder hun ster als los zand uiteen zou vallen, bleek ongegrond. ‘Eternos’ luidde de kop waarmee de krant O Jogo de spelers en coach Fernando Santos eeuwigheidswaarde gaf.

De vaak wat melancholieke herinnering aan zijn glorietijd als mondiale grootmacht, eeuwen geleden, speelt onderhuids vaak in Portugal. In 2004 leek het moment gekomen voor de bekroning van een nieuwe bloeiperiode. De economie verrichtte wonderen en FC Porto mocht zich als winnaar van de Champions League de beste club van Europa noemen. Portugal zou zich tijdens het EK in eigen land presenteren als grootmacht.

Het werd een enorme sportieve deceptie. En na de financiële en economische crisis kwam een nieuwe klap. Wat voor sommigen het ‘Portugese economische wonder’ was, bleek gebouwd op drijfzand. Het land kwam in een diepe crisis terecht. De Banco Espirito Santo, in 2004 nog een trotse sponsor, bleek een bron van ellende en stortte in elkaar. Veel hogeropgeleiden vertrokken naar het buitenland, murw geslagen door de aanhoudende impasse. De achtergebleven bevolking kromp en vergrijsde.

Nu maakt een land dat jarenlang onder een sombere deken van bezuinigingen en haperende groei heeft geleefd, een uitbarsting van vreugde en zelfbewustzijn mee. Cristiano Ronaldo: „Dit is een trofee voor alle Portugezen, alle emigranten, al de mensen die in ons hebben geloofd.” Na deze EK zijn de Portugezen ook weer meer in zichzelf gaan geloven.