ICC verwijst Oeganda en Djibouti door naar VN

Beide landen pakten de Soedanese president Bashir niet op toen hij op staatsbezoek was.

De Soedanese president Omar al-Bashir woont een iftar bij met koptische christenen. Foto Ebrahim Hamid / AFP

Het Haagse Internationaal Strafhof (ICC) heeft de regeringen van Oeganda en Djibouti doorverwezen naar de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Dit omdat de Soedanese president Omar al-Bashir niet werd gearresteerd tijdens een staatsbezoek aan die landen, een internationaal arrestatiebevel ten spijt. Dat heeft het ICC dinsdag bekendgemaakt.

Oeganda en Djibouti hebben allebei het Statuut van Rome ondertekend, waarmee ze bij het ICC zijn aangesloten. Derhalve zijn ze verplicht om arrestatiebevelen te volgen. Bashir bezocht de landen in mei. De Soedanese president wordt verdacht van oorlogsmisdaden, genocide en misdaden tegen de menselijkheid.

Arrestatiebevel vaker genegeerd

Ondanks het arrestatiebevel heeft Bashir de afgelopen jaren tal van Afrikaanse landen bezocht. Vorig jaar reisde hij nog zonder problemen naar Zuid-Afrika, eerder deed hij Egypte, Tsjaad, China, Saoedi-Arabië en Qatar aan. Die naties weigeren het Soedanese staatshoofd op te pakken en uit te leveren omdat het ICC “een racistisch vehikel” zou zijn.

Het Strafhof heeft namelijk tot nu toe alleen Afrikaanse verdachten aangeklaagd (hoewel sinds vorig jaar openlijk wordt opgeroepen om de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un voor het ICC te slepen). Bashir zegt dat het hypocriet is dat hij wordt aangeklaagd voor genocide in Darfur, terwijl “duidelijke misdaden in Palestina, Afghanistan en Irak hun weg niet vinden naar het Internationaal Strafhof”. Hij wordt in deze houding gesteund door veel Afrikaanse en Arabische bondgenoten, die graag zouden zien dat westerse leiders voor het hof zouden worden gedaagd.

En dan?

En dan kan het ICC weinig doen, behalve eerdere oproepen herhalen. NRC-Afrikaredacteur Wim Brummelman schreef eerder:

“Het Strafhof heeft geen eigen politiemacht om verdachten op te pakken en is dus afhankelijk van andere landen. De huidige hoofdaanklager, Fatou Bensouda, klaagt herhaaldelijk in rapporten aan de VN-Veiligheidsraad over gebrek aan hulp bij het oppakken van Bashir.”

Genocide

Al sinds 2009 wordt Bashir gezocht door het ICC op verdenking van genocide in de regio Darfur. In het gebied vecht een rebellenbeweging sinds 2003 tegen het regeringsleger omdat ze vindt dat Bashir de niet-Arabische bevolking in het gebied onderdrukt en discrimineert. De strijd heeft aan 200 tot 400 duizend mensen het leven gekost, hoewel Bashir spreekt van hooguit 10.000 doden.

Bashir was het eerste zittende staatshoofd tegen wie een arrestatiebevel werd uitgevaardigd door het ICC. Volgens hoofdaanklager Luis Moreno-Ocampo stond Bashir aan het hoofd van een plan om drie belangrijke etnische groepen in Darfur (de Fur, de Masalit en de Zaghawa) te vernietigen met een campagne waarin moord, marteling, verkrachtingen en deportaties niet werden geschuwd. De NAVO en Amnesty International steunen het arrestatiebevel.