Hof: China heeft geen ‘historisch’ recht op Zuid-Chinese Zee

Internationaal hof in Den Haag oordeelt dat China juridisch gezien geen aanspraak kan maken op het grootste deel van de Zuid-Chinese Zee.

Een pro-Filippijnse activist dinsdag bij een demonstratie voor het Chinese consulaat in de Filippijnse hoofdstad Manilla. Foto AFP / Ted Aljibe

China kan juridisch gezien geen aanspraak maken op het grootste deel van de Zuid-Chinese Zee, zoals het al decennia lang doet. De historische gronden die China hiervoor aanvoert hebben geen rechtskracht, aldus een tribunaal van het Permanent Hof van Arbitrage in Den Haag dinsdagochtend.

Het tribunaal, dat valt onder de Verenigde Naties, stelde eveneens vast dat China niet het recht heeft om rond minuscule koraaleilandjes, die het heeft opgehoogd en uitgebreid een exclusieve economische zone van 200 mijl uit te roepen. Bij een van de atollen, Reed Bank, schond China ook de soevereine rechten van de Filippijnen, constateerde het Hof.

China had vooraf al verklaard de rechtsmacht van het tribunaal niet te erkennen en een uitspraak te zullen negeren. Die uitspraak is echter bindend, al beschikt het Permanent Hof van Arbitrage niet over middelen om die af te dwingen. In een eerste reactie noemde het de uitspraak „slecht gefundeerd”.

Voor Beijing betekent de uitspraak niettemin belangrijk gezichtsverlies in de internationale arena. Het kan nu door zijn tegenstanders worden afgeschilderd als een land dat zich niet bekommert om de internationale rechtsorde. De uitspraak geeft vooral kleinere landen in de regio zoals de Filippijnen, Vietnam en Brunei een steun in de rug. Ook Japan, Indonesië en de Verenigde Staten volgden de uitspraak met argusogen.

Lees ook: Vissers en veroveraars op de Zuid-Chinese Zee, een reportage van onze correspondent in China Oscar Garschagen, die een visje meeat in Tanmen.

Belangrijk strategisch gebied

De uitspraak is van groot belang om dat het om een zeer strategisch gebied gaat, waar veel koopvaardijschepen doorheen varen. Behalve de Filippijnen en China maken onder meer ook Vietnam en Brunei aanspraak op delen van de zee, zowel uit territoriale overwegingen als om er te vissen en olie en gas te winnen uit de zeebodem. De claims raken vooral de Spratly-eilanden en de Paracellen.

De Filippijnen wendden zich in 2013 tot het Hof van Arbitrage omdat China in strijd met het internationale zeerechtverdrag zou handelen. Zowel de Filippijnen als China is daarbij partij. Manila stoorde zich aan de agressieve wijze waarop China de laatste jaren zijn machtspositie in de Zuid-Chinese Zee probeerde te versterken.

Dat deed China onder meer door rotspunten en atollen op te hogen en te vergroten tot kleine eilandjes, waarna het een exclusieve economische zone voor zich opeiste rond dit ‘territorium’. China maakt bovendien aanspraak op bijna de hele Zuid-Chinese Zee op grond van een omstreden lijn rond negen punten in de zee.

Niet voor niets had China vooraf uit alle macht geprobeerd steunbetuigingen van andere landen te krijgen voor zijn standpunt dat het de soevereiniteit heeft over vrijwel de hele Zuid-Chinese Zee. Volgens Beijing zou het daarbij gaan om zestig tot zeventig landen. Slechts een handjevol heeft dat echter openlijk bevestigd.

Met spanning wordt nu uitgekeken naar de volgende stap van China. Juist de laatste dagen hield het uitgebreide militaire oefeningen in de Zuid-Chinese Zee. Ook de VS hebben echter een vliegdekschip naar het gebied gestuurd.