Autohomofobie

‘Waarom doe je dit?” „Ik ben homo, daarom doe ik dit.”„Ik smeek je dit niet te doen.”„Het is te laat, ik moet vermoorden wat ik haat, omdat dat is wie ik ben.”„Ik begrijp het niet???” „Ik ben homo, ik haat mezelf en daarom doe ik dit.” De nepcorrespondentie tussen Orlando-schutter Omar Mateen en zijn vrouw 

‘Waarom doe je dit?” „Ik ben homo, daarom doe ik dit.”„Ik smeek je dit niet te doen.”„Het is te laat, ik moet vermoorden wat ik haat, omdat dat is wie ik ben.”„Ik begrijp het niet???”

„Ik ben homo, ik haat mezelf en daarom doe ik dit.”

De nepcorrespondentie tussen Orlando-schutter Omar Mateen en zijn vrouw stond vorige week nog maar net op internet, of meerdere grote kranten hadden haar al overgenomen. Ze dachten dat eindelijk was verklaard waarom Mateen op 12 juni 49 mensen doodde in homoclub Pulse.

De honger naar informatie over Mateens motieven is nog altijd niet gestild. De FBI zegt geen bewijzen te hebben gevonden dat hij gay-datingapps gebruikte. Laat staan dat Mateen homo’s vermoordde omdat een van zijn partners hiv-positief was, zoals een vermomde man in een tv-interview beweerde.

Zelf speur ik ook om de paar dagen internet af op zoek naar aanwijzingen. Geeft het rust als je via een reconstructie in het hoofd van een moordenaar kunt kijken? Niet echt. Maar als je weet wat zijn motieven waren, voelt de wereld veiliger.

Ik besluit te bellen met de gerenommeerde Amerikaanse psycholoog Glenda Russell, die onderzoek deed naar autohomofobie: de angst voor verdrongen homoseksuele componenten in de eigen persoonlijkheid. Heeft zij aanwijzingen dat Mateen homoseksuelen neer maaide omdat zij hem confronteerden met een deel van zichzelf dat hij verachtte?

Russell kiest haar woorden zorgvuldig. Ze zegt dat het tegen haar beroepscode is te praten over iemand die zij nooit heeft ontmoet. „Maar sinds de tragedie heb ik vaak moeten denken aan een uitspraak van de Zuid-Afrikaanse vrijheidsstrijder Steve Biko: het machtigste wapen in handen van de onderdrukker is de geest van de onderdrukten.”

Volgens Russell gaan mensen die zich minderwaardig voelen, daarnaar leven. „Dat gold voor de zwarten die zich moesten bevrijden van het blanke juk. Dat geldt ook voor homoseksuelen in het hedendaagse Amerika. Zij lopen voortdurend tegen vooroordelen aan. Het kost hun grote moeite die negatieve boodschappen naast zich neer te leggen. Dat kan tot depressie, overmatig drugsgebruik of suïcidepogingen leiden. En, in extreme gevallen, tot moord.”

Russell praat liever over autohomofobie als maatschappelijk fenomeen dan over de rol die dit kan hebben gespeeld bij Omar Mateen. De enige reden waarom ze het onderwerp in de context van diens daad bespreekt, is dat het zonder actuele aanleiding niet snel door mainstream media wordt opgepikt.

Wat haar opviel aan Mateen: hij maakte deel uit van meerdere groepen die in de VS gediscrimineerd worden. Dat hij homo was of een conflict had over zijn seksualiteit is niet bewezen. „Wel dat hij moslim was en kind van een immigrant. Het is belangrijk te erkennen dat Mateen door meerdere aspecten van zijn persoonlijkheid en achtergrond met vooroordelen te maken kreeg.”

Welke les moeten we volgens haar uit ‘Orlando’ trekken? „We kunnen ervan leren dat vooroordelen serieus genomen moeten worden. Racisme, islamofobie, homofobie, xenofobie, misogynie… ze leiden tot autofobieën die levens verwoesten, op tal van manieren.”

Het gesprek stelt me niet gerust. Noch het feit dat Russell „niet erg optimistisch” is dat er ooit een antwoord komt op de vraag waarom Mateen tot zijn gruwelijke daad kwam.