Wie wit is, is blind voor zwarte mensen

Opinie “Dag in, dag uit voelen wij ons onmachtig om onze zwarte levens te laten tellen”, schrijft Michael Eric Dyson na de schietpartij in Dallas.

REUTERS/Shannon Stapleton

Wij, zwart Amerika, zijn een volk van bijna 40 miljoen zielen in een land met meer dan 320 miljoen mensen. En ik ben bang dat het nog nooit zo duidelijk is geweest dat jullie, wit Amerika, altijd moeite zullen hebben om ons te begrijpen. Net als jullie denken wij niet allemaal hetzelfde, voelen wij niet hetzelfde, en beminnen, leren, leven of sterven wij zelfs niet hetzelfde. Maar over één ding zijn de meesten van ons het wel eens: we willen niet dat bij een vreedzame betoging politieagenten worden afgeknald. We willen ook niet dat politieagenten ons doodschieten zonder de angst dat ze ooit voor een jury komen.

Ik ben bang dat het nog nooit zo duidelijk is geweest dat jullie, wit Amerika, altijd moeite zullen hebben om ons te begrijpen.

Vorige week was een week van geweld met daarin de tragische dood van twee zwarte mannen door toedoen van de politie – Alton B. Sterling en Philando Castile – met een vreselijke aanslag in Dallas op politieagenten wier namen we nog maar net hebben leren kennen.

Naar aanleiding van deze doden en de betogingen eromheen zeggen jullie, wit Amerika, dat zwarten elkaar dagelijks vermoorden zonder dat er ook maar een woord wordt gemompeld, terwijl wij daverend protesteren als een paar politieagenten, meestal blank maar niet altijd, zwarten doodschieten die jullie toch vooral als ‘misdadigers’ zien.

Dat zo’n beschuldiging onzinnig is, doet bijna niet ter zake. Zwarte mensen protesteren, tegen elkaar, tegen een wereld die grotendeels weigert aan te horen dat het afschuwelijk is wat er in zwarte gemeenschappen in dit land gebeurt, zoals dat in elke wijk het geval zou zijn waar geen geld en geen hoop meer is – ontdaan van goede scholen en beroofd van sociaal-economische buffers tegen gewelddadigheid. We kunnen allemaal dezelfde filmpjes zien. Maar jullie houden vol dat de camera niet het hele verhaal vertelt. Natuurlijk hebben jullie gelijk, maar jullie willen dat verhaal ook niet echt zien of horen.

Bij de geboorte krijgen jullie een verrekijker waarmee jullie het zwarte leven van een afstand bezien, nooit met het weefsel van de intimiteit.

Het probleem is dat witte mensen niets anders willen weten dan wat ze al denken te weten

Die verrekijker is een voorrecht; hij geeft status, ongeacht jullie klasse. Eigenlijk is het grootste voorrecht dat er bestaat dat witten door een agent kunnen worden aangehouden en het na afloop nog kunnen navertellen. Die verrekijker bestaat ook uit de verhalen, de nare verhalen, vooringenomen verhalen, schadelijke verhalen over dat zwarten lui of dom zijn, of gehaaid of immoreel, mensen die ook door de beste scholen of zelfs God zelf niet te helpen zijn. Deze overtuigingen halen niet de hedendaagse boeken of de meeste klaslokalen. Maar ze worden – informeel – wel doorgegeven van de ene witte geest naar de volgende.

Het probleem is dat jullie niets anders willen weten dan wat jullie al denken te weten. Jullie kennis van het zwarte leven, van de ontberingen waar wij voor staan en ja, die wij zelf wel eens scheppen en waar wij ons meestal doorheen slaan, daar houden jullie je niet zo mee bezig. Jullie vinden dat wij alles cadeau hebben gekregen omdat we ons hebben verzet tegen de zelfzuchtige hardnekkigheid waarmee jullie menen dat de hele wereld – al haar middelen, al haar rijkdommen, al haar overvloed, al haar genade – in de allereerste plaats aan jullie toekomt en als er dan nog iets over is, nou ja, dan mogen wij ook wel iets hebben, maar alleen als we het beleefd vragen en ons dankbaar gedragen.

Wie wit is, is blind. Die wil niet zien wat hij niet weten wil. Als jullie ons niet kennen, weigeren jullie ons ook aan te horen, omdat jullie niet geloven wat wij zeggen. Jullie hebben besloten dat het nu genoeg is geweest. Als de politie ons zonder goede reden dood moet schieten, dan moet dat maar, want de meesten van ons zijn toch schuldig. Als een doodgeschoten zwarte onschuldig blijkt, is dat een aanvaardbaar slachtoffer, een offerande.

Als de politie ons zonder goede reden dood moet schieten, dan moet dat maar, want de meesten van ons zijn toch schuldig.

Dallas werd donderdagavond getroffen door terreur. Onbeschrijflijke terreur. Terreur is ons niet onbekend. Jullie maken ons bang om over straat te lopen, want elk ogenblik kan een agent in het blauw zich met een pistool op ons storten en ons van het leven beroven en dan zeggen dat dit kwam omdat we sigaretten of cd’s verkochten, of te hard ademhaalden naar jullie smaak, of te agressief praatten naar jullie zin. Of renden of stilstonden of iets terugzeiden of zwegen of niet snel genoeg deden of niet deden wat jullie zeiden.

Naar aanleiding van deze doden worden deze agenten niet door jullie allemaal veroordeeld; daartoe zouden jullie de cultuur moeten veroordelen die hen heeft voortgebracht – dezelfde cultuur die jullie heeft voortgebracht.

Dag in, dag uit voelen wij ons onmachtig om onze zwarte levens te laten tellen. We voelen ons onmachtig om jullie ervan te overtuigen dat onze zwarte levens behóren te tellen. We kunnen jullie niet haten, niet echt, de meesten van ons niet; dat is ons geschenk aan jullie. We kunnen jullie niet tegenhouden; dat is onze vloek.