Als je je grote broer uitdaagt

Bij haar thuis afspreken durft Corrie niet, want wat ze me wil vertellen heeft ze nog nooit aan haar man verteld en het zou de familieverhoudingen geen goed doen als hij meeluisterde. We zitten dus met een kopje koffie ergens in een lunchroom. De plaats houd ik op Corrie’s verzoek geheim, en in werkelijkheid heet ze natuurlijk ook geen Corrie. Openhartigheid is soms alleen mogelijk als je

Foto NRC

Jannetje Koelewijn (j.koelewijn@nrc.nl) vervangt Jutta Chorus in de wisselcolumn met Tom-Jan Meeus. Foto NRC

Verbaast haar verhaal me?

Geen ogenblik. De vorige keer heeft ze me verteld hoe ze op haar veertiende van school was gehaald: vader dood, moeder ziek, acht kinderen, zij moest de huishouding gaan doen, en ze werd uit werken gestuurd, schoonmaken bij mensen in Blaricum en Laren, voor 25 gulden in de week. Ze mocht er nog geen dubbeltje van houden. En als haar oudste broer op zaterdagavond uit wenste te gaan, haalde hij haar uit haar bed om zijn kleren nog een keer te strijken.

„Je broer”, zeg ik nog voordat Corrie over hem begint. „Maar nooit op zaterdagavond”, zegt ze. „Hij deed het als ik ’s morgens de jongenskamer opruimde. De andere broers waren dan al naar beneden en hij stond me achter de deur op te wachten.”

Als het te lang duurde, riep haar moeder: ‘Schele, waar blijf je?'

Tegen de wastafel, tegen de vensterbank, op de rand van een van de bedden. Als het te lang duurde, stond haar moeder onder aan de trap te roepen. ‘Hé, schele, waar blijf je?’ Corrie had een lui oog.

Eerder had hij het met haar zuster Annie gedaan, tot die van huis was weggelopen. Maar daar kwam Corrie pas jaren later achter, toen Annie op een zondagmiddag opeens had gezegd dat ze naar de politie zou gaan. Die vuile hufter, hij moest nu maar eens voelen hoe hij haar leven verpest had. Annie en Corrie waren samen op bezoek bij hun moeder, die meteen begon te huilen en riep dat het Annie’s eigen schuld was geweest. Een jongen doet zoiets alleen als hij wordt uitgedaagd. En Corrie? Wat zei Corrie? Dat haar broer ook met háár..?

„Dat durfde ik toen niet meer”, zegt ze. „En ik heb mijn zuster gesmeekt om er geen werk van te maken. Annie, zei ik, Annie, luister, als je dat doet, stort je ons allemaal in het ongeluk, jezelf nog het meest, want hoe ga je het bewijzen?” En Annie had geluisterd.

Na het derde kopje koffie vraag ik aan Corrie of ze ooit zwanger was geraakt. „Ja”, zegt ze. „Het was een kindje zonder hersenen.” Haar moeder was niet bij haar komen kijken in het ziekenhuis. De gynaecoloog had Corrie daarna de anticonceptiepil voorgeschreven. Het was 1967.

Wordt vervolgd.