Vissers en veroveraars

Bij zijn sluipende annexatie van eilanden in de Zuid-Chinese Zee maakt China handig gebruik van de vissersmilities. Zo kan de marine een directe confrontatie vermijden. Onze correspondent eet een visje mee in Tanmen. „Als ons land ons nodig heeft, komen wij in actie.”

Boven: Chinese baggerschepen spuiten land op op Mischief Reef in de Spratly-archipel. Satellietfoto van Geheel rechts: leden van de vissersmilitie in Tanmen, met in het midden president Xi. Foto DigitalGlobe/Getty Image

Kapitein Feng Ruibo is net terug in de haven van een reis van acht weken. De pezige visser uit Tanmen, op het Chinese eiland Hainan, heeft voor een vermogen aan barracuda, kreeft , zeebaars en tonijn gevangen. Maar vooral heeft hij zijn land geholpen, zegt hij trots. Feng behoort tot de zogeheten ‘vissersmilities’, de paramilitaire armada die China helpt zijn territoriale eisen in de Zuid-Chinese Zee kracht bij te zetten.

„Dit is altijd al onze zee geweest”, zegt de 63-jarige kettingroker, terwijl hij met het zilveren kruisje aan zijn gouden nekketting speelt. „Mijn opa’s opa en diens opa visten daar al. Wij zagen daar vroeger nooit Filippijnse of Vietnamese vissers. Die komen daar pas een jaar of tien.”

In de Zuid-Chinese Zee loopt de spanning weer op in afwachting van een vonnis van het Permanent Hof van Arbitrage, dinsdag in Den Haag. De Chinese vloot houdt oefeningen bij de strategisch gelegen eilanden, riffen en zandbanken die ook Maleisië, Vietnam, Indonesië, Taiwan en de Filippijnen tot hun eigen grondgebied rekenen.

Rond de Spratly-en Paracel-eilanden is olie en gas te winnen en lopen de belangrijkste scheepvaartroutes van Azië. De Verenigde Staten, die zich beschouwt als bewaker van open zeeën, en hun bondgenoten beantwoorden de Chinese opmars met steeds frequentere patrouilles. Dat heeft geleid tot confrontaties. De Chinese vissers spelen daarbij steevast een hoofdrol.

‘Maritieme frontsoldaten’ noemt de Chinese president Xi ze trots, en ‘dappere verdedigers van de Chinese soevereiniteit’. ‘Blauwe mannetjes’ zeggen anderen; een verwijzing naar de ‘groene mannetjes’, de ongeregelde soldaten die Rusland in 2014 hielpen de Krim te annexeren. De Tanmense vissers zijn altijd in de voorste linies van de conflicten te vinden.

Met het inzetten van de ‘vissersmilities’ kunnen de Chinese autoriteiten hun territoriale eisen kracht bij zetten, zonder militaire escalatie, zegt Zhang Honghzou, hoogleraar internationale studies in Singapore. „De Chinese marine en kustwacht mijden gewoonlijk directe confrontaties, de vissers juist niet. Dat is de kern van de Chinese tactiek.”

Feng Ruibo is een van de duizenden vissers die na een lange zeereis in Tanmen is teruggekeerd om het met zijn familie het Drakenbootfestival te vieren, het nationale feest rond de langste dag van het jaar.

Waarschuwingen

„Goed verdiend, geen ongelukken, geen problemen met de Filippijnen en de Vietnamezen”, zegt hij op het terras van restaurant Bafang Haiwwei, Zee met Acht Richtingen. Feng kwam er voorrijden in een nieuwe witte BMW X3; de tijd dat Tanmen arm was is allang voorbij.

Van de spanningen zegt hij op zijn laatste tocht niets gemerkt te hebben. „Waarom zouden er problemen zijn?”, grijnst hij. „Ik zorg er altijd voor dat ik in Chinese wateren blijf, dat is het veiligst”.

Die ‘Chinese wateren’ zijn nu net de kern van het conflict. Voor China is het alle gebied binnen de zogeheten nine-dash-line, de ‘negen streepjeslijn’. Dat is de hoogst omstreden markeringslijn die sinds 1947 op Chinese zeekaarten staat en ruim 80 procent van de Zuid-Chinese Zee omvat. In dat gebied is China sinds 2014 zeer actief. Het heeft ten minste zeven eilanden en ondieptes opgespoten en er havens, landingsbanen en militaire installaties aangelegd. Op sommige ervan staat nu luchtdoelgeschut.

De Paracel Eilanden met het Chinese gehucht Sansha zijn vrijwel geheel in Chinese handen en de opmars in de Spratly Archipel is in volle gang. China staat op het punt om op de Scarborough Shoal land op te spuiten, harde waarschuwingen van de VS dat na te laten ten spijt. Beijing negeert ook het internationaal recht. Zo erkent het niet de bevoegdheid van het Permanent Hof van Arbitrage in Den Haag in een door de Filippijnen aangespannen zaak, waarover dinsdag uitspraak wordt gedaan. [zie kader].

China’s ‘nieuwe land’ wordt bestuurd vanuit het eiland Hainan. Het voormalige verbanningsoord is nu een toeristische tophit. Luxueuze appartementengebouwen vormen een nieuwe skyline achter de havens met varende visfabrieken, houten sloepen en rode nationale vlaggen. Hainan, is ook de thuisbasis van de nucleaire onderzeevloot en van Ghostnet, de cyberoorlog-eenheid van het Volksbevrijdingsleger.

Handkompas

Vissersbelangen en nationalisme vormen hier in Tanmen een lucratieve broederschap. Feng laat een antiek handkompas ter grootte van een kloeke appel zien, een erfstuk van zijn opa , die nog op houten jonken voer. „Waterschaarste was hun grootste probleem. En orkanen”, zegt hij. Zijn vader stapte over op een houten motorschip, waarvan er nog veel varen. Zelf heeft Feng sinds drie jaar een stalen trawler, met de modernste apparatuur.

Financiering was geen probleem; alle schippers van Tanmen zijn de afgelopen tien jaar rijk geworden nu de vraag naar vis in China is geëxplodeerd. Vissers betalen bovendien geen importbelasting als hun vis binnen de ‘negen streepjes-lijn’ is gevangen en krijgen brandstofsubsidies. Vissers als Feng, die de Chinese marine en kustwacht voorzien van inlichtingen over de Amerikaanse en andere buitenlandse marines, krijgen communicatieapparatuur grotendeels vergoed.

Dat is geen spioneren, zegt hij, maar het vervullen van een patriottische plicht, net als het vervoer van bouwmaterialen naar de Paracel en Spratly-eilanden. Op de heenweg naar de visgronden heeft hij vaak cement, staal en hout aan boord. „Als ons land ons nodig heeft, komen wij in actie, dat is heel normaal hier”, zegt hij.

Als de schalen kreeft, zeebrasem, inktvis en barracudasteaks leeg raken, begint kapitein Feng over ‘de mooiste dag van mijn leven’. Dat was op 8 april 2013, toen de nieuwe president en partijleider Xi Jinping de vissersstad aandeed. Xi prees de „moedige bijdragen van de Tanmense vissers” bij de verovering van Chinees zeegebied en de opbouw van Xisha (de Paracel-eilanden) en Nansha (de Spratly’s).

Op een huizenhoog aanplakbord op het belangrijkste kruispunt herinnert een foto van Xi met de belangrijkste kapiteins aan dat historische moment. Xi prees vooral de Tanmen Maritieme Militie, de paramilitaire organisatie van plaatselijke vissers.

Lezers van het Dagblad van Hainan weten dat Feng een hoofdrol speelde bij blokkades van Filippijnse vissers (2012), de omsingeling van een Vietnamees olieboorplatform (2014) en het hinderen van een Amerikaans fregat (2015).

Maar op het moment dat de vissersmilitie en zijn rol daarin ter sprake komt, staat Feng op, grist sigaretten en sleutels bij elkaar en vertrekt. Het plan om hem op zijn schip, de Qionghai Dongfang 200011, te fotograferen gaat niet door.

Patriottistische vissersverhalen vertellen is toegestaan, maar met een buitenlandse journalist praten over de vissersmilitie is blijkbaar te riskant.

Het is dat de Chinese staatstelevisie kort geleden nog een aandacht besteedde aan de geüniformeerde vissers, want in Tanmen zelf lijkt de organisatie van de aardbodem te zijn verdwenen na bezoek van internationale mediaorganisaties. Het kantoor van de militie bij het gemeentehuis is leeggeruimd, naamplaten zijn verwijderd, alleen de foto’s in de vitrines met de partijkranten bewijzen dat de Tanmen Maritieme Militie geen spookverschijning is.

Pas na drie dagen lukt het contact te leggen met een van de commandanten van Tanmen Maritieme Militie, kapitein Wang Shumao (59), partijlid. Van de provinciale propaganda-afdeling van de partij heeft hij toestemming om te praten met een buitenlandse journalist. Het mag echter alleen gaan over het ‘onomstotelijke feit’ dat de Zuid-Chinese Zee van China is, niet van de VS of hun nieuwe vrienden in Hanoi.

‘Kameraad Wang’ staat ook op de foto met Xi Jinping en is zelfs een ‘nationale modelwerker’, een titel die hij ontving voor zijn actie bij het Chinese olieboorplatform ‘981’ in Vietnamese territoriale wateren. Hij leidde een groep van tien Tanmense trawlers, die een ring rondom het boorplatform vormden om de Vietnamese kustwacht op afstand te houden. Dat incident dat leidde tot verdere verslechtering van de relatie tussen de communistische broeders China en Vietnam.

In de tactiek, zegt hoogleraar Zhang Honghzou, schuilt het voornaamste risico dat kleine incidenten in omstreden territoriale wateren kunnen uitgroeien tot internationale incidenten. „De vissers zijn onberekenbaar en maar tot op zekere hoogte controleerbaar door de Chinese autoriteiten, want het gaat hun ook om de visvangst. Als de meeste vis in door de Filippijnen of Vietnam geclaimde gebieden te vinden is, laten zij zich niet tegenhouden, het is wachten op een nieuw incident”.

Wang, een vriendelijke man met een gezicht vol littekens, vaart van jongs af aan en is sinds 1997 betrokken bij bouwactiviteiten in de Spratly-archipel, maar details wil hij niet kwijt. „Jullie van de media begrijpen niet dat milities een oude, traditioneel rol spelen in onze defensie, zelfs iedere school en universiteit heeft zo’n groep”, zegt hij. De Tanmen Maritieme Militie is er vooral ‘om China te beschermen’, niet om vissers en bezit van andere landen aan te vallen. De frequente trainingen van de geüniformeerde militie in de haven zijn bedoeld om vissers in moeilijkheden te kunnen redden en om de Tanmense bevolking te helpen bij orkanen. „Het verlenen van noodhulp is onze belangrijkste missie”, zegt hij de plaatselijke partijpers na.

Kapitein Wang is tegenwoordig vaker aan land te vinden: hij is lid van de organisatie die aan de haven het eerste Zuid-Chinese Zee-museum bouwt.

Dat museum gaat deel uit maken van een netwerk denktanks, het ministerie van Buitenlandse Zaken, experts en journalisten. Hun gezamenlijke boodschap: China is geen bullebak in de regio, maar juist slachtoffer. En: China heeft de Zuid-Chinese Zee nodig om zich te kunnen verdedigen tegen landen die China nog steeds klein willen houden, en tegen potentiële invallers. Want wie denkt dat het moderne China geen lessen heeft geleerd van de Japanse Agressieoorlog (1937-1945) en de negentiende-eeuwse Opiumoorlogen vergist zich. „Alle vijanden van de vorige eeuw vielen China vanaf de zee binnen”, zegt Wang. Hij legt zich nu toe op de collectie antieke zeekaarten, logboeken, modellen en vissersparafernalia voor het museum-in-aanbouw. „Dan kunnen toeristen uit binnen- en buitenland, die hier zeer welkom zijn, zelf zien waarom de Zuid-Chinese Zee van ons is en waarom wij nooit zullen opgeven”, lacht hij.