Vandaag in de Tour: over de zware Tourmalet (en nog drie pittige bergen)

Op vrijdag was de eerste bergetappe, maar vandaag is een stuk zwaarder met vier beklimmingen. Vallen de eerste beslissingen in het klassement?

Het peloton jaagt op een groepje vluchters in de etappe van vrijdag. Foto Jeff Pachoud / AFP

Vrijdag rolde het peloton de Pyreneeën al in, maar een hele zware bergetappe? Nee, dat was het niet. Een voorgerecht, zo konden we de rit over een klimmetje van vierde en een col van de eerste categorie noemen. Er ontstonden geen verschillen tussen de klassementstoppers, het Franse lievelingetje Thibaut Pinot daargelaten. De grootste opwinding voor hen was dat de boog op 1 kilometer van de finish het begaf. Vandaag het hoofdgerecht van het driegangenmenu in de Pyreneeën, waarvan het toetje morgen een rit is die bergop eindigt in Andorra.

Etappe 8: Pau - Bagnères-de-Luchon

De renners rijden deze zaterdag in totaal 184 kilometer, tussen twee plekken die regelmatig start- of aankomstplaats zijn in de Tour de France. Op het parcours liggen in totaal vier bergen. Net als vrijdag is de finish echter niet bergop.

De eerste zestig kilometer vormt het overwinnen van de zwaartekracht nog geen probleem voor de renners. Maar vanaf dan is er geen meter meer vlak. Het peloton klimt, of daalt af naar de volgende klim en uiteindelijk de finish.

Als eerste staat de zwaarste klim van de dag gepland: de Tourmalet. Geen enkele berg is vaker beklommen in de Tour dan deze puist van buitencategorie. Hij is 19,4 kilometer lang, met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,4 procent.

Op de top van de ruim 2.100 meter hoge berg valt voor de nummer één naast een hoop punten voor de bolletjestrui een leuke geldprijs te winnen: de Souvenir Jacques Goddet levert 5.000 euro op.

Daarna volgt een klim van de tweede categorie, de Hourquette d’Ancizan, waarvan de top op 64 kilometer van de streep ligt. In de finale zijn er dan nog twee bergen over, beide van eerste categorie. De Col de Val Louron-Azet is 10,7 kilometer lang en gemiddeld 6,8 procent.

De aanvallen zijn waarschijnlijk op de klim daarna te verwachten. De Col de Peyresourde is weliswaar maar 7,1 kilometer lang, maar gemiddeld bijna 8 procent. De top ligt op zo’n 16 kilometer van de aankomst. Dan rest alleen nog maar een snelle, technisch niet al te veeleisende afdaling naar Bagnères-de-Luchon.

Onze redacteur Maarten Scholten denkt dat, afhankelijk van het koersverloop, een klassementsrenner uit de tweede lijn weleens de etappe kan winnen:

“Erik Breukink won in 1987 een Pyreneeënrit die eindigde met een afdaling, toen naar Pau. Minder prestigieus dan een zege bergop? “Een klote-rit”, oordeelt Lucien Van Impe over de achtste etappe van zaterdag, met de Tourmalet (hors catégorie), d’Ancizan (2e), Val Louron Azet (1e) en Peyresourde (1e). Een rit met zoveel klimwerk verdient een aankomst bergop, vindt de zesvoudig bergkoning. Durven de echte favorieten in de afdaling naar Bagnères-de-Luchon niet op de limiet? Kans voor de Ier Dan Martin, die twee jaar geleden al eens de Ronde van Lombardije bergaf in zijn voordeel besliste.”