Opinie

Tijd voor een nieuw sociaal contract

De stof van Brexit daalt neer. Kim Putters, directeur SCP, duidt de betekenis voor Nederland en roept op tot een sociaal contract tegen polarisatie.

In 2012 zetten demonstranten in navolging van Occupy Wall Street een tent en protestborden op voor de beurs in Rotterdam. Foto Berlinda van Dam / Hollandse Hoogte

Net als de Engelsen zijn we redelijk tevreden over de kwaliteit van ons leven van vandaag, maar de verschillen tussen de bovenlaag en de achterblijvers zijn gegroeid. Velen verwachten niet dat de volgende generatie het beter krijgt en kijkt met toenemend wantrouwen naar politici en bestuurders. Zolang het leiderschap in politiek en bedrijfsleven geen visie toont op het tegengaan van deze polarisatie, zal dit pessimisme waarheid worden.

Nederland kende lange tijd een klassiek ‘sociaal contract’ tussen werknemers, werkgevers en overheden om structurele onrechtvaardigheden in de verdeling van inkomen, kennis en macht te voorkomen. De verzorgingsstaat verzekerde ons van zorg, bijstand of pensioen. Het politieke systeem garandeerde de vrije meningsuiting en een tolerante samenleving. De economie zorgde voor welvaart en groei. De politieke, maatschappelijke en economische instituties boden stabiliteit en zekerheid. Das war einmal. Het vertrouwen in dit oude ‘sociaal contract’ is verdwenen.

De verzorgingsstaat is ingeperkt om voorzieningen betaalbaar te houden en nabuurschap te bevorderen. De economie wordt internationaal gestuurd en robotisering ontneemt de middengroep banen. Migratiestromen en terreur brengen de veiligheid in gevaar. Politieke vrijheden worden getart door radicalisering en korte lontjes. Politici, bestuurders en ondernemers hebben de touwtjes steeds minder in handen. Hun besluiten lijken het belang van de bovenlaag te dienen. Achterblijvers slaan nu terug met een stem tegen de EU en tegen handelsverdragen zoals met Oekraïne of TTIP.

Onze kwaliteit van leven bevindt zich weliswaar op een veel hoger niveau dan een eeuw geleden, maar sommige groepen delen structureel minder mee in welvaart en welbevinden. Dat leidt tot polarisatie, wantrouwen en onrust. Zonder ankerpunten voor een nieuw sociaal contract lijkt maatschappelijk conflict onvermijdelijk.

Verbreed het welvaartsbegrip

Het eerste ankerpunt is een breder welvaartsbegrip. Economische groei is belangrijk om inkomen en koopkracht op peil te houden, maar richt zich nu te weinig op de kwaliteit van leven en geluk. Lager en middelbaar opgeleiden ervaren dat, ondanks economische groei, hun diploma’s worden ondergewaardeerd. Arbeidsmigranten en hoger opgeleiden nemen hun banen in. Lager opgeleiden zijn drie keer zo vaak werkloos en zitten vaker in tijdelijk werk dan hoger opgeleiden, die wel de voordelen van Europeanisering, globalisering en groei ervaren. Welvaart raakt steeds ongelijker verdeeld, het onbehagen groeit.

Overheid en bedrijfsleven zouden dan ook met voorrang een breder welvaartsbegrip moeten ontwikkelen. Sterk economisch beleid moet bijdragen aan de kwaliteit van leven. Dat is rechtvaardig als iedereen daarin meedeelt en niet alleen de bovenlaag. Het kan dus niet meer alleen gaan om aandeelhouderswinst, postbusbedrijven die belastingen ontwijken en niet duurzame productie. Marktposities en consumentenvertrouwen worden steeds meer bepaald door de bijdrage aan brede welvaart. Ondernemers moeten dat willen, de overheid moet het eisen.

Herijk de definitie van solidariteit

Het tweede ankerpunt is een herijkte definitie van solidariteit. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) signaleert al jaren maatschappelijke scheidslijnen. Jongeren die voor het pensioen of de zorg van ouderen meebetalen hebben weinig vertrouwen dat deze zaken er straks voor hen ook zijn. Turkse en Marokkaanse Nederlanders zijn drie keer zo vaak werkloos als Nederlanders van autochtone komaf met eenzelfde cv. De scheidslijnen langs leeftijd, opleidingsniveau en etniciteit verdiepen zich. Ze ondermijnen de onderlinge solidariteit.

Zoals gezegd, er is een herkenbaar nieuw sociaal contract met de samenleving nodig. Het oplopen van de pensioenleeftijd met de levensverwachting is een begin. We kunnen langer doorwerken, omdat we gezonder oud worden en dankzij betere arbeidsomstandigheden. Schaf ook de termen hoog- en laagopgeleid af: zet niet de opleiding centraal, maar het vak. Waardeer dat in inkomen, (om)scholingsmogelijkheden en status. Accepteer evenmin arbeidsmarktdiscriminatie op etniciteit of arbeidsbeperkingen. Waardeer naast betaald ook onbetaald werk: debatteer over een basisinkomen.

Nieuwe gedeelde cultuur: respect, tolerantie, bestrijding radicalisme

Derde ankerpunt is een gedeelde cultuur. Gescheiden werelden leiden tot gebrekkige identificatie en binding. Dat vertaalt zich naar verschillen in leefstijl, maar ook in uitsluiting. De teleurstelling over Nederland bij Turkse en Marokkaanse Nederlanders is groot. Het gevoel er niet bij te horen domineert, discriminatie-ervaringen nemen toe. De migratiestromen en de radicalisering onder een deel van de moslims maken de rest van Nederland tegelijkertijd angstiger.

Een nieuw contract moet gaan over respect, tolerantie en het bestrijden van radicalisme. Tijdens de verzuiling werd de oplossing voor maatschappelijk conflict gezocht in zelfregulering via katholieke ‘subsidiariteit’ en protestants-christelijke ‘soevereiniteit in eigen kring’. De huidige opkomst van Denk duidt op een groep die zeggenschap eist. Dit zou niet tot polarisatie, maar tot inclusie moeten leiden.

Meer democratie, minder politiek

Vierde ankerpunt is meer democratie en minder politiek. We ervaren steeds meer dat besluiten buiten ons om genomen worden, terwijl velen hoogopgeleid zijn, meer informatie en technologie hebben en het leven zelf kunnen regelen. Er is steeds minder herkenning in wat politici zeggen en doen en besluitvorming vindt deels ook nog eens internationaal plaats. Nóg meer reden om zoveel mogelijk beslissingsmacht dichtbij te organiseren. Niet meer politiek, maar meer zeggenschap.

Participatieve democratie kan worden bevorderd via referenda met heldere regels, buurtcoöperaties of rapporteurschappen rond prangende vraagstukken door burgers in gemeenteraden. Voorwaarde is dat het nooit los van de rechtsstaat mag staan. Die waakt ervoor dat ieders belang telt, ook als je de mond niet opendoet. Het algemeen belang gaat ook over minderheden en kwetsbare groepen.

Een nieuw sociaal contract

Deze ankerpunten moeten snel worden ingevuld. Hoe breed wordt ons welvaartsbegrip? Hoe herijken we solidariteit? Hoe open staan we voor een inclusieve cultuur? Hoeveel zeggenschap geven we mensen? Voor het antwoord is veel meer maatschappijvisie nodig dan het politiek leiderschap ons nu biedt. De rekenmeesters lijken te suggereren dat het volgende kabinet niet meer dan op de winkel hoeft te passen. Nonsens! Regeren vraagt om veel meer visie, waartoe de werkgevers inmiddels een aanzet geven met de campagne ‘NL next level’. De komende verkiezingen bieden de politiek niet alleen een uitgelezen kans, maar wellicht ook de laatste om maatschappelijke conflicten te voorkomen. Hierover moeten de politici zich dit zomerreces maar eens buigen.