DrukDrukDruk

Premier Rutte wilde een compact kabinet, want als liberaal gelooft hij in een kleine overheid. Dus er kwamen maar dertien ministers en zeven staatssecretarissen in zijn ploeg. Hoe pakte de Rutte-doctrine uit?

Illustratie Studio NRC

Afgelopen maanden leefde Edith Schippers in een „parallel universum”, vertelt ze. De minister van Zorg was zó druk, onder meer door het halfjaarlijkse EU-voorzitterschap, dat ze bij lange na niet aan al haar plichtplegingen toekwam.

Dus nam Schippers de ene na de andere video-boodschap op in de hal van haar ministerie. Voor een congres over 3D-printen in de mondhygiëne. Voor een internationale conferentie van apothekers. En voor een symposium over ‘procesinnovatie’ in de zorg. „Bij deze is uw congres geopend!”

Vrijdag vergaderde het tweede kabinet-Rutte voor de laatste keer dit parlementaire seizoen. Het was het laatste volledige jaar voor hen. Samen met Rutte I is dit de kleinste bewindsploeg in decennia: dertien ministers, zeven staatssecretarissen. Fors minder dan bijvoorbeeld Paars II (29 bewindspersonen) en Balkenende IV (28).

Zo’n compact kabinet wilde premier Mark Rutte graag. Als liberaal gelooft hij in een kleine overheid – en dan moet een kabinet het goede voorbeeld geven. „De trap van bovenaf schoonvegen”, noemen VVD’ers dat.

Coalitiepartner PvdA vond die ‘Rutte-doctrine’ ook prima. De legendarische sociaal-democraat Willem Drees streefde als premier in de jaren vijftig al naar een klein kabinet. „Tijdens de formatie hebben we die Dreesiaanse soberheid expliciet besproken”, zegt PvdA-leider Diederik Samsom. „Rutte en ik hebben allebei een gezonde aversie tegen dikdoenerij en dienstauto’s.”

Werkt de Rutte-doctrine?

Sms’jes om half één ’s nachts

Acht uur werk, acht uur lol trappen en acht uur slaap. Zo deelde minister Ard van der Steur (Veiligheid en Justitie, VVD) zijn etmalen in als student in Leiden. „Nu is dat veranderd in twee keer acht uur werk en acht uur slaap.” Hij verbaast zich wel eens hoe laat ook zijn collega’s nog aan het werk zijn. „Stuur ik om half één ’s nachts een sms’je dat ik morgen even ergens over wil bellen, krijg ik terug: het kan ook nu!”

De meeste bewindspersonen zeggen: je werk goed doen komt vooral neer op kiezen en slim je tijd indelen. Niet naar het buitenland als het niet hoeft, zegt minister Stef Blok (Wonen en Rijksdienst, VVD). „Als ik wil weten hoe de woningmarkt in een ander land werkt, pak ik het laatste OESO-rapport erbij.”

Edith Schippers woont in Baarn, op 100 kilometer afstand van Den Haag. Haar reistijd gebruikt ze standaard om te bellen of om stukken te lezen. Ook zij is „heel precies” over haar buitenlandse agenda. „Anders kom ik hier in Nederland in de knoop.” Ze heeft ook geprobeerd allerlei dossiers te bundelen in een maandelijkse brief aan de Tweede Kamer. „Vonden ze onhandig. Dus ging de frequentie van brieven weer omhoog.”

In oktober vorig jaar deed staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) een deel van zijn taken over aan minister Van der Steur. Het was in die tijd elke dag spannend of alle vluchtelingen onderdak konden krijgen. Dijkhoff zag de kans op fouten groeien. „Ik dacht, ik kan nu stoer blijven doen en wachten tot het misgaat – of eerlijk zeggen dat dit niet gezond meer is. Het moet geen taboe zijn om te zeggen dat je het druk hebt. Ik kon geen recht meer doen aan alle dossiers.”

Premier Rutte loopt gaten dicht

Bert Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA) komt zijn dagen door op „te veel koffie en cola” en heeft afgelopen zes maanden „alles tot op de minuut moeten plannen”. Hij was 133 van de 182 dagen op reis. Zijn list: „Vooral niet in jetlags denken. Zodra je denkt, nu zou ik een jetlag moeten hebben, ben je er geweest.” Koenders en zijn collega Lilianne Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking en Buitenlandse Handel, PvdA) doen in dit kabinet het werk waar vroeger vier bewindslieden druk mee waren.

De ‘buitenlandhoek’ kost altijd al veel tijd, maar het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie drukte op de agenda van bijna alle bewindslieden. Samsom en VVD-fractieleider Halbe Zijlstra speelden afgelopen najaar een paar keer met de gedachte van extra staatssecretarissen: op Buitenlandse Zaken en Veiligheid en Justitie.

Het kwam er niet van. Bij de VVD zeggen ze: omdat Koenders het niet wilde. Die zag het als bedreiging voor zijn positie. Koenders zelf zegt dat zulke voorstellen hem „nooit bereikt” hebben. Hoe dan ook, het kabinet had inmiddels een andere oplossing. Collega Hennis (Defensie, VVD) zou de helft van alle vergaderingen van het Europees Parlement in Straatsburg bijwonen. En, zegt Samsom: „In de praktijk deed Rutte het werk van de oude staatssecretaris van Europese Zaken. Die liep alle gaten dicht.”

Je hebt ook bewindslieden met een pretpakket, zoals het in de wandelgangen heet. Minister Schultz van Haegen (VVD) kreeg de afgelopen jaren standaard het verwijt een veel te lichte portefeuille te hebben, terwijl de staatssecretaris op haar ministerie de rampdossiers deed. Gehannes met de Fyra, met ProRail en met KLM-Air France. Onzin, vindt Schultz zelf. Ze heeft altijd hulp aangeboden, zegt ze, maar dat „hoefde niet van de PvdA”.

Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) kreeg een uitgekleed departement en kon onderweg ook nog een paar projecten schrappen. Voor de fusie van provincies en de schaalvergroting van gemeentes was te weinig politieke steun. Bij andere ministers speelt mee dat alle tijdrovende wetgeving achter de rug is. Stef Blok had het de eerste anderhalf jaar „krankzinnig druk” met het hervormen van de woningmarkt, maar inmiddels valt het mee. „Laatst heb ik op zondag een hele dag in de tuin gewerkt.”

Nieuwe rondes, nieuwe kansen

Hoe moet het verder, na de verkiezingen volgend jaar? Bijna iedereen voorspelt dat de kabinetsploeg weer zal groeien – en vindt dat ook goed. Of zoals Dijkhoff zegt: „Een extra bewindspersoon rond asiel en terrorisme zou niet het laatste zijn waar je aan denkt. Het is een klauw werk.”

Zorgminister Schippers zegt het een stuk directer. „Je kunt wel vóór minder bewindslieden zijn, maar heb je dan ooit bekeken hoe ongelooflijk druk de staatssecretaris en ik het hebben?” Buitenlandminister Koenders heeft wel behoefte aan „een beetje meer lucht. Een extra minister op een departement kan een boel werk schelen.” Hij zou ook best „iets vaker de gebeurtenissen willen duiden, in de krant of op tv. Daar heb ik nu meestal geen tijd voor.”

Ook VVD-fractieleider Halbe Zijlstra vindt de werkdruk voor ministers te hoog. Hij ziet hoe vaak bewindslieden het wekelijkse topoverleg van de partij moeten afzeggen, omdat er iets tussenkomt. „Iedere manager weet dat je rustmomenten moet inbouwen, voor als er iets onverwachts gebeurt. Die ruimte hebben zij nu niet.”

In het binnenland redden de bewindspersonen het allemaal nét, zegt Zijlstra, maar hij vindt dat de internationale vertegenwoordiging beter kan. „In Brussel en in al die andere internationale gremia móét je aanwezig zijn om invloed te hebben.”

Over hóe een volgend kabinet eruit zou moeten zien, en waar die nieuwe ministers dan over moeten gaan, is iedereen een stuk vager. Logisch, want dat is onderdeel van de volgende formatie. De kans is groot dat het daarbij vanzelf tot een grotere ploeg komt. Een nieuwe coalitie bestaat waarschijnlijk uit minstens vier partijen, omdat er anders geen meerderheid is in de Eerste Kamer. En een bewindspersoon met een nieuwe portefeuille is dé manier om je te profileren op een specifiek thema. Zo zouden Samsom en Koenders in een volgend kabinet graag weer een minister van Milieu zien.

Toch waarschuwt de zittende ploeg precies dáárvoor: het creëren van nieuwe ministersposten met als enige reden partijen tevreden te houden. De naam van André Rouvoet valt steeds, de ChristenUnie-leider die in 2007 het nieuwe ministerschap voor Jeugd en Gezin kreeg. „De drukte komt dan altijd vanzelf”, zegt Stef Blok. „De Tweede Kamer ging toen ook meteen een vaste commissie voor Jeugd en Gezin optuigen.” Blok gelooft als een van de weinigen nog heilig in de Rutte-doctrine. „Hoeveel ministers en staatssecretarissen je ook neerzet, ze hebben het altijd druk. Het is een self fulfilling prophecy.”