Wie van kwade wil is, kan zijn gang gaan

Analyse Zorgfraude Recente affaires in de zorg tonen aan dat het zelfreinigend vermogen in deze branche soms zeer bescheiden is.

Illustratie Pepijn Barnard

Zeven arrestaties waren er deze week in de zorg. Allemaal mensen in leidinggevende functies. Een directeur van een ziekenhuis in Utrecht, die van corruptie wordt verdacht. Een bestuurder van een instelling voor licht verstandelijk gehandicapten in Rotterdam, vanwege de verdenking 1,5 miljoen te hebben verduisterd. Twee toezichthouders en twee projectontwikkelaars, vanwege hun mogelijke betrokkenheid bij deze malversaties.

Als er één baalt in de zorg van dit soort incidenten, dan is het de sector zelf wel, zei staatssecretaris Van Rijn (Zorg, PvdA) onlangs in de Kamer. Hij reageerde toen op vragen over de gehandicapteninstelling Daelzicht.

Deze Limburgse organisatie, die 2.000 mensen met een verstandelijke beperking begeleidt en huisvest, werd tot voor kort geleid door een raad van bestuur die opdrachten gunde aan bevriende partijen. Daarbij werden niet-zakelijke constructies gebruikt die de vraag oproepen of daardoor de instelling benadeeld is, zo meldde NRC.

Glas cognac

Van Rijn noemde die situatie „zeer ernstig” en zei: „Alleen de schijn van belangenverstrengeling is al ernstig genoeg om dat niet te tolereren.” Maar hoe is het te voorkomen? Duidelijk is dat toezicht op bestuurders een serieuze aangelegenheid is. „,Het is niet iets wat je er nog even bij doet met een glas cognac en bolknak in de hand”, volgens Van Rijn. Maar, zo concludeerde hij, uiteindelijk draait het allemaal om het morele kompas van de bestuurders zelf. Wat zijn hun normen en waarden? Zit je er voor jezelf of zit je er voor anderen?

De affaires van deze week tonen aan dat het zelfreinigend vermogen van de branche soms zeer bescheiden is. Neem Walter C. die zich als bouwmanager voor meer dan twee ton liet omkopen door een bouwbedrijf, zo is de verdenking. Hij kreeg onder meer etentjes, kaartjes voor voetbalwedstrijden, contant geld en een verbouwing van zijn privéwoning voor zo’n 100.000 euro. De bouwer gunde hij opdrachten. Dat gebeurde bij het Utrechtse St. Antonius Ziekenhuis, waar hij een 300 miljoen euro kostende nieuwbouwoperatie leidde.

Daar kwamen in 2013 aanwijzingen voor corruptie bij, een intern onderzoek naar Walter C. volgde, uitgevoerd door een accountantskantoor. Dat leverde geen harde bewijzen voor een aangifte, maar wel zoveel vraagtekens op dat Walter C. in 2013 zonder financiële regeling kon vertrekken vanwege twijfels over zijn integriteit.

De vraag dringt zich op of sjoemelen in de zorg niet te gemakkelijk is

En wat deed het paar kilometer verderop liggende kinderkankerziekenhuis Prinses Máxima Centrum? Die nam hem begin 2014 in dienst om hem de bouw van een 180 miljoen kostend ziekenhuis te laten begeleiden. Een raadpleegbaar centraal integriteitsregister in de zorg ontbreekt.

Informeerde Antonius het kinderkankerziekenhuis over de twijfels rond Walter C.? Nee. „We kunnen toch niet van ex-personeelsleden waarmee de arbeidsrelatie is opgezegd volgende werkgevers actief inlichten over waarom de arbeidsrelatie is opgezegd”, zegt een woordvoerder.

De manager kon dus zonder problemen bij het buurziekenhuis aan de slag. Deed het Prinses Máxima Centrum in 2014 bij het St. Antonius navraag over Walter C. voordat hij zo’n cruciale functie kreeg? „Nee”, zegt het St. Antonius. Pas toen in 2015 bij de nieuwe werkgever geruchten over Walter C. de ronde deden, werd er geïnformeerd bij het St. Antonius. Dat leverde geen aanleiding om zijn aanstelling te herzien.

Zwakke schakels

Fraude en corruptie komen overal voor, maar de vraag dringt zich op of sjoemelen in de zorg niet te gemakkelijk is. Er gaat veel geld in om, jaarlijks 100 miljard euro. En de zorginstellingen bezitten miljarden aan vastgoed/ Dat is vanwege zijn incourante karakter en moeilijke waardebepaling populair in omkopings- en witwasconstructies.

Speelt bij zulke fraudes marktwerking een rol? Of juist het gebrek aan marktwerking? Zeker is dat zorginstellingen twee gezichten hebben. Ze draaien op gemeenschapsgeld, op de premies die burgers verplicht afdragen via loonstrook en basispolis. Maar juridisch gezien zijn het stichtingen, dus private organisaties, die daardoor niet onder de aanbestedingsregels vallen of onder de Wet openbaarheid van bestuur.

Wie van kwade wil is, kan ervoor kiezen niet meerdere offertes op te vragen bij een opdracht, zoals bij Daelzicht regelmatig gebeurde. Kritische aandeelhouders die op het geld letten zijn er evenmin. Het moet allemaal komen van de toezichthouders en het morele kompas van de bestuurders. Dat blijken telkens de zwakke schakels.