Wat de Zonnekoning niet lukte

Oláfur Eliasson André le Nôtre kon er destijds slechts van dromen. De Deens-IJslandse kunstenaar kreeg het onlangs voor elkaar: een waterval in de tuinen van Versailles.

Het werk Notion Motion in Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. foto Bob Goedewaagen

Een hoge waterval klettert neer in het Grande Canal in de tuinen van Versailles. Vanaf het bordes van het paleis is het een streepje aan de horizon. Een koning zou zich er meester over het natuurgeweld kunnen voelen. Loop je door de tuinen naar de waterval toe, dan ga je je als mens steeds nietiger voelen, tot je vlak onder de muur van kletterend water komt te staan.

Op tekeningen van de tuinontwerper van Versailles, André le Nôtre, staat zijn idee voor een waterval al in het kanaal getekend. Maar het technologisch vermogen was er in de zeventiende eeuw nog niet. De Deens-IJslandse kunstenaar Oláfur Eliasson wist dat hij het wel kon. In New York plaatste hij in 2008 al vier kunstmatige watervallen.

Dit jaar heeft de kunstenaar, die wereldberoemd werd door zijn gigantische zon in de turbinehal van Tate Modern in Londen, het paleis en de tuinen van Versailles mogen opluisteren met zijn kunstwerken – eerder deden kunstenaars als Jeff Koons, Takashi Murakami en Anish Kapoor dat. „De paleizen en tuinen zijn zo overrompelend. Het is een poging van de koning om te laten zien dat hij groter is dan God. Daar moet je als kunstenaar dan een plek in zien te vinden”, vertelt Eliasson aan de telefoon.

„Dit is New York 2.0”, zegt hij over de waterval. Met veertig meter hoogte is deze twee keer zo hoog als de vier die hij acht jaar geleden in de Hudson oprichtte. „Het was voor mij en mijn ingenieurs een nieuwe uitdaging.” De waterval is een spel met perspectief, legt hij uit. „Als je op het bordes staat, krijg je de indruk dat hij heel ver weg is. De waterval zou op een uur of zelfs op een dag lopen kunnen liggen. In werkelijkheid is het maar driehonderd meter.”

In veel musea ben je slechts consument

Oláfur Eliasson

De waterval van Oláfur Eliasson in de tuinen van Versailles.foto Anders Sune Berg

In de tuinen speelt Eliasson met de drie verschijningsvormen van water: in vloeibare, verdampte en vaste vorm. „Om te ervaren dat alles kan veranderen.” Door een zich verspreidende mistwolk te creëren die vijftig meter in doorsnee kan worden, verliest de bezoeker zijn oriëntatie in l’Etoile Royale. In de Colonnade heeft hij in het bassin van de fontein, met de Griekse godin Persephone van de vruchtbaarheid in het midden, het gletsjerpuin gestort van een gletsjer op Groenland. Van diezelfde gletsjer bracht hij vorig jaar het ijs naar Parijs om de deelnemers aan de klimaattop te confronteren met het directe effect van het broeikaseffect. Eliasson: „Dat puin zorgt voor heel vruchtbare aarde als je het uitstort; het wordt gebruikt als mest.”

Binnen het paleis tracht Eliasson juist niet op te bieden tegen de barokke pracht en praal die de koningen hebben aangebracht. Dagen heeft hij rondgedwaald in het paleis, zelfs ’s nachts in zijn eentje. „Ik wil dat mensen op ontdekkingstocht moeten in het paleis. In veel musea ben je een consument, je neemt wat je wordt voorgeschoteld. Ik wil mensen betrekken bij mijn werken.” De drukste plekken heeft hij vermeden. „Anders krijg je opstoppingen. Ik heb zelfs een kaart gemaakt met selfiespots.”

Stromen van Japanse, Amerikaanse en Chinese toeristen lopen soms achteloos aan de spiegelende werken van Eliasson voorbij. Waar hij een spiegelkoker heeft gemaakt, zie je dat sommigen toch hun nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen. Aan het eind van de koker zien ze hun eigen spiegelbeeld, waardoor je je meer in het paleis aanwezig voelt dan ooit.

Eliasson: „We zien Versailles alleen als een paleis van de historie van de Franse koningen. Maar een bezoek moet niet alleen gaan om het ervaren van het verleden. Ook om hoe je je nu verhoudt tot deze plek die zoveel heeft betekend voor de ontwikkeling van onze democratie en samenleving.”

Vallende spons

In Rotterdam toont Boijmans voor de derde keer sinds 2005 het werk Notion Motion, dat Eliasson speciaal voor het museum maakte. In Notion Motion laat hij de bezoeker via kleine menselijke acties via projecties tot grote effecten in het water zorgen. Dat vormt een contrast met de grote natuureffecten die hij als kunstenaar veroorzaakt in Versailles, waarbij de bezoeker zich klein voelt.

Eliasson ziet een verband met zijn werken in Versailles: „Notion Motion gaat ook over het ervaren van je eigen aanwezigheid.” Door de bezoeker op planken in de vloer te laten trappen, worden grote golven opgewekt in bakken met 9000 liter water. In de derde zaal kun je zelf niets doen, maar zorgt een vallende spons eens in de ongeveer drie minuten voor een explosie in het water.

Zo speelt Eliasson met de machtsverhoudingen tussen natuur en mensen en de perceptie die we daarvan hebben. Politieke vragen zijn dan niet ver weg, en daar richt Eliasson zich tegenwoordig directer op. In de museumwinkel van Versailles worden zijn Little Suns verkocht, lampjes op zonne-energie die hij ontwikkelde om verlichting te brengen naar gebieden in de wereld waar geen elektriciteit is. De opbrengst gaat naar die armere regio’s. Eliasson, vrolijk: „Mooi toch om ze hier te verkopen? In het huis van de Zonnekoning!”