‘Tuinders zijn relatief verwend’

Boeren die zijn getroffen door regen en hagel willen compensatie van het Rijk. Maar dat zegt dat de schade goed te verzekeren was.

Moord en brand schreeuwden agrariërs in het zuidoosten van het land, na een brute hagelbui die eind juni volgde op weken met extreme regen. De overheid zou dit als natuurramp moeten erkennen, en de boeren moeten compenseren voor de geleden schade.

Die is fors. Volgens het Verbond van Verzekeraars is er al 130 miljoen euro aan schadeclaims ingediend en zal de schade na afronding van de taxatie honderden miljoenen euro’s bedragen. Hele oogsten – jaarinkomsten – zijn in tien minuten weggehageld.

Rampzalig, maar geen nationale ramp, zei staatssecretaris Van Dam (Landbouw, PvdA) donderdag tegen de Tweede Kamer. Daar de schade goed te verzekeren valt, kunnen boeren en tuinders die niet op de overheid verhalen. Die wil in dit geval alleen een beetje helpen met garantstellingen bij leningen en werktijdverkorting.

Maar de schade is helemaal niet goed te verzekeren, zo klagen getroffen ondernemers bij monde van boerenbonden. De premies zouden te hoog zijn, evenals de drempels voor uitkering. Vervolgschade (als verlies van vaste afnemers) wordt niet gedekt. Daarom is slechts 2 tot 2,5 procent van het hele Nederlandse landbouwareaal gedekt met een weersverzekering, aldus de Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie. „Dat is een teken aan de wand”, aldus een woordvoerder.

Onzin, zeggen de verzekeraars. Ze erkennen dat een klein aantal boerenbedrijven een weersverzekering heeft (zo’n 1.700 van circa 10.000), maar wijten dat aan gebrekkige risicoperceptie. Niet aan hoge premies of te strenge polisvoorwaarden. De drie aanbieders van de zogenoemde ‘brede weersverzekering’ zijn collectieven, onderlinge waarborgmaatschappijen. Ze hebben geen winstoogmerk.

„Wij kijken met gefronste wenkbrauwen naar het rumoer”, zegt Marien Boersma, directeur van AgriVer, verzekeraar van akkerbouwers. „Tuinders kunnen goed worden verzekerd. Ze zijn zelfs relatief verwend.” In plaats van alarm te slaan, zouden de boerenbonden hun leden moeten informeren en aansporen zich goed te verzekeren, aldus Boersma.

Een hectare aardappelen verzekeren tegen schade door hagel, storm, vorst en zware regen kost in het zuidoosten gemiddeld 120 euro netto, rekent Jan Schreuder van de coöperatie Vereinigte Hagel voor. „Als die vernietigd wordt, keren wij 4.200 euro uit.” Dat is toereikend voor de gemaakte teeltkosten, zegt Schreuder, die juist op de velden staat te taxeren, aan de telefoon. „Of de boer dat de moeite waard vindt, moet hij zelf bepalen. Maar het is verzekerbaar.”

„Weerschade is heel goed te verzekeren”, zegt ook een woordvoerder van het Verbond van Verzekeraars. „Maar telers onderschatten hun risico’s, omdat ze zich baseren op het verleden, waarin de meesten nooit zijn getroffen, en niet op klimaatmodellen van het KNMI, waaruit blijkt dat extreem weer vaker voorkomt. Deze natte juni kan een wake-up call zijn.”

Als de klimaatverandering doorzet en het weer steeds natter (en droger) wordt, zullen de verzekeringspremies stijgen. Maar zo ver is het nog niet. En het punt van onverzekerbaarheid is al helemaal niet in zicht, aldus het Verbond van Verzekeraars. „Klimaatverandering is een onvoorspelbaar proces”, zegt de woordvoerder. „De KNMI schat de stijging van neerslagschade tot 2085 tussen de 5 en de 139 procent.”

De premies kunnen soms nu al hoog uitpakken, erkent Gert Jan van Dijk, directeur van fruittelersverzekeraar OFH. „We hebben ondernemers die ons meer dan 100.000 euro per jaar betalen.” Daarvan wordt zo’n 65 procent gesubsidieerd door de overheid, uit een potje van 9 miljoen. Maar ondernemers moeten ook 21 procent assurantiebelasting over de premie betalen. Dat vinden zowel boeren als verzekeraars hoog, zeker vergeleken met andere Europese landen.

Maar in het drie uur durende Kamerdebat deed de staatssecretaris donderdag geen extra toezeggingen. „Ik hoop dat we al die mooie bedrijven kunnen behouden”, aldus Van Dam.