Politieke revolutie in Japan: burgers die campagne voeren

Japanse verkiezingen Premier Abe hoopt zondag een meerderheid te krijgen zodat hij de grondwet kan veranderen. Veel burgers zijn fel tegen. Ze bellen vreemden om hen over te halen te gaan stemmen.

Eriko Imai, kandidaat voor het Japanse Hogerhuis namens de regerende Liberaal-Democratische partij (in oranje shirt) voert campagne in Tokio. Foto AP/Eugene Hoshiko

‘Is Japan beter geworden onder Premier Abe?”, vraagt de 45-jarige Maki Toyama over de telefoon aan iemand die ze totaal niet kent. Ze belt wildvreemde mensen uit het telefoonboek om hen over te halen zondag te stemmen tijdens Japanse Hogerhuis-verkiezingen. Toyama vertegenwoordigt een stille politieke revolutie die nu in Japan plaatsvindt. Talloze Japanners zijn de afgelopen maanden voor het eerst in hun leven de politieke loopgraven in gesprongen.

Verkiezingen in Japan zijn kort en saai. Achttien dagen lang parkeren politici bestelwagens voor plekken met veel mensen, klimmen op het dak en geven speeches. Andere wagens rijden rondjes door hun kiesdistrict en schreeuwen door luidsprekers herhaaldelijk de naam van de kandidaat. De strenge kieswet staat weinig andere vormen toe van campagne voeren. Tot voor kort mocht zelfs het internet niet gebruikt worden.

Geen wonder dat weinig Japanners politiek geëngageerd zijn. Meer dan de helft van de Japanners stemt niet. Maar de Hogerhuis-verkiezingen van komende zondag hebben een totaal nieuwe groep Japanners politiek actief gemaakt. Premier Abe hoopt dan een meerderheid te krijgen zodat hij de grondwet kan veranderen. Zijn partij wil minder rechten en meer plichten. Maar vooral het pacifistische artikel 9, ingevoerd na de Tweede Wereldoorlog, heeft Abe in het vizier.

Einde van het pacifisme?

Ondanks het pacifisme heeft Japan sterke strijdkrachten en een verdrag met de Verenigde Staten dat het land beschermt in het geval van externe bedreigingen. Deze naoorlogse structuur heeft Japan uitstekend gediend. Maar als China de Zuid-Chinese Zee zou afsluiten, zou Japan tot stilstand komen. En Noord Korea heeft nu atoomwapens. Een risico waarbij Japan niet afhankelijk mag zijn van Amerikaanse bescherming, vind Abe.

Artikel 9 is echter zeer geliefd in Japan. Opiniepeilingen tonen dat ruim 80 procent van de Japanners vinden dat Abe ongrondwettelijk handelde toen hij nieuwe veiligheidswetten door het parlement loodste en een nieuwe interpretatie gaf aan artikel 9, dat Japan toestaat een bondgenoot bij te staan.

Abe zwijgt daarom in alle talen over de grondwetswijziging. Hij weet dat het stemmen kost en praat enkel over de economie. Bij de laatste twee verkiezingen werkte deze strategie perfect. Maar Toyama en gelijkgestemde Jappanners willen voorkomen dat Abe opnieuw de verkiezingen wint.

Toyama werkt met Denwa Katteren. De organisatie is in april opgericht en heeft nu 536 leden die kiezers opbellen. „We zijn niet verbonden aan een bepaalde politieke partij”, legt Toyama uit. „We promoten enkel progressieve kandidaten.”

In andere landen zou dit niets bijzonders zijn. In Japan is dit revolutionair. Voorheen belden organisaties in dienst van politici mensen die op hun adressenlijsten stonden. Het is ongekend dat gewone burgers, niet verbonden aan een kandidaat, zomaar mensen uit het telefoonboek bellen.

Er is zelfs een speciale app voor gemaakt, compleet met een databank van telefoonnummers, de posities van de kandidaten, en een chatroom zodat de bellers elkaar steun kunnen geven. „Mensen bellen die je niet kent is zwaar werk”, zegt Toyama. Maar ze vind het ook dankbaar werk. „Tot nu toe, stemde ik en keek ik toe. Nu ben ik betrokken en praat ik direct met mensen. Het is alsof ik de stemresultaten kan aanraken.”

De reactie na de kernramp in Fukushima schiep de basis voor dit nieuwe politieke bewustzijn

Advocaat Utako Nagao

Een van de vele andere nieuw opgerichte niet-politieke organisaties is Mothers Against War. Dit begon afgelopen jaar als een Facebookgroep van een 28-jarige moeder. Ze maakte zich er zorgen over hoe Abe de veiligheidswetten door het parlement loodste, terwijl een grote meerderheid van het Japanse volk tegen was.

Binnen een jaar is de Facebookgroep uitgegroeid tot een organisatie met meer dan honderd afdelingen over heel Japan. De organisatie wil de politiek toegankelijker maken. Op vaderdag organiseerde Mothers Against War bijvoorbeeld een bijeenkomst waar zowel een politieke analist praatte als een goochelaar kunsten vertoonde zodat het hele gezin er samen naar toe kon.

„De reactie na de ramp in Fukushima schiep de basis voor dit nieuwe bewustzijn”, legt advocaat Utako Nagao uit, die met Mothers Against War werkt. De slechte communicatie van de Japanse autoriteiten na de tsunami en de kernramp in 2011 leidde tot veel wantrouwen bij de bevolking. „Maar de nieuwe veiligheidswetten gaven de doorslag”, zegt Nagao. „Dat konden we niet accepteren. Het was schokkend.”

Nagao hielp een coalitie van niet-politieke organisaties op te richten, Shimin Rengo (letterlijk: Burgercoalitie). Onder druk van Shimin Rengo presenteren oppositiepartijen nu in elk kiesdistrict een gezamenlijke kandidaat zodat die meer kans heeft te winnen.

De ambitie is bescheiden. „Ons belangrijkste doel is een meerderheid van Abe’s LDP te voorkomen”, zegt Nagao. Lukt dit, dan is de kans groot dat meer Japanners overtuigd raken dat ze invloed kunnen uitoefenen.

Wat er ook gebeurt, de verkiezingen van zondag worden een belangrijk keerpunt voor Japan. Of Abe wint een meerderheid en maakt een einde aan de naoorlogse politieke structuur van Japan. Of het nieuwe bewustzijn wint en legt daarmee een fundament voor een nieuw politiek engagement.