Hier worden doden in leven gehouden

Weleens een levende dode gezien? Niet in een of andere horrorfilm, maar in het echt? Er woont er één bij mijn moeder op de afdeling, in het verpleeghuis dat ook al op die zwarte lijst van staatssecretaris Van Rijn blijkt te staan. Hij praat niet meer, hij loopt niet meer, hij beweegt niet meer. Als zijn mond open zakt, blijft die zo hangen tot een van de verzorgsters hem dichtdoet. Zijn ogen zijn volkomen leeg.

Eten doet hij ook niet meer, niet omdat hij het niet wil, maar omdat het concept ‘willen’ bij hem is verdwenen. Het concept ‘kauwen’ trouwens ook. Dus zit er bij alle maaltijden een verzorgster naast hem die hem geduldig hapjes voedsel aanbiedt. Soms gaat er iets naar binnen, maar dat wil nog lang niet zeggen dat het ook zal worden doorgeslikt.

Ondertussen loopt de andere verzorgster – het zijn er nooit meer dan twee – voor de zoveelste keer naar de vrouw die bij de deur staat te wachten op een kans om te ontsnappen en probeert haar met lieve woordjes terug aan tafel te lokken. Deze vrouw woont hier nog maar net en de eerste dagen begon ze te vechten als iemand haar mee naar de huiskamer wilde nemen. En sterk dat ze is! Maar haar ogen zijn leeg en praten doet zij ook niet meer.

De eerste dagen begon ze te vechten als iemand haar mee naar de huiskamer wilde nemen

Het geluid bij dit pandemonium: het voortdurende geschreeuw van de vrouw die vindt dat ze te weinig aandacht krijgt. „Help me nou, godverdomme, help me nou.” Of nee, het concept ‘iets vinden’ is bij haar ook verdwenen. Dat schreeuwen is een automatisme geworden en wat de verzorgsters ook doen – geruststellen, haar handen strelen, een koekje geven – niets helpt langer dan een minuut.

Mijn moeder woont hier sinds 2011, ik kom er drie of vier keer per week, en in die jaren heb ik meegemaakt dat alle nieuwe bewoners er erger aan toe zijn dan de bewoners voor wie ze in de plaats komen. Moet ik nog zeggen dat het werk daardoor zwaarder is geworden? Twee weken geleden zei een van de beste verzorgsters van de afdeling, Nel, dat ze het niet meer volhield. Ze is overgeplaatst naar een andere afdeling, waar mensen wonen die af en toe iets terugzeggen, of naar je glimlachen. Voor zolang het duurt.

We kunnen het met elkaar hebben over kastjes die niet goed op slot zitten of lijsten waar onvoldoende vinkjes op staan, en hoe gevaarlijk dat is, maar zullen we het ook eens hebben over het eindeloos rekken van levens die voorbij zijn? Want dat is wat we doen met het volgens protocol aanbieden van voedsel aan iemand die niet eens meer weet wat eten is. Voor hem weer een mogelijkheid minder om in alle rust te overlijden.

Jannetje Koelewijn (j.koelewijn@nrc.nl) vervangt Jutta Chorus in de wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.