Pond op laagste niveau in 31 jaar, beurzen voor de derde dag in het rood

Britse pond zakte voor het eerst in decennia onder de grens van 1,30 dollar. En de aandelenbeurzen sloten alweer met rode cijfers.

Het Britse pond sterling heeft woensdag opnieuw aan waarde ingeleverd. Nadat dinsdag al het laagste niveau ten opzichte van de dollar sinds 1985 werd bereikt, zakte de waarde van de Britse munt nog verder weg.

In de nacht van dinsdag op woensdag werd een voorlopig dieptepunt van iets minder dan 1,28 dollar (1,61 euro) bereikt. Voor de Brexit-keuze van de Britten, op 23 juni, noteerde het pond nog 1,50 dollar. Dinsdag zakte de Britse munt voor het eerst in decennia onder die grens van 1,30 dollar.

Het pond herstelde woensdag overdag enigszins van de diepe val eerder die ochtend. De Britse munt schommelt echter nog altijd rond het laagste niveau van de afgelopen decennia.

Beleggers maken zich grote zorgen over de financiële en economische toekomst van het Verenigd Koninkrijk buiten de Europese Unie. Diverse verzekeraars zagen zich daardoor de afgelopen dagen genoodzaakt om Britse vastgoedfondsen op slot te gooien, omdat ze de uitstroom van klanten niet aankonden.

De Europese aandelenbeurzen zijn woensdag voor de derde dag op rij met rode cijfers gesloten. Beleggers blijven behalve over de Brexit bezorgd over de zwakkere wereldeconomie en de bankencrisis in Italië.

De AEX-index in Amsterdam eindigde woensdag 1,9 procent in de min. In Frankfurt, Parijs, Madrid en Milaan liepen de verliezen op tot 2,3 procent. De FTSE in Londen ging 1,2 procent omlaag.

De AEX kende geen stijgers. Grootste verliezer was opnieuw verzekeraar Aegon, die 4,6 procent verloor. Dinsdag kelderde de verzekeraar al meer dan 8 procent. Andere flinke dalers waren onder meer Altice, NN Group en Unibail-Rodamco.

Ook elders in Europa bleven bank- en verzekeringsaandelen onder druk staan.