Minder antibiotica voorschrijven kan veilig zonder extra infecties

Huisartsen kunnen zuiniger antibiotica voorschrijven, zonder dat het patiënten belast met extra ernstige infecties.

Een huisarts die moeite doet om minder antibiotica voor te schrijven, zadelt zijn patiënten niet merkbaar met ernstige bacteriële infecties op.

Minder antibiotica voorschrijven wordt al jarenlang aanbevolen, maar het zou kunnen dat er dan meer patiënten doorschieten naar zeldzame, ernstige bacteriële infecties. Onderzoek in 610 Britse huisartspraktijken neemt die vrees bijna helemaal weg, staat in een dinsdag gepubliceerd artikel in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The BMJ.

Tien procent minder antibioticarecepten in een praktijk betekent dat er in drie jaar tijd één patient met een longontsteking bij komt. En eens in de 30 jaar ziet die huisarts één patiënt extra met een ernstige ontsteking van de keelamandelen. Andere complicaties van ernstige bacteriële infecties, zoals hersenvliesontstekingen, abcessen en botontstekingen rond het oor, komen niet meetbaar vaker voor. Dit zijn de uitkomsten als de Britse cijfers worden omgerekend naar een Nederlandse huisartspraktijk met een standaardgrootte van ongeveer 2150 patiënten.

Minder antibiotica voorschrijven betekent dat de kans op de groei van resistente bacteriën afneemt. Resistente bacteriën kunnen levensgevaarlijk zijn voor patiënten met een verzwakte afweer. Dat zijn vaak kinderen, ouderen en ernstig zieken.

Ongeveer 60 procent van de antibioticarecepten die Britse huisartsen schrijven is voor patiënten met een luchtweginfectie. Dat zijn meestal virusinfecties en daar werken antibiotica niet tegen. De richtlijnen zeggen dat er geen, of pas bij hardnekkige luchtweginfecties antibiotica moeten worden voorgeschreven. Toch geven Britse huisartsen nog steeds antibiotica aan 90 procent van de patiënten met een voorhoofdsholte-ontsteking en aan 40 procent van de mensen met een keelontsteking.