Gevalletje nekschot – en hoe dat afliep

Vandaag sluit de Tweede Kamer het politieke seizoen af, en toen ik er even op terugkeek kwam ik het gevalletje nekschot weer tegen. Het gevalletje nekschot werd bekend vlak voordat Khadija Arib in januari tot voorzitter van de Tweede Kamer gekozen werd. Een man uit Velsen schreef op de Facebookpagina Liefde voor Holland over de kandidatuur van de Marokkaanse Nederlandse: ,,Gevalletje nekschot en gelijk oplossen in ongebluste kalk?’’

Het was zo’n incident waarvan je dacht: de hang naar xenofobe stoerdoenerij escaleert. Dit is, moet ik toegeven, een journalistieke manier van denken. Journalisten staan dagelijks voor de verleiding dingen uit de hand te zien lopen, want dingen die uit de hand lopen zijn behalve gevaarlijk ook een goed verhaal.

Nu verscheen diezelfde tijd op het Amerikaanse Medium, zo’n nieuwe website die amateurverslaggeving en professionele journalistiek verenigt, een sterk essay van Sean Blanda, een jonge innovator van online journalistiek, over het verband tussen internetgedrag en de politisering van het leven. Het stuk werd deze week opnieuw gedeeld door The New York Times.

Het schetst dat we online bijna allemaal in een echokamer van gelijkgestemden leven. We gaan denken dat onze ideeën deel van een ruime meerderheid zijn en zetten andersdenkenden weg als dom en achterhaald. Dus wensen we ze onder elkaar de ergste dingen toe: een gevalletje nekschot of zo.

Online woede, de Kamer, en de voorzitter als voorbeeld

De kunst is, aldus dat essay, ons leven online te kantelen. Twijfel eens aan je eigen gelijk, doorgrond andermans argumenten door ze in een debat zelf te gebruiken: verplaats je. Anders, zegt de auteur, ben je even dom als de anderen die je domheid verwijt.

Ook in Nederland zien burgers vaak niet dat de online polarisatie erger is dan de polarisatie in de politiek. Verhitte internetters zouden, jazeker, een voorbeeld aan de Tweede Kamer kunnen nemen, waar zeventien fracties wekelijks verplicht naar elkaar luisteren.

Khadija Arib zelf is helemaal een fraai voorbeeld. Ze heeft zich bewezen als vaardig voorzitter, inschikkelijk en gevat, en de vileine online uithalen naar haar zijn nagenoeg verdwenen.

Ook rond de man die haar een gevalletje nekschot toewenste handelde ze voorbeeldig. Toen het OM in mei besloot de zaak tegen hem te seponeren – de pantoffelheld bedoelde het niet bedreigend, zei hij – vroeg het OM of Arib zich in die beslissing kon vinden. Ze accepteerde zijn uitleg zonder de minste moeite, en heeft er – ook online – nooit meer een woord aan vuil gemaakt.