Hoezo Halina en Franca, zijn moeders „unfuckable”?

Opinie Zelfs sterke, intelligente vrouwen blijken de verwachtingspatronen over ouderschap niet te kunnen loslaten, stelt Jannah Loontjens.

Foto Remko de Waal / ANP

Soms kan de wereld statisch lijken. Ik weet het, Brexit, terrorisme, cybercriminaliteit, onze wereld wankelt, en toch lijkt het soms alsof de dingen stilstaan. Zo’n gevoel had ik na het bekijken van de documentaire De OK-vrouw, waarin Halina Reijn haar kinderwens bespreekt. En eveneens na het lezen van Franca Treurs essay in De Groene Amsterdammer over ditzelfde onderwerp.

Treur suggereert dat Reijns kinderwens samenhangt met de kritieke leeftijd waarop zij ineens gevraagd zal worden om als actrice de moederrol te vertolken in plaats van de rol van de jonge ‘fuckable’ vrouw. Wellicht „wil Reijn een warm nest om zich te kunnen verschansen als straks de pijnlijke teleurstellingen komen van het gepasseerd worden voor de rollen die ze tot dan toe altijd kreeg”, schrijft Treur.

Hoe kan het dat twee sterke, intelligente vrouwen als Reijn en Treur zozeer blijven hangen in dit eendimensionaal gedachtengoed, waarin de moeder unfuckable is en werk en ouderschap elkaar uitsluiten? Ik zeg hier ouderschap, maar ik zou consequent ‘moederschap’ moeten schrijven. Ooit een man horen piekeren of hij wel een kind zou moeten nemen, omdat het zijn carrière in de weg zou staan?

Ooit een man horen piekeren over ouderschap en carrière?

Ieder mens wordt uit een moeder geboren en elk leven wordt zowel door de aanwezigheid als afwezigheid van de moeder op blijvende, subtiele, extreme, liefdevolle, krankzinnige, mooie en afschrikwekkende wijze gevormd. Observaties van de manier waarop volwassenen met kinderen omgaan, geven ons psychologische, sociale en maatschappelijke inzichten. Ik zie hier een bron van materiaal, voor uitdagende filmrollen én literatuur. Zo’n rol als moeder zou heel wat interessanter kunnen zijn dan dat van het jonge, sexy wicht.

Treur pleit voor een leven als schrijver, zonder kinderen. Ze schetst het literaire scheppen als een substituut voor het voortplanten. In de negentiende eeuw had ik Treurs stellingname beslist onderschreven. Ik had net als Treur voor een solitair leven als schrijver gekozen boven de totale afhankelijkheid van de husband en het baren van dertien kinderen waarvan er zeven zouden overlijden.

Maar we leven in 2016. Er zijn uiteenlopende vormen van relaties en families, alleenstaand, samenwonend, latrelaties, van gelijke of ongelijke sekse, thuiswerkend, buiten de deur, met gastouders of dagopvang. Ikzelf deel het ouderschap met mijn ex, die toevallig ook schrijver is. Zo hebben we beiden evenveel tijd voor het schrijven als voor het ouderschap.

Mijn nieuwe geliefde heeft ook kroost uit een eerdere relatie. Het kerngezin heeft plaatsgemaakt voor bonte variaties van extended families. Om bewust te kiezen voor een leven zonder kinderen, juich ik net zo goed toe. Het is allemaal niet zo statisch, mensen. Laten we vooral niet blijven hangen in starre verwachtingspatronen van hoe je ‘hoort’ te leven. Als vrouw, als schrijver, als ouder. Dingen kunnen veranderen. Als we maar moedig genoeg zijn om die veranderingen aan te grijpen.

Jannah Loontjens is schrijver. In haar laatste roman Misschien wel niet spelen hedendaags moederschap en samengestelde gezinnen een belangrijke rol.