Vandaag de eerste bergen, Kelderman helpen dus

Timo Roosen (23) debuteert dit jaar met Lotto-Jumbo in de Tour de France. NRC volgt hem dagelijks om te zien hoe hij zich staande houdt in de grootste wielerwedstrijd ter wereld.

Je debuut op de nationale televisie, live bij de NOS!
“Ja, ik geloof van wel. Met Dione en Danny. Was grappig om te doen. Ik zat alleen nog vol adrenaline van de finale. Daardoor was ik een beetje opgefokt. Ik heb de uitzending net nog even teruggekeken. Het was precies zoals ik een vriend van me laatst appte: kut. Het is niet leuk om jezelf terug te zien op beeld.”

Naar de koers. Je was veel in beeld in de finale. Was je goed?
“Ja, ik heb goede benen. Ik ben weer helemaal hersteld van die valpartij. De finale was alleen een stuk pittiger dan ik had verwacht. Er zaten allemaal van die hupsjes in het parcours.”

Ehh, hupsjes?
“Ja, heuveltjes waar ze in dit peloton keihard overheen rammen. Hupsjes.”

Zijn het ook hupsjes in de etappe van woensdag?
“Nou, dat zijn toch echt meer beklimmingen hoor. Ik ben erg benieuwd hoe dat zal gaan. In de Vuelta van vorig jaar kon ik goed meekomen, maar ik weet dat het in de Tour nog veel harder gaat bergop. Alle toppers zijn er en iedereen is in vorm. Ook alle knechten.”

@timoroosen

En het idee is?
“Dat ik Wilco zo lang mogelijk ga helpen, dat zal het wel worden. Als de wegen smal worden, moet ik hem uit het gedrang houden. En in de finale weet je nooit welk tempo het peloton ons gaat opleggen. Spannend vind ik het niet. Ik weet wat pijn lijden is.”

Slaap je een beetje de laatste nachten?
“We zitten nu eindelijk in een hotel waar ik een beetje de ruimte heb. De eerste vijf nachten in Normandië moest ik mijn koffer in de kast zetten, want die paste niet naast mijn bed. Superkrap was het daar. Dat was best wel even pittig. Ik heb sowieso altijd wel moeite met in slaap komen. Dan lig ik nog over de koers na te denken. Mijn vriendin gaf me een boek over slapen, maar daar heb ik nog geen tijd voor gehad. Gelukkig hebben we allemaal ons eigen matras mee, dus ik lig altijd goed, hoe kort het bed ook is.”