Drama blijft schematisch

De wiskundige Godfrey Harold Hardy haalde kort voor de Eerste Wereldoorlog het briljante Indiase natuurtalent Srinivasa Ramanujan naar Cambridge. In de film van debuterend schrijver-regisseur Matthew Brown zijn de twee mannen, gespeeld door Jeremy Irons – getypecast als gereserveerde Brit – en Dev Patel – die doorbrak met Slumdog Millionaire – tegenpolen.

De film is opgebouwd rond tegenstellingen: de kleuren van India versus het grijze Engeland, armoede van Madras versus de praal van Cambridge, het naïeve natuurtalent versus de geharde academicus, de hindoe die gelooft dat God de wiskunde bij hem influistert versus de atheïst.

Met al die contrasten valt de film nogal schematisch uit. Van een echte verhouding tussen de twee mannen is nauwelijks sprake. Ook Brown kan aan leken niet precies duidelijk maken wat er op het spel staat bij al die complexe formules, maar hij geeft in ieder geval een indruk van de schoonheid die mathematische geesten in wiskunde ontwaren.

The Man Who Knew Infinity is keurig kostuumdrama: weinig mis mee, maar vlak.