Een belevenis is het nog niet écht, dat centrum

Het had een drukke „ontdekattractie” moeten worden, het Inspiratiecentrum Grevelingen dat vorig jaar mei werd geopend. Een jaar later zijn er grote financiële problemen en maar weinig bezoekers. Donderdag vergadert het natuur- en recreatieschap over hoe het verder moet.

Foto Gino Kleisen

Je kunt een speld horen vallen in het enorme Inspiratiecentrum aan de Brouwersdam. In de blauwe Waterzaal, waar een film wordt vertoond over het rijke Zeeuwse onderwaterleven, is niemand te bekennen. Idem dito bij de Panoramashow van de Eilanden de Weetjeswand en de tentoonstelling Woord en Kunst.

Een met grote ramen uitgeruste uitkijktoren, 26 meter hoog, steekt boven het honderd meter lange gebouw uit. De toren is het domein van een enkele meeuw. Beneden in de coffeecorner met streekprodukten staan honderd stoelen en een flink aantal Brouwersdammetjes – in de omgeving geproduceerde huisgebakjes – vermoedelijk vergeefs te wachten op klanten.

„Dat komt door het weer”, zegt communicatiemedewerkster Jorne Kap, die haastig uit de coulissen tevoorschijn is gekomen nu er geïnteresseerde bezoekers zijn. „Als de zon schijnt, blijven mensen weg. En het is dinsdag, hè.”

Het Natuur- en Recreatieschap Zuidwestelijke Delta, verantwoordelijk voor natuur en recreatie rond het Grevelingenmeer, heeft zich vertild aan het Inspiratiecentrum Grevelingen. De bouw ervan, en van een nabijgelegen luxe resort, moest extra inkomsten genereren, maar leidde tot financiële en organisatorische problemen. Donderdag vergadert het schap daarover.

Het Inspiratiecentrum domineert de Brouwersdam, onderdeel van de Deltawerken. Aan de ene kant ligt de zee, aan de andere kant de Grevelingen, een uitgestrekt zoutwatermeer. Onder aan de dam is de bekendste kite- en windsurfspot van Nederland. De surfers klagen er dat het centrum hun wind wegneemt.

De langgerekte hal en de toren zijn van buiten helemaal bedekt met riet, waardoor het ontwerp „opgaat in de omgeving”. Dat is belangrijk, zegt Kap. Volgens haar weet het natuurlijke materiaal bezoekers te verleiden. „Ze komen hier argwanend naartoe, door alle verhalen die ze hebben gehoord. Maar als ze al dat riet zien, valt er een last van ze af.”

De „ontdekattractie” met „een natuurlijke uitstraling en mediagenieke landmark-allure”, zoals het centrum wordt aangeprezen, is een paradepaardje van het bestuur van het recreatieschap, op de grens van Zuid-Holland en Zeeland. Het schap begon in 2010 aan het project door subsidies aan te vragen voor de bouw van „een proeftuin op het gebied van duurzaamheid in al zijn facetten” – midden op de Brouwersdam. Daarvoor waren Europese subsidies beschikbaar, plus zogeheten natuurcompensatiebudget als gevolg van de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Voor zo’n 3,25 miljoen euro moest het project gerealiseerd kunnen worden, blijkt uit de subsidieaanvragen.

Minister Melanie Schultz (Infrastructuur en Milieu, VVD) noemde het gebouw eind vorig jaar een voorbeeld van verantwoorde kustbebouwing, tijdens de presentatie van haar omstreden plannen voor het versoepelen van de bouwregels aan de kust. „Door meer ruimte te bieden aan initiatieven in het kustgebied wil het Rijk een veilige, aantrekkelijke en economisch sterke kust realiseren”, schreef de minister in een toelichting. Daarop vooruitlopend had Schultz voor het centrum alvast een „ontheffing” verleend.

De soepeler regels kwamen er niet, na een campagne onder leiding van Natuurmonumenten. Het Inspiratiecentrum stond er al, en blijkt nu een hoofdpijndossier, zo valt af te leiden uit de vergaderstukken.

In mei 2015 werd het gebouw feestelijk geopend, met een streekproductenmarkt en een obstakelrenbaan voor de kinderen. Na dit „mooie en geslaagde eerste weekend” begonnen de problemen. Er is sprake van „een tegenvallend bezoekersaantal” en de exploitatie is „in deze opstartfase niet sluitend te maken”.

Huisaccountant Deloitte noemt het Inspiratiecentrum een „belangrijke complicerende factor” bij de jaarrekeningcontrole, vanwege de complexiteit en alle „juridische vraagstukken”. Ook financieel knelt het. De bouw kostte 336.000 euro meer dan begroot, en de exploitant hoeft de huur (begroot op een ton op jaarbasis) pas te betalen als de bezoekersaantallen zijn aangetrokken. In het eerste jaar waren er, ruim gerekend, enkele tienduizenden; gemikt wordt op zo’n honderdduizend. In de stukken is overigens sprake van een aanzienlijk „leegstandsrisico”.

Volgens projectcoördinator Daniël Bakker van Groenservice Zuid-Holland, de provinciale dienst die verantwoordelijk was voor de projectontwikkeling aan het Grevelingenmeer, is er een te grote broek aangetrokken. „Terugkijkend: we hadden dit niet zo moeten doen”, zegt hij. „De bestuurders hadden grote ambities, maar dit project is te groot en te complex voor onze ambtelijke organisatie.”

Leo Vorthoren, beleidsmedewerker van de Zeeuwse Milieufederatie (ZMf), denkt niet dat het centrum ooit levensvatbaar zal zijn. Hij noemt het gebouw „een toonbeeld van hoe het niet moet”. Het kwam er ondanks een rechtszaak van vier natuurorganisaties en protesten uit de wijde omgeving, van bewoners en lokale ondernemers. „Er is subsidie- en natuurgeld verspild, en het landschap op de dam is permanent aangetast. Want wat er ook gebeurt, dat gebouw gaat niet meer weg.”

Inspiratie- en ervaringsondernemer Bert Kranendonk, bedenker en exploitant van het Inspiratiecentrum, is aanmerkelijk optimistischer. Kranendonk ontwikkelde ooit de zeer populaire Heineken Experience bij de oude Heineken-brouwerij in Amsterdam, en geldt sindsdien als goeroe van de beleveniscentra.

Hij is bezig „de identiteit van het centrum te veranderen”. „We verwachten veel van grootschalige evenementen en we worden meer een slechtweervoorziening”, zegt Kranendonk. „Denk aan proefavonden met lokale wijnen, en sunset-belevenissen – de zonsondergang zien en daarna een fijne natuurfilm kijken.” De uitkijktoren wil hij benutten als escape room, een soort doolhof waaruit bezoekers moeten ontsnappen door raadsels en puzzels rond „lokale thema’s” op te lossen.

Het gebouw is een statement, beseft Kranendonk, maar ook een must in de slag om de moderne vakantieganger. „Simpelweg ergens heen rijden en buiten recreëren is niet meer genoeg, anno 2016”, zegt hij. „Mensen willen geïnspireerd raken door hun omgeving.”

De lage bezoekersaantallen ziet hij – net als het recreatieschap – als een aanloopprobleem. „De hele branche weet dat je zo’n centrum niet in een jaar draaiende hebt”, zegt Kranendonk. „We zijn aan het bijstellen, maar er zit gewoon heel veel toekomst in de inspiratiecentra.”

Kranendonks droom is om in 2018 buitenlandse bezoekers een geheel verzorgde tocht aan te bieden rond het thema water. Die zou beginnen op het Inspiratiecentrum en dan via zijn Delta Experience Center in Dordrecht naar zijn vernieuwde bezoekerscentrum bij de molens in Kinderdijk voeren. Beoogd eindpunt: de Afsluitdijk, waar hij in 2018 het Beleefcentrum de Nieuwe Afsluitdijk opent. Toeristen kunnen daar „het verhaal van Dutch Delta Design, Unesco Werelderfgoed Waddenzee en de Vismigratierivier beleven”.

Leo Vorthoren van de Zeeuwse Milieufederatie gelooft er weinig van. Vergelijkbare centra in Zeeland zijn allemaal ten onder gegaan aan financiële problemen. Hij kan ze zo opnoemen: Milieucentrum Ecoscope in Renesse, Scaldis Naturalis in Sint-Maartensdijk en bezoekerscentrum Het Zwin in Sluis. „Er wordt elke keer weer iets nieuws gebouwd uit naam van het milieu, maar het gaat ze gewoon om nieuwe gebouwen.”