Cosmetisch modderen

nrcvindt

En weer is het zover. Met een gruwelverhaal van een uit de hand gelopen buikwandcorrectie als aandachttrekker, zijn het dit keer de plastisch chirurgen die hun bezorgdheid onderstrepen over de wildgroei in de cosmetische chirurgie. De Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie (NVPC) vraagt om regulering, met „strengere en eenduidige regels”. Het lijkt een vervolgactie op het bericht, afgelopen maart, dat het Erasmus Medisch Centrum een officiële opleiding voor cosmetische dermatologie wil installeren.

Maar die opleiding haalt weinig uit, zolang nog élke basisarts actief mag zijn als cosmetisch chirurg. Maakt deze slachtoffers dan belandt de cliënt, die inmiddels patiënt is, niet zelden bij de plastisch chirurg. Deze arts, die wél een specialistische opleiding genoot, kan dan aan de slag om littekens, bulten, verlamming of andere effecten van ondeskundig doktertje spelen op te lappen.

De cosmetische chirurgie floreert. Vrouwen worden op hun uiterlijk afgerekend, en ook veel mannen voelen zich geroepen ‘iets te laten doen’. De dramatische ervaringen op dat gebied groeien mee. In 2013 diende minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) wetsvoorstel in om de cosmetische sector te reguleren. Maar ook als die wet wordt aangenomen, zal de sector zelf toezicht moeten houden. En de cliënt zal zelf moeten uitzoeken of hij met een geregistreerde arts in zee gaat. Esthetische klinieken vallen dan nog altijd niet onder gezondheidszorg, terwijl de ingrepen allang zijn opgeschoven naar een vorm van medisch specialisme. Een filler of facelift, sussend gepresenteerd op glamoureuze websites, is invasiever dan de cliënt denkt.

De mensen op de behandeltafel van de cosmetisch chirurgen zijn ongelukkig over hun uiterlijk, en juist dat uiterlijk is bij deze artsen in gevaar. De cliënten leggen hun lot vrijwillig in de handen van de beunhaas en dat is hun eigen verantwoordelijkheid. Pech.

Wie naar een kinderarts gaat, of een podoloog, kan erop rekenen dat deze een specialist is waarvoor maatstaven bestaan en inspectie. Wie ervoor kiest aan zijn of haar uiterlijk te laten werken, bezoekt een arts maar ontbeert die zekerheid. Hij of zij kan gewaarschuwd zijn doordat de ingreep niet in het basispakket wordt vergoed. Maar dat geldt voor meer, als noodzakelijk ondervonden, behandelingen, dus groot alarm gaat er niet af.

Wie lijdt onder zijn of haar uiterlijk bezoekt iemand die arts is maar geen specialist. In een kliniek die geen ziekenhuis is. De verlangde ingreep is er om verdriet over het uiterlijk te verhelpen. Men heeft er veel voor over. En uitgerekend deze behandeling mag elke niet nader opgeleide basisarts doen. Dat klopt niet.