Zes uur rijden, vijf keer plassen en een beetje kletsen

Timo Roosen (23) debuteert dit jaar met Lotto-Jumbo in de Tour de France. NRC volgt hem dagelijks om te zien hoe hij zich staande houdt in de grootste wielerwedstrijd ter wereld.

Man, wat een saaie etappe was dat. Voor jou ook?
“Ja, ik weet niet precies wat er met het peloton aan de hand was vandaag. Bij de eerste kilometer demarreerde die gast [Armindo Fonseca, red.] en helemaal niemand had zin om achter hem aan te rijden. Hij kon gewoon zittend wegrijden en dat was dan de vroege vlucht. Ik gok dat iedereen energie wilde sparen. Dat het een massasprint zou worden wisten we allemaal wel. Maar die jongen had tenminste wel ballen. De ballen van de dag wat mij betreft. Dat die Voeckler dan de prijs voor de strijdlust krijgt omdat hij ook vijftig kilometer op kop heeft gereden slaat echt nergens op.”

@timoroosen

@timoroosen

Hoe ben je die zes uur fietsen eigenlijk doorgekomen?
“Ik heb zeker vijf keer moeten plassen omdat we zo langzaam reden. Normaal plas ik tijdens een etappe maar één, maximaal twee keer. Ik ben toch maar blijven drinken en meestal zweet ik dat er wel weer uit. Maar nu niet. Het leek wel of zo’n bidon rechtstreeks naar beneden stroomde. Verder heb ik zitten kletsen met wat andere Nederlanders, met renners uit andere landen heb ik nog niet zo veel. Wat we dan bespreken? Och, we hebben het niet alleen over fietsen, dat is ook wel eens lekker. Meer van die standaard dingetjes, hoe het thuis is en zo.”

Verwijt je de organisatie iets, als je zulke etappes moet rijden?
“Verwijten niet, maar ik vind vooral dat het niets toevoegt aan de koers, het wordt er zo natuurlijk niet mooier op. Dus van mij hoeft het niet zo. In het peloton had iedereen het daar ook over. Dat het zo saai was en dat het zo lang duurde. Dat die gast zo vroeg al demarreerde en niemand meekreeg, werkte ontmoedigend. Die actie hield ons allemaal in een soort greep. Het enige wat ik heb gedaan is praten, plassen en eten. En opnieuw.”

Totdat de finale begon.
“Ja, ik heb het net nog even teruggezien. We maakte helaas zelf een foutje. Ik moest remmen en Dylan probeerde het zonder te remmen op te lossen door om een wiel heen te sturen. In tweetienden ben je elkaar dan kwijt en dan is het gebeurd.”

En dinsdag weer zo’n dag, de langste etappe van de Tour. Sterkte.
“Ja, ik probeer maar niet te veel aan die afstand te denken en ik ga gewoon zo min mogelijk op mijn tellertje kijken. Maar voor hetzelfde geld gaat het de hele dag keihard en moet je vechten om aan het wiel te blijven hangen. Ons strijdplan ken ik nog niet, dat bespreken we vlak voor de start. Er zitten veel hoogtemeters in de finale dus of Dylan echt een kans krijgt… Misschien is het meer iets voor Sep [Vanmarcke] of Paul [Martens].