Namen slechte verpleeghuizen dinsdag openbaar

Staatssecretaris Van Rijn wil snel “namen en rugnummers” bij de instellingen waarover zorgen bestaan.

Staatssecretaris Martin van Rijn op archiefbeeld. Jeroen Jumelet / ANP

Staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) maakt dinsdag bekend welke van de door de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) onderzochte verpleeghuisinstellingen onder de maat presteren. De Tweede Kamer oefende maandag druk uit om de namen van die verpleeghuizen openbaar te maken. Kamerlid Sjoerd Potters van de VVD zei:

“Je moet er niet aan denken dat je vandaag gaat beslissen naar welk verpleeghuis je vader of moeder gaat. Zonder te weten of het wel veilig is. Die lijst moet zo snel mogelijk openbaar.”

Zeer grote zorgen over elf instellingen

De inspectie heeft het afgelopen jaar extra toezicht gehouden op 150 verpleeghuisinstellingen. Uit het rapport hierover bleek maandag dat de inspectie zeer grote zorgen heeft over elf instellingen. Nog eens 38 verpleeghuizen doen het ook niet goed genoeg en blijven onder scherp toezicht staan. Om welke instellingen het gaat, bleef onduidelijk.

Wel liet staatssecretaris Van Rijn in een reactie op het rapport weten dat er een interventieteam op de elf instellingen komt. Dat team bestaat uit medewerkers van de Nederlandse Zorgautoriteit, zorgkantoren en het ministerie. Ze kunnen ingrijpen door bestuurders te vervangen, patiëntenstops af te kondigen en zelfs door instellingen te sluiten. Van Rijn liet later maandag ook weten:

“Ik wil ook snel namen en rugnummers bij de instellingen waarover de IGZ de grootste zorgen heeft. En natuurlijk ook bij de instellingen die wel goed genoeg presteren en alles wat ertussen zit.”

De inspectie informeert alle 150 instellingen uit het rapport over het openbaar maken van de informatie, zodat dit dinsdag kan gebeuren.

Onvoldoende aangestuurd op kwaliteit en veiligheid van de zorg

De inspectie concludeert in haar rapport dat er bij de onderzochte instellingen onvoldoende wordt aangestuurd op kwaliteit en veiligheid in de zorg. Zo worden fouten niet bij de meldingencommissie aangegeven, waardoor er te weinig van wordt geleerd. Ook komt het voor dat wel gemelde fouten niet worden gebruikt om de zorg te verbeteren.

Verder laat de deskundigheid van zorgpersoneel in een aantal gevallen te wensen over. Bij 40 procent van de onderzochte verpleeghuizen wordt niet volgens protocol gewerkt. Zo wordt bij 39 procent van de instellingen geen tweede controle uitgevoerd bij risicovolle medicatie. Ook paste bij één op de vijf verpleeghuizen het personeel vrijheidsbeperkende maatregelen niet zorgvuldig toe. De coördinatie scoort bij een kwart onvoldoende - het was dan niet duidelijk welke zorgverlener bij welk onderdeel van de zorg betrokken is.