Schoner? Atletiek is nog steeds verrot

Interview Rutger Smith

Nederlands beste kogelstoter en discuswerper voelt zich bestolen door collega’s die naar verboden middelen grepen. „Ik zie aan de lichaamshouding wie dope gebruikt.”

Olaf Kraak/ANP

Noem het verborgen woede. Maar wel échte woede, al zestien jaar. Waarom zou Rutger Smith voortdurend rondbazuinen dat veel van zijn concurrenten, met name uit voormalige Oostbloklanden, schuldenvrij doping gebruiken? Wie er naar vroeg hoorde zijn mening, maar verder stootte hij de kogel en wierp hij de discus, zo ver hij kon – clean, zegt hij.

Van hogerhand ervoer de bijna 35-jarige Smith, tegenwoordig met baard, weinig actie tegen doping. Het belang van macht en geld woog altijd zwaarder, veronderstelt hij. Doping? Ach ja, doping, zo’n houding, bij zowel de internationale atletiekfederatie IAAF, het Internationaal Olympisch Comité (IOC) als zelfs het wereldantidopingagentschap WADA. Nu de Russische beerput is opengetrokken moet Smith hard lachen. Om een uitkomst die hij al zestien jaar kent. Met onverholen cynisme: „Het verschil is dat nu ook de buitenwereld op de hoogte is.”

Namen en rugnummers

Smith komt met beschuldigingen zonder bewijzen, hij weet het. Namen en rugnummers zal je de atleet niet horen noemen. Juridisch link. „Maar van Russen, Wit-Russen en Oekraïeners weet je dat ze ‘eraan’ zitten”, zegt Smith zonder terughoudendheid. „Natuurlijk moet je bewijzen hebben, maar ik ben niet op mijn achterhoofd gevallen. Ik sta nog steeds tussen al die jongens. Ik weet wat het is om de kogel ver te stoten of de discus ver te werpen. Ik zie aan de lichaamshouding wie dope gebruikt. En aan de resultaten. Alleen presteren als het er toe doet is verdacht. Schommelingen in prestaties zijn nooit normaal.”

Een gelauwerde carrière is hem ontnomen, beweert hij stellig. Nadat de junior Smith in 1999 Europees kampioen (kogel en discus) en in 2000 wereldkampioen (kogel) was geworden blonk goud hem toe, vermoedde het krachtmens uit Leek. Mis. De Oost-Europese junioren die hij had verslagen, werden op de grote podia vervangen door nieuwe werpers, die op hun beurt daarna ook veelvuldig werden gewisseld. Maar de hoofdprijzen bleven zij wegkapen. Die junioren heeft Smith nooit teruggezien. En gouden medailles won hij nooit meer. Zilver en brons waren het hoogst haalbare, en dan ook nog drie keer nadat bij hertesten gepakte mannen – inderdaad Oost-Europeanen – uit de uitslagen waren geschrapt.

Paar ton misgelopen

Doping heeft hem een aantal gouden medailles gekost, weet Smith zeker. Ja, ook olympisch goud, die bewering durft hij wel aan – „ik denk dat op de Spelen in Athene en Beijing weinig jongens voor mij clean waren”.

En hij is veel geld misgelopen. De werper heeft er nooit een rekensom op losgelaten – „maar een paar ton heeft het zeker gescheeld”. Van de zilveren en twee bronzen medailles die hij naderhand kreeg, miste hij de premies en de statusrevenuen. Smith: „Het stapelt zich op. Als je drie jaar achtereen medailles wint, krijg je beter betaald. En dat kan behoorlijk oplopen.”

Heeft Smith vanwege zijn gedevalueerde positie dan nooit zelf overwogen doping te gebruiken? Eerlijk: „Ja, ik heb er aan gedacht, maar dan in de zin van: wat als? Het was verleidelijk, dat erken ik. In tegenstelling tot veel andere landen is het in Nederland de zonde niet waard. Als je gepakt wordt ben je voor de rest van je leven besmet en kun je een carrière in de sport verder vergeten. Bovendien heb ik mijn ouders plechtig beloofd nooit doping te zullen gebruiken en dat heb ik herhaald aan het ziekbed van mijn in 2010 overleden vader. Echt, ik zweer op de urn van mijn vader, dat ik nooit aan de doping heb gezeten.”

De oneerlijkheid heeft Smith nooit van de atletiekbaan verdreven. Altijd won passie het van frustratie. Hij kan de internationale schorsing van Russische atleten moeilijk als gerechtigheid zien. Goed dat het gebeurt, maar het dopingprobleem is er niet mee opgelost, vindt Smith. „Het is nog steeds één grote poppenkast”, blameert hij de sportbestuurders. „De sport is ziek, verrot. En wat hebben de IAAF, WADA en IOC gedaan? Weinig tot niets. Ze zijn veel te soft. ‘Rusland’ is hooguit een beginnetje. Eerst moet de bezem door al die organisaties, met nieuwe, jonge mensen, met een onbelast verleden.”

Gebruikers keihard aanpakken

Smith is van de harde lijn. Geen begrip voor armlastige achtergronden van sporters en geen coulance voor overtreders. Eenmaal betrapt, dan levenslang schorsen, is Smiths opvatting. Onwrikbaar: „De regel is simpel: je mag geen doping gebruiken. Nieuwe kansen na een uitgezeten straf? Waarom? Zo makkelijk gaat dat niet. Er zijn dan al vele carrières verwoest. Neem de Amerikaanse sprinter Justin Gatlin; die had voor zijn leven geschorst moeten worden. Maar hij wordt na zijn straf met open armen ontvangen, vooral door sponsoren. Echt, het is te gek voor woorden.”

Zijn door doping vertroebelde carrière wil Smith graag van een passend afscheid voorzien, te beginnen deze week op de Europese kampioenschappen in Amsterdam. In het Olympisch Stadion mikt de discuswerper tevens op overschrijding van 65 meter, de olympisch limiet.

Door gedopete atleten ben ik zeker een paar ton aan inkomsten misgelopen

Hoe reëel Smiths kansen zijn? De werper is optimistisch, al heeft hij een achterstand van twee jaar stilstand wegens een gescheurde achillespees moeten overbruggen. En onlangs heeft hij een spier in de lies gescheurd. Maar een fitte Smith heeft tijdens trainingen de discus al menigmaal rond de 65 meter gegooid.

Voor de vierde keer op rij naar de Olympische Spelen, dát zou gaaf zijn. Zo niet dan gaat Smith zeker nog één jaar door, om in 2017 op de WK in Londen definitief uit de ring te stappen. Dan is hij 36 jaar oud, tijd om ander werk te zoeken. Wel in de sport, bij voorkeur in coaching of management.

Tot die tijd nog een aantal keren vlammen. Profiteren van de lichaamseffecten van de Californische zon in het mondaine Newport Beach, waar hij vier jaar geleden naar toe verhuisde. Smith voelde zich niet meer prettig in Nederland. Geen onvrede, maar vanwege het monotone bestaan als atleet. De werper had nieuwe prikkels nodig, zegt hij. „Het was tijd om te vertrekken, omdat iets in mij zei dat ik een verandering nodig had.”