Piepjes

Het stedentripje werd nog voor het begon van het bijvoeglijk naamwoord ‘romantisch’ beroofd door een conducteur die constateerde dat een van ons tweeën – ik weer – niet had ingecheckt.

Niet goed inchecken is op zich geen ramp, net zoals het kwijtraken van een bril, het vergeten van huissleutels, het te laat betalen van een telefoonrekening, het verliezen van een BP-tankpas en het verkeerd regelen van een oppas ook geen rampen zijn. Doe je het in korte tijd allemaal dan heb je een probleem.

Wat ik in dit soort situaties fout doe, is dat ik de discussie aanga. Niet ingecheckt is gewoon niet ingecheckt, maar ik wil dan graag vertellen dat ik de portemonnee wel bij de incheckpaal heb gehouden.

„Maar dan heeft u denk ik geen piepje gehoord”, zei de tegenpartij op de toon van iemand die het gelijk aan zijn zijde heeft.

„Ik denk het wel. Ik hoor de hele dag piepjes”, zei ik naar waarheid.

De conducteur kon ter plekke een boete van vijftig euro uitschrijven, maar als hij mij was zou hij op station Eindhoven even uit de trein springen, naar de stationshal rennen, daar inchecken en heel snel terug rennen. Ik had anderhalve minuut.

De Vriendin stelde nog voor om samen uit te stappen, maar dat hoefde van mij niet. De lieverd hoefde niet weer de dupe te worden. Deze volwassen vent ging dit varkentje zelf wassen, bovendien waar hadden we het over? Dafne Schippers liep de honderd meter toch ook in elf seconden?

Ik vertrok goed, als een hinde sprong ik over een koffer en ik stortte me op de roltrap naar beneden die uitkwam in een te smalle gang met teveel mensen want ook aan station Eindhoven wordt gewerkt.

We vonden elkaar anderhalf uur later op een ander station. Ik wist wat ze dacht en ook dat de waarheid nul indruk zou maken. De nadruk lag hoe dan ook op het falen.

In de bed & breakfast hadden we de ‘torenkamer’, toerisme-taal voor drie trappen op. Twintig vierkante meter met een bed, een regendouche, een plasmascherm en heel veel foto’s van de koninklijke familie. We installeerden ons en gingen weer naar beneden waar de eigenaar trakteerde op koffie en tips. De regen sloeg tegen de ramen terwijl hij het had over een stadswandeling. Hij gaf ons ook een pasje waarmee we ’s nachts naar binnen konden. We moesten het tegen een zwart vlak houden. Hij stelde voor om het te oefenen. Normaal gesproken zou ik daarvoor bedanken, maar nu volgde ik gedwee.