Overheid komt met lijst voor eerlijke kledingmerken

Bijna zestig Nederlandse kleding- en textielbedrijven zullen maandagochtend het Duurzame Kleding en Textiel Convenant tekenen.

Minister Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking tijdens haar bezoek aan een textielfabriek Kohinoor in Pakistan in 2014. Foto Tanveer Shahzad/ANP

Het kabinet en elf maatschappelijke organisaties presenteren vandaag een lijst met eerlijke kledingmerken. De ondernemers die het ‘Convenant Duurzame Kleding en Textiel’ tekenen, beloven zich in te zetten voor betere arbeidsomstandigheden en het milieu en klimaat te sparen in de productie van hun kleding en textiel.

Bijna zestig bedrijven, onder andere WE Fashion, America Today, HEMA, Sissy Boy, en De Bijenkorf, zullen maandagochtend het convenant tekenen. Samen zijn de bedrijven goed voor 30 procent van het marktaandeel in de Nederlandse kledingmarkt en het doel is dat het marktaandeel van bedrijven op de lijst in 2020 opgelopen is tot 80.

De kleding- en textielbedrijven moeten er onder andere voor zorgen dat ze geen gebruik maken van kinderarbeid of gedwongen arbeid, dat degenen die hun kleding maken een leefbaar loon krijgen en een veilige en gezonde werkplek hebben waar niet gediscrimineerd wordt. Ook moeten ze hun milieu-impact verminderen: ze moeten watervervuiling tegengaan en duurzaam gebruik maken van grondstoffen en streven naar circulaire productie.

De bedrijven moeten rapporteren over de gemaakte afspraken. Als bijvoorbeeld blijkt dat in het productieproces toch kinderarbeid is gebruikt, kan na hoor- en wederhoor publiekelijk bekend gemaakt worden dat het bedrijf in kwestie van de lijst gehaald wordt. Aan de andere kant worden de ‘best practices’ van de bedrijven op de lijst publiek gemaakt, wat het imago van die bedrijven te goede komt.

Kritiek

De NGO Schone Kleren Campagne (SKC), die zich inzet voor veilige werkomstandigheden in de kledingindustrie, heeft kritiek op het convenant en weigert het convenant te tekenen. Hoewel de organisatie positief is over het feit dat er actie ondernomen wordt over arbeidsomstandigheden, is de organisatie bang dat de afspraken alleen een “papieren werkelijkheid” zijn. SKC vindt de afspraken niet concreet genoeg. Het convenant geeft bijvoorbeeld geen concrete invulling aan de belofte over een leefbaar loon. Ook staat het convenant slechts toe de rapporten van de bedrijven steekproefsgewijs - niet systematisch - te controleren.

Ingestorte fabriek Bangladesh

In 2013 kwamen 1.130 mensen om toen een grote kledingfabriek in Bangladesh instortte. Na het Rena Plaza incident haastten kledingbedrijven zich om afspraken te maken over veiliger werkomstandigheden, hogere lonen en duurzaamheid. Verandering komt echter langzaam: bedrijven zoeken nog steeds naar de laagste productiemogelijkheden, en de lonen zijn maar een klein beetje hoger geworden.

Lees meer over de beloofde verbeteringen na Rena Plaza: Dit nooit meer, zeiden kledingfirma’s een jaar geleden. Meenden ze dat?