IS slaat na verlies Falluja hard terug

Na de aanslag in Bagdad – er vielen zeker 200 doden – richt de woede zich op premier Abadi, die veiligheid beloofde.

De ravage na de verwoestende bomaanslag op een winkelgebied in Bagdad waarbij zaterdag zeker 200 doden vielen. Foto Hadi Mizban/AP

Voor de Iraakse premier Haider al-Abadi werd zijn bezoek zondag aan de plek van een zware bomaanslag in Bagdad waarbij zeker 200 mensen om het leven kwamen een bijzonder pijnlijke affaire. Woedende burgers achtervolgden zijn gepantserde auto, terwijl ze hem bekogelden met stenen, waterflessen en – een diepe belediging in islamitische landen – met slippers en sandalen. „Dief”, schreeuwden ze hem nog na.

Met dit protest wilden de boze bewoners de premier herinneren aan zijn bewering dat de bevrijding van de nabijgelegen stad Falluja uit handen van Islamitische Staat noodzakelijk was om een eind te maken aan terroristische aanslagen op doelen in de Iraakse hoofdstad. Volgens Abadi waren die voorbereid in Falluja.

Falluja is inmiddels na zware gevechten in handen van regeringstroepen gevallen maar met de verwoestende aanslag van dit weekeinde, de zwaarste in een jaar tijd, heeft IS aangetoond dat het terroristische gevaar voor de inwoners van Bagdad nog allerminst is geweken.

IS stuurde in de nacht van zaterdag op zondag iets na middernacht een vrachtwagen vol explosieven naar een markt- en winkelgebied in de shi’itische wijk Karrada. Op dat moment was het daar nog erg druk omdat veel mensen inkopen deden in verband met het naderende feest voor het einde van de vastenmaand ramadan. Na een dag vasten eten veel inwoners van Bagdad bovendien tot laat in de avond buitenshuis een hapje.

Hele gezinnen tegelijk gedood

Volgens reddingswerkers kwamen bij de zelfmoordaanslag hele gezinnen tegelijk om het leven. De lichamen van veel slachtoffers waren zo verkoold dat ze niet onmiddellijk konden worden geïdentificeerd. Door de verwoestende explosie kwam een deel van de omgeving in lichterlaaie te staan, was op videobeelden te zien. IS stelde zich naderhand voor de aanslag verantwoordelijk. Kort daarop volgde nog een kleinere explosie, in een andere wijk van Bagdad, waarbij vijf mensen bij om het leven kwamen.

Premier Abadi liet later in een verklaring weten dat hij begrip had voor de woede van de burgers. Hij kondigde nieuwe veiligheidsmaatregelen aan. Zo zullen niet-functionerende bomdetectoren bij controleposten op toegangswegen tot de stad worden weggehaald. Deze in de volksmond ‘toverstokjes’ genoemde apparaten bleken al vijf jaar geleden waardeloos maar de regering nam niet de moeite ze te verwijderen. De producent, een Brit, werd in 2013 tot tien jaar gevangenisstraf veroordeeld in eigen land omdat hij levens op het spel had gezet voor financieel gewin.

Jasim al-Bahadli, een voormalige legerofficier die tegenwoordig werkt als veiligheidsanalist, noemde het tegenover het persbureau Reuters „een vergissing” van de Iraakse regering om te denken dat de bron van de aanslagen maar uit één bepekt gebied afkomstig zou zijn. „Er zijn slapende cellen die onafhankelijk van elkaar opereren”, zei hij.

Andere analisten hebben er voor gewaarschuwd dat IS waarschijnlijk vaker aanslagen in Bagdad en andere door shi’ieten gedomineerde steden zal proberen uit te voeren, nu ze het op het slagveld zowel in Syrië als in Irak steeds moeilijker hebben en steeds meer terrein moeten prijsgeven. Die waarschuwing geldt trouwens niet alleen voor Iraakse steden. De vrees is dat IS zich ook vaker zal bedienen van aanslagen op doelen elders in het Midden-Oosten en in het Westen. Vorige week voerden strijders van IS een bloedige aanslag uit op het vliegveld van Istanbul.