Als Moskou niest, heeft Minsk griep

Wit-Rusland

Voor de derde maal sinds 1991 voerde Wit-Rusland een nieuwe munt in. Het heeft last van de crisis bij grote broer Rusland.

Voor veel oudere Russen zijn winkels en vakantieoorden in Wit-Rusland een herinnering aan de Sovjet-tijd. Foto Ryhor Bruyeu

De voortekenen zijn ongunstig. Afgelopen vrijdag voerde Wit-Rusland – alweer – een nieuwe munt in. En meteen rezen twijfels over de kwaliteit ervan. Wit-Russische burgers zagen vreemde zwarte plekjes op de gloednieuwe roebelmunten: een teken van corrosie. Afgelopen zondag verschenen er op internet foto’s van een 2-roebelmunt waarop ‘Wit-Rusland’ verkeerd was gespeld: ‘BBelaroes’, met twee B’s.

De invoering van de nieuwe roebel (met de afkorting BYN) is de derde munteenheid sinds de Wit-Russische onafhankelijkheid en de zoveelste poging van de Wit-Russische Centrale Bank om te zorgen voor financiële stabiliteit. De ‘oude’ roebel (BYR) was weggezakt tot een koers van 22.000 roebel voor een euro. Bij de nieuwe munt zijn vier nullen geschrapt: de nieuwe BYN is 0,44 euro waard.

De vraag is hoe lang. Maandag zal de nieuwe roebel vrij verhandelbaar zijn op de internationale valutamarkten. Analisten verwachten dat de koers meteen naar beneden schiet. Daarmee lijkt het een kwestie van maanden of Wit-Russische burgers hebben weer stapels biljetten nodig om een halfje wit af te rekenen in de lokale supermarkt.

Wit-Ruslands president, Aleksandr Loekasjenko, wordt wel ‘de laatste dictator van Europa’ genoemd. De economische structuur die hij sinds 1994 heeft geschapen zou je overdreven kunnen omschrijven als de laatste planeconomie ter wereld. Terwijl Rusland in de jaren negentig de weg insloeg van het ‘wilde kapitalisme’ hield Loekasjenko – in een vorig leven directeur van een kolchoze – een ijzeren greep op de markt. Ruim twee decennia later is Wit-Rusland een post-communistische heilstaat met amper werkloosheid en een gemiddeld inkomen dat nauwelijks achterloopt bij dat van Rusland. Een aangeharkt land, waar oudere Russen graag op vakantie gaan.

Bijna gratis gas uit Rusland

Net als Poetins Rusland heeft Wit-Rusland sinds het begin van de eeuw spectaculaire groeicijfers laten zien, tot bijna 10 procent per jaar (2005). Die congruentie verraadt ook meteen het geheim van Loekasjenko’s economische ‘succes’. De Wit-Russische export – zowel de landbouw als de zware industrie – is in hoge mate gericht op Rusland. Maar zelfs op de Russische markt kunnen Wit-Russische producten alleen concurreren omdat ze worden gesubsidieerd door Moskou, in de vorm van bijna gratis energie. Loekasjenko’s planeconomie draait op Russisch gas, dat Moskou levert voor een tarief vér onder marktprijs.

Eind 2014 raakte de Russische economie in een crisis: het gevolg van een scherpe daling van de olieprijs en westerse sancties. In 2015 kromp de Russische economie met 3,7. In datzelfde jaar liep de Wit-Russische economie terug met 3,9 procent en kreeg Loekasjenko, voor het eerst tijdens zijn bewind, te maken met een crisis.

De recessie versterkt de gevolgen van de financiële instabiliteit die onder de economie ligt. Wit-Rusland heeft een groot handelstekort met het Westen, een groot gebrek aan westerse valuta en een begrotingstekort dat alleen kan worden gefinancierd met Russische leningen. In 2011 leidde dat tot een majeure financiële crisis, toen de regering een enorme devaluatie van de munt doorvoerde en Wit-Russen massaal hun roebel inwisselden voor euro’s en dollars. Nog steeds gelden er beperkingen voor de hoeveelheid westerse valuta die burgers kunnen kopen.

De financiële instabiliteit van Wit-Rusland is zelfs voor Moskou reden om voorlopig af te zien van verdere economische integratie. Rusland is al enkele jaren bezig met het opzetten van een ‘Euraziatische Unie’, een economisch blok dat moet gaan bestaan uit landen van de voormalige Sovjet-Unie. Wit-Rusland en Rusland zitten (samen met Kazachstan) in een douane-unie, en het was nog niet zo lang gelden dat Loekasjenko en Poetin openlijk spraken over het invoeren van één gemeenschappelijke roebel.

Vooral Rusland lijkt daar nu voor terug te schrikken. Tijdens zijn jaarlijke grote persconferentie aan het volk liet Poetin weten dat de gezamenlijke munt voorlopig niet aan de orde zal zijn, daarvoor zijn de economische verschillen nog te groot. De afgelopen anderhalf jaar is er nogal wat ruis ontstaan op de lijn tussen Moskou en Minsk. Rusland voerde in zijn eentje een embargo in van landbouwproducten uit de EU, zonder Wit-Rusland te consulteren. Minsk, op zijn beurt, verdient veel geld met de parallelimport van EU-producten naar Rusland: Wit-Russische mossels zijn een begrip in Moskou.

Ondertussen bijt de crisis. Voor dit jaar verwacht de Wereldbank verdere krimp, met 3 procent.