We doen het gewoon

Ouderschap Hoogopgeleide vrouwen wachten het langst om moeder te worden. Toch is er een groep die jong bevalt én doorwerkt. ‘Natuurlijk was het gepland.’

Was het bewust? Dat was de eerste vraag die veel collega’s stelden als Doris Hugen, basisarts, vertelde dat ze zwanger was. Ze was 26 jaar toen ze haar dochter kreeg. In haar vakgebied is jong moeder worden taboe, merkte ze. Vooral tijdens haar zwangerschap reageerden mensen veroordelend. „In plaats van ‘gefeliciteerd’ zeiden ze ‘hóe oud ben jij?’. Dat is niet de reactie waarop je hoopt”, zegt ze. „Natuurlijk was het gepland, ik weet toch hoe ik met anticonceptie moet omgaan.”

De gemiddelde leeftijd waarop vrouwen in Nederland een eerste kind krijgen is de afgelopen decennia steeds verder gestegen: van 24,3 jaar in 1970 tot 27,5 jaar in 1990. De laatste jaren (2004-2012) is de gemiddelde leeftijd stabiel: 29,4 jaar. Hoogopgeleide vrouwen wachten veel langer: bij de geboorte van het eerste kind is de vrouw gemiddeld 34 jaar.

Gynaecologen en ivf-artsen waarschuwen al een paar jaar: jongens, wacht niet te lang. Een vrouw wordt na haar 25ste minder vruchtbaar. Vanaf haar 30ste gaat de vruchtbaarheid in hoog tempo achteruit en dus blijven steeds meer stellen ongewenst kinderloos. Natuurlijk, er is ivf, maar de bijbehorende hormoonbehandelingen, ziekenhuisbezoeken, verwachtingen en teleurstellingen zijn taai.

Maar er is een groep jonge, hoogopgeleide vrouwen die het moederschap níet uitstelt. Doris Hugen en haar vriend, toen ook 26, wilden al jong ouders worden. Als arts is zij zich bewust van de complicaties die later kunnen optreden als je (te) lang wacht met kinderen krijgen. „De maatschappij vindt twintigers jong, terwijl de vruchtbaarheid bij vrouwen vanaf hun 25ste afneemt. Als je het zo bekijkt, was ik helemaal niet gek jong.”

Lastig was wel: geen vrienden om aan te vragen hoeveel milliliter melk je een baby in de avond geeft. Of je pasgeboren kind ’s nachts sokjes aan moet, ook al is het zomer. Dat krijg je als je de eerste bent in je vriendenkring die aan kinderen begint.

Annemiek Tesfahuny, marketeer aan de Erasmus Universiteit, was 27 toen ze bewust in verwachting raakte. De omgeving was verrast, mensen vonden een baby op die leeftijd een hele stap. „In mijn vriendenkring waren geen baby’s of serieuze zaken, maar wij hadden er zin in. We waren al lang bij elkaar en inmiddels benieuwd hoe een kind van ons samen eruit zou zien. We dachten: we doen het gewoon.”

Het gezin waarin meisjes opgroeien is van invloed op de timing van het moederschap: zijn de eigen ouders hoogopgeleid, dan stellen vrouwen het krijgen van kinderen langer uit. Reden voor uitstel zijn opleiding of carrière, zo blijkt uit de Emancipatiemonitor, een tweejaarlijks onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Vooral twintigers verwachten nadelige effecten voor hun loopbaan: van de vrouwen zonder kinderen denkt 58 procent dat het ouderschap schadelijk is voor hun loopbaan.

Enorme bewijsdrang

„Toen ik terugkwam van zwangerschapsverlof, had ik enorme bewijsdrang”, zegt Tesfahuny. „Ik wilde mijn manager en collega’s laten zien: ik ben moeder geworden, maar verder is er niets veranderd hoor! Ik legde de lat voor mezelf hoog. Voor mijn baan reisde ik elke dag van Rotterdam naar Amsterdam, ik zag mijn dochter ’s ochtends niet en ging niet naar huis voor een ziek kind. Mijn omgeving vond het onvoorstelbaar, stoer ook wel. Soms was ik om 3 uur ’s nachts nog met een voeding bezig terwijl ik om 6 uur moest opstaan. Nu vraag ik me ook af hoe ik dat heb gedaan.”

Jonge vrouwen zijn fit – de gebroken nachten en vroege ochtenden zijn toch veel beter te doorstaan op je 28ste dan op je 40ste? Dat is toch per persoon verschillend, zegt sociaal psycholoog Beatrijs Ritsema. Energieniveau en optimisme zijn persoonlijk. En of je kind goed of slecht slaapt, heeft niets met de leeftijd van de ouders te maken.

Clara Yeboah (29), sociaal psycholoog en moeder van een dochtertje van 1 jaar, denkt dat jong moeder zijn juist zwaarder is. Want je wil nog zo veel. „Oudere moeders lijken meer rust te hebben, minder te moeten. Ik wil werken, dingen kunnen kopen voor mijn kind en een prettig leven leiden. Mijn moeder was 39 jaar toen ze mij kreeg, zij had veel meer rust in haar hoofd. Ik ben zelf geen feestbeest, maar als je dat wel bent, is het lastig met een jong kind.”

Floor Ritzen (33), orthopedagoog, heeft drie kleine kinderen (6, 4 en 0 jaar) en vindt het ouderschap juist een verrijking voor haar carrière. „Soms laat ik het bewust vallen in een gesprek. Ik geef opvoedadviezen en dat voelt geloofwaardiger nu ik zelf kinderen heb. Vanuit wetenschappelijk onderzoek gelden bepaalde opvoedrichtlijnen, maar in de praktijk werkt het vaak anders. Als er een jonger broertje of zusje wordt geboren bijvoorbeeld: de theorie beschrijft dat je de oudere kinderen in het gezin moet betrekken. Bij mijn kinderen werkte dat juist niet, die kregen het benauwd. Als moeder kan ik nu tegen een andere ouder zeggen: hou niet teveel vast aan wat er in de boeken staat, maar kijk goed naar wat je eigen kind nodig heeft.”

Ritzen maakt soms ook met de kinderen die ze begeleidt makkelijker contact omdat ze hun belevingswereld nu beter kent. „Ik werk op een basisschool voor kinderen met ernstige gedragsproblemen. Als een kind vastloopt, niet functioneert in de klas, komt het bij mij terecht. Vaak is het op zo’n moment moeilijk om contact te maken. Nu weet ik dat er op dit moment dino-plaatjes worden gespaard bij Albert Heijn. Die informatie gebruik ik om een ingang bij hem of haar te vinden.”

Gat in mijn cv

Bij Clara Yeboah heeft haar zwangerschap wel negatieve gevolgen gehad voor haar carrière. Haar contract werd niet verlengd toen ze in verwachting was. „Ik hoor dat veel, ook al mag je om die reden niet iemand ontslaan. Ze gaven als reden dat er geen budget was. Laatst zag ik mijn oude baan voorbijkomen als vacature.” Ze heeft een jaar voor haar dochter gezorgd. „Ik ben blij dat ik dat heb kunnen doen, maar nu heb ik wel een gat in mijn cv. Bij sollicitatiegesprekken gaat de eerste vraag daarover.”

Beatrijs Ritsema noemt voor- en nadelen van jong ouderschap. „Jonge stellen zijn flexibeler, zitten minder vast in een baan en levenspatroon. Voor hen is het relatief makkelijk om hun leven met de komst van een kind aan te passen. Hoe ouder je wordt, hoe moeilijker het is om aan een nieuw ritme te wennen. Jonge mensen zijn vaak ook luchtiger, onbekommerder, nemen baby’s overal mee naartoe. Op reis bijvoorbeeld. Ze zien geen problemen die ouderen misschien wel zien. En jongeren zijn beter bestand tegen minder slaap.”

Is de angst voor negatieve gevolgen voor de carrière terecht? „Als je ambitieus bent en de top wilt bereiken, CEO of minister wilt worden, is het begrijpelijk dat je kinderen krijgen uitstelt”, zegt Ritsema. „Het is makkelijker om er een paar maanden tussenuit te gaan voor zwangerschapsverlof als je al wat hoger op de carrièreladder staat. Als je 25 jaar bent, heb je nog niets laten zien. Na je 30ste, met zo’n vijf jaar werkervaring, kun je het je permitteren om tijdelijk een stapje terug te doen.”

‘Jonge mensen zijn vaak ook luchtiger, nemen baby’s overal mee naartoe’

Maar: biologisch gezien is het een goed idee om vroeg met kinderen te beginnen, zegt ook Ritsema. Gynaecologen gebruikten jarenlang de kreet: een verstandige meid krijgt haar kind op tijd. „Dat scheelt later een hoop gedoe met ivf en zo. Er valt nog iets voor te zeggen: jong kinderen krijgen betekent ook dat de grootouders jong zijn. Bij de tijd, kwiek en fit. Dat is prettig als ze helpen met opvang en opvoeding. Aan de andere kant, zestigers die grootouders worden hebben vaak nog een baan, dus misschien geen tijd daarvoor.”

De ouders van Floor Ritzen zijn jong en allebei een dag minder gaan werken om voor de kleinkinderen te zorgen. „Ik vind het een voordeel dat mijn ouders jong zijn, heb nooit het gevoel dat ik ze opzadel met mijn kinderen. Ze vinden het echt leuk om een hele dag met hun te zijn.” Ook de moeder van Doris Hugen past veel op zodat zij haar onregelmatige diensten kan werken.

De verraste blikken blijven. Annemiek Tesfahuny: „Nog steeds als ik nieuwe mensen ontmoet en vertel dat ik een kind heb, staan ze versteld. Dat verwachten ze niet van een meisje met een paardenstaart en gympen.”

Doris: Als ik vertel dat ik een kind heb, kijken mensen daar nog steeds van op. Als iemand zegt: ‘zo, dan was je wel jong’, maak ik me niet boos. Ik laat weten dat het een bewuste keuze is en dat ik er blij mee ben. Dan is het vaak oké. Dan houden mensen erover op.”