Vluchtstrook

We rijden op de snelweg en kletsen gezellig met onze tweeling van bijna zeven op de achterbank. Ze vertellen over de gymles met de-wolf-is-weg-tikkertje.

Dan duikt vanuit het niets een kleine zwarte auto op die ons roekeloos rechts op de vluchtstrook inhaalt. Kiezelsteentjes spatten omhoog! Wanneer ik een beetje tot rust ben gekomen raast op de linkerbaan een politieauto met zwaailicht en sirene voorbij. Gevolgd door een tweede, en even later een derde. Consternatie alom. We bevinden ons in een echte achtervolging!

Onze zoontjes weten zeker dat het een boef was in de zwarte auto. We vragen ons af wat hij zou hebben gedaan. Waarom is hij op de vlucht? En krijgt hij een boete voor te hard rijden, bovendien op de verkeerde rijbaan?

„Maar het is wel een vluchtstrook, hè, mama.”