Argwaan over ‘Saoedisch’ lesinstituut

Wijkbewoners in Rotterdam wachten de komst van een streng islamitische school argwanend af. De stichting die achter de school zit, is herhaaldelijk in opspraak geraakt. Voor de koop van het pand is een omzichtige constructie gebruikt.

Het voormalige ROC Zadkine aan de Vorkstraat in Rotterdam, aangekocht door het salafistische Al Waqf. Foto Walter Herfst

Isaak Abdulhague vindt een islamitisch lesinstituut tegenover zijn huis prima. „Ik ben moslim, mijn buurman is moslim, er wonen hier veel moslims. En iedere moslim kan altijd nog een hoop bijleren.” Hij is aan het klussen met Richard van Zeele die een stukje verderop woont in de Rotterdamse wijk Feijenoord. Van Zeele is iets gereserveerder. „Als ik een katholieke kerk in Marokko wil beginnen, dan heb ik een probleem”, zegt hij. „Maar in Nederland mag je een islamitisch instituut beginnen. Je houdt het toch niet tegen. Als ik er maar geen last van heb.”

Vrijdag meldde NRC dat een omstreden salafistische organisatie in Rotterdam-Zuid een voormalig roc-gebouw heeft gekocht en daar een ‘islamitisch lesinstituut’ wil vestigen. Het is nog onduidelijk wat voor een lessen er precies zullen worden gegeven, mogelijk zal er ook worden samengewerkt met andere salafistische organisaties. De koop is getekend door de Egyptische Nederlander Nasr el Damanhoury, voorzitter van de salafistische stichting Al Waqf in Eindhoven. Deze organisatie bestaat uit politieke salafisten: die zijn tegen terroristische groepen zoals IS, maar hangen wel anti-democratische en onverdraagzame opvattingen aan.

Overigens is Van Zeele een van de weinige bewoners die al eerder had gehoord dat het gebouw was gekocht door moslims. „Ik zag mannen met baarden en gewaden hier al een paar keer rondlopen, rond het gebouw, en ik ben een praatje gaan maken. Dat doe ik met iedereen in de buurt. Toen vertelden ze me dat ze interesse hadden om het te kopen en dat ze er een school wilden beginnen.”

Bewoners is niets gevraagd

Twee Turkse jongens die een frietje eten bij de snackbar vinden een islamitisch lescentrum wel een goed plan. Zij moesten van hun ouders vroeger altijd naar de moskee, maar de jonge kinderen van nu mogen steeds vaker zelf kiezen. „Als ze niet gaan, krijgen ze geen goede religieuze basis” zegt de jongste van 16. Hij hoopt dat er islamitische lessen voor kinderen worden gegeven. „Arabisch leren en Koran lezen. Als je dat later moet leren wordt het steeds lastiger.”

Anneke en Cornelis van der Starre vinden het best vreemd dat de buurt niet naar de mening is gevraagd. „Een buurtonderzoekje is er niet geweest”, zegt Cornelis. Anneke denkt dat de net opgeleverde koophuizen in de buurt van het nieuwe islamitisch centrum minder waard zullen worden. „Die kopers zullen wel balen.” Als het normale moslims zijn dan kunnen ze best met de school leven. „Die mensen moeten ook naar school”, zegt Cornelis. „Bovendien, het wás altijd al een school.” Maar als het hele strenge moslims zijn, vinden ze het een stuk minder prettig. Anneke: „Dat trekt weer allemaal mensen aan, en dat wil je liever niet naast je huis.”

Nasr el Damanhoury, voorzitter van Al-Waqf, wilde de koop van het schoolpand niet toelichten. Al-Waqf is een van de oudste salafistische centra in Nederland. De stichting komt voort uit de missie van Saoedi-Arabië om de islam te verspreiden over de rest van de wereld. Het land gaf de afgelopen tientallen jaren miljoenen uit aan de export van het wahabisme, zoals de Saoedische school binnen het salafisme heet. Dit is een fundamentalistische versie van de islam die volgens experts elementen in zich heeft die voeding kunnen geven aan radicalisering.

Geld uit Saoedi-Arabië

De Saoedi’s en omliggende Golfstaten zamelen op grote schaal zakaat (aalmoezen) in om in het buitenland moskeeën en islamitische organisaties te sponsoren en boeken te vertalen. Inlichtingendienst AIVD stelde eerder vast dat Al-Waqf een van de organisaties is die geld ontvangt uit Saoedi-Arabië. Daar is ook het hoofdkantoor van Al-Waqf gevestigd.

Van het geld worden scholen, gebouwen en andere islamitische organisaties opgericht. Vaak worden hierbij constructies gebruikt vergelijkbaar met de koop van het Rotterdamse instituut: via buitenlandse fondsen die op naam staan van personen die zelf niet achter de koop hoeven te zitten. Op deze manier is het voor autoriteiten lastig te achterhalen waar het geld vandaan komt. Waarom voor zulke constructies wordt gekozen is niet duidelijk; buitenlandse financiering van moskeeën is legaal in Nederland, zolang er geen relatie is met terroristische netwerken.

Maatschappelijke onrust

Mogelijk zijn geldschieters bang voor reputatieschade. Al-Waqf is, soms als gevolg van haar Saoedische connecties, herhaaldelijk in opspraak geraakt. Zo dook een Saoedisch bestuurslid van de stichting in 2002 op in een namenlijst van zakenlieden die het al-Qaeda financieel zouden steunen. Vorige maand schreef The New York Times dat een nevenvestiging van Al-Waqf in Kosovo betrokken zou zijn bij de rekrutering van jongeren voor de jihad in Syrië. Deze Waqf-afdeling is inmiddels gesloten.

Hoeveel invloed buitenlandse geldschieters hebben op de centra die zij financieren, is onbekend. Wel staat vast dat er vaak predikers uit deze ‘donor-landen’ naar Europa reizen om lezingen te verzorgen. Dit zorgt in Nederland steeds vaker voor maatschappelijke onrust, omdat de predikers in het Midden-Oosten allerlei uitspraken hebben gedaan die zich moeilijk verhouden met de context in Nederland. Vorig jaar werden zeven buitenlandse geestelijken die Al-Waqf naar Nederland wilde halen, hierom geweigerd.

Het salafisme dat Al-Waqf uitdraagt keurt geweld af en de stichting neemt afstand van terroristische aanslagen. Maar er komen wel predikers langs die tegen het jihadisme aanschurken. Zo was een van de zeven geweigerde predikers een geestelijke die betrokken zou zijn bij de gewapende strijd in Syrië. Ook was langer geleden de Saoedische geestelijke Mohammed Al-Arifi te gast in Eindhoven. Hij roept op Youtube onomwonden op tot de strijd in Syrië. Opvallend genoeg hield diezelfde Al-Arifi in 2013 een lezing in een moskee in het Duitse Heidelberg. Pal naast de moskee is het fonds gevestigd dat het Rotterdamse schoolpand heeft gekocht. Volgens de gemeente Heidelberg staat de moskee onder toezicht van de Duitse geheime dienst omdat er in het verleden omstreden imams hebben gepredikt.

De Tweede Kamer reageerde verbijsterd en wil dat het kabinet voorkomt dat de salafisten een lesinstituut in Rotterdam vestigen. Minister Asscher en premier Rutte wezen erop dat nog onbekend is wat de salafisten van plan zijn met het pand en dat zij aan veel regels moeten voldoen wanneer zij een officiële onderwijsinstelling zouden beginnen. Asscher: „We zullen er met Rotterdam op zitten”.