Spoor van aanslag Istanbul leidt naar Kaukasus

De Turkse regering zegt de identiteit en de nationaliteit van de daders van de aanslag in Istanbul te kennen.

Een van de vermoedelijke daders richt een vuurwapen op een Turkse politieman, op veiligheidsbeelden van de luchthaven Atatürk. Foto Politie Istanbul/AFP

Het lijkt steeds aannemelijker dat het spoor van de bloedige aanslag op de luchthaven van Istanbul naar Rusland leidt, om precies te zijn: naar de woelige Kaukasus. Drie van de zelfmoordterroristen die woensdag 44 mensen ombrachten bij een bomaanslag zouden uit die regio afkomstig zijn, zei een Turkse regeringsfunctionaris donderdag.

Ook Turkse media brachten details naar buiten over de drie daders. Enkele daders zijn te zien op beelden van veiligheidscamera’s van het vliegveld Atatürk.

Hoewel de aanslag niet is opgeëist, gaat Turkije ervan uit dat de aanval op de vertrekhal van luchthaven Atatürk het werk is van Islamitische Staat. Minister van Binnenlandse Zaken Efkan Ala liet weten dat de identiteit en de nationaliteit van de daders is vastgesteld, maar gaf geen details.

Anonieme Turkse functionarissen lieten echter aan verschillende media doorschemeren dat de daders uit Rusland en de Centraal-Aziatische staten Oezbekistan en Kirgizië komen. Het laatste land ontkende dit, vrijwel meteen en ook de Russische ambassadeur in Istanbul zei niet te beschikken over informatie over een Russische dader. Turkse media gaven meer details. Bij de Russische dader zou het gaan om een zekere Osman Vadinov, die afkomstig zou zijn uit Tsjetsjenië of Dagestan.

Na jaren van burgeroorlog heeft de ‘leider’ Ramzan Kadyrov min of meer orde op zaken gesteld in Tsjetsjenië. De Russische deelrepubliek wordt echter af en toe nog opgeschrikt door aanslagen. Onrustig is het ook in de naburige deelrepublieken, vooral in Dagestan. Volgens de meeste schattingen zijn er enkele duizenden mannen vanuit de Noordelijke Kaukasus naar Syrië vertrokken om te vechten.

Turkse media gaven ook details over de organisator van de aanslag. Achmed Tsjatajev diende onder de jihadistische krijgsheer Dokoe Oemarov, die zichzelf in 2007 uitroep tot emir van de Kaukasus en het Tsjetsjeense verzet. Oemarov eiste de verantwoordelijkheid op voor bomaanslagen op de metro in Moskou en op luchthaven Domodedovo, waarbij vele tientallen doden vielen. Volgens onbevestigde berichten is Oemarov inmiddels gesneuveld.

Achmed Tsjatajev, die een arm verloor in de Tweede Tsjetsjeense Oorlog, werd al verschillende malen opgepakt: in Zweden (2008), in Oekraïne (2010), en op de Turks-Bulgaarse grens. Omdat het Europese Hof in Straatsburg verbood hem uit te leveren aan Rusland, kwam hij in Georgië terecht. Daar raakte hij 2012 gewond bij een schietpartij met veiligheidstroepen op de grens met Dagestan. Hoewel Tsjatajev enige tijd vastzat, kwam hij in 2014 vrij. Sinds 2015 zijn er berichten dat hij naar Syrië is vertrokken om te vechten voor de IS. Volgens Russische media is ‘Eénarm’, zoals Tsjatajev wordt genoemd, een van de belangrijkste ronselaars voor IS. Ook de Amerikanen hebben hem op de terrorismelijst gezet.