Het ozongat boven Antarctica trekt nu dicht

Bijna dertig jaar na het mondiaal verbod op het gebruik van cfk’s lijkt deze milieumaatregel effect te krijgen.

Parelmoerwolken bij de Zuidpool. Foto Wikipedia

Voor het eerst zijn er tekenen dat de ozonlaag boven het Zuidpoolgebied zich herstelt. Amerikaanse en Britse wetenschappers beschreven dit vrijdag in het tijdschrift Science.

De ozonlaag in de stratosfeer (op een hoogte tussen 10 en 40 kilometer) houdt UV-B straling van de zon tegen. Afbraak van de ozonlaag schaadt niet alleen dieren en planten, maar beïnvloedt regionaal het klimaat.

Het nu gepubliceerde onderzoek laat ook zien hoe lang milieuherstel kan duren. Want het is bijna dertig jaar geleden dat de internationale gemeenschap met het Montreal Protocol (1987) een verbod afkondigde voor stoffen die het ozongat zo groot hebben gemaakt, met name chloorfluorkoolstofverbindingen (cfk’s).

Sindsdien was al wel een daling van de concentratie cfk’s in de stratosfeer gemeten. Ook is sinds 2000 de concentratie ozon in de stratosfeer gestabiliseerd. Maar een herstel van de ozonlaag – hoewel die in de lijn der verwachting ligt – was tot nog toe niet aangetoond.

Dat het de onderzoekers nu wel is gelukt, komt doordat ze zich hebben beperkt tot de maand september, als de ozonafbraak op het zuidelijk halfrond jaarlijks start. Alleen voor die maand werd de ozonconcentratie in de stratosfeer gemeten, over de periode 2000-2014, en op twee punten: de Zuidpool en het Japanse onderzoeksstation Syowa op Antarctica. „Het is de maand dat het meeste ozon wordt afgebroken, soms wel alles”, zegt Susan Solomon van het Massachusetts Institute of Technology, eerste auteur van het artikel. „Als er sprake is van herstel verwacht je dat dat signaal het sterkst is in september.” Solomon is een van de pioniers van het ozonprobleem. Zij koppelde in 1986 het verschijnen van parelmoerwolken aan de dramatische ozonafbraak.

De ozoncentratie over de maanden september tot november schommelt jaarlijks sterk. Dat maakt het lastig om, zeker over een relatief korte periode van 14 jaar, een trend af te leiden. Gemiddeld zagen de onderzoekers in de maand september van 2000 tot 2014 een gestage stijging van de ozonconcentratie.

Vervolgens voerden ze een simulatie uit met een computermodel voor chemische reacties in de atmosfeer. Ze deden dat met en zonder invloeden van wisselende temperaturen en winden. Op die manier toonden ze aan dat de waargenomen trend voor de helft werd verklaard door daadwerkelijk herstel van de ozonlaag.