Opinie

    • Pieter van Os

Zachte journalistiek

Zo spijkerhard journalisten politici aanpakken, zo boterzacht behandelen ze kunstbestuurders. Waarom is dat toch? Volgens mij omdat ze hetzelfde willen: het goede voor de kunst. Lastige vragen passen daar kennelijk niet bij.

Toch is dat slecht voor de kunst. Neem de kunstbestuurders. Als die uitgesproken kunsthaters tegenkomen, staan ze met de mond vol tanden. Omdat ze het niet gewend zijn. Dat geldt evengoed voor politici die het goed voorhebben met de kunst. Ik zag het in de Tweede Kamer, toen PVV’er Martin Bosma verwijten van cultuurbarbarij pareerde met een jij-bak. Hij ratelde alle gemeentes op onder leiding van GroenLinkspolitici en PvdA’ers die procentueel harder bezuinigden op cultuur dan het kabinet Rutte I.

Met deze aanval overrompelde hij de Kamerleden. „Cultuurbarbaren!” krijste Bosma van plezier in hun verblufte gezichten.

Wij journalisten waren ook overrompeld. Onze eerste reflex: Bosma jokt. Maar Bosma jokte niet.

Ik geloof dat ik ervan geleerd heb. Een uitzending van het tv-programma Nieuwsuur leerde me onlangs daarentegen dat het fenomeen van de boterzachte kunstjournalist nog springlevend is. Onder de kop ‘aankopen Nederlandse musea onder druk’ mocht de directeur van de Museumvereniging de noodklok luiden over het gekorte overheidsbudget voor museumaankopen. Ondertussen volgden verslaggevers het Centraal Museum op een veiling. Een conservator ging bieden op een Pyke Koch, met hulp van publiek geld uit een inderdaad sterk gekrompen pot voor museumaankopen.

Reden dat de overheid wilde meebetalen: een enorme kans om een prachtig schilderijtje zichtbaar te maken voor het publiek. Begrijpelijk. Maar wat gebeurde er? Ten eerste: geen enkele kritische vraag over de aanwezigheid van een gerenommeerd museum op een veiling. Het mag, maar het betekent ook dat het museum niets had weten te regelen met de eigenaar voorafgaand aan de verkoop. Maar belangrijker: het museum verloor van... een ander museum!

Van het onlangs door Hans Melchers opgerichte Museum More in Gorssel. Daar past het werk prachtig in de collectie, kan iedereen het zien en, mooier nog: More kan aankopen zonder overheidssteun. De directeur is immers miljardair. Kortom, het typische klaagitem was eigenlijk een jubelrepo: met het belastinggeld voor de Koch kan een ander werk voor de collectie Nederland worden aangeschaft! Hiep hiep!

Geen woord daarover in de uitzending. Alom beteuterde gezichten. Siebe Weide klaagde stevig door.

Dit gestuntel lijkt onschuldig, maar is het niet. Want het past in een naar populistisch frame. Wie kwaad wil, kan immers beweren dat Nieuwsuur een gesubsidieerde culturele instelling in de Randstad voortrekt boven een particulier initiatief in de Achterhoek. Dat zou onterecht zijn, want ik weet zeker dat het hier een staaltje lui denken betreft, geen vooropgezette Randstedelijke campagne. Probleem: bewijs dat maar eens. Vraag: waarom de vijand zoveel munitie leveren?

    • Pieter van Os