Turkije vreest slapende cel IS

Terreurgroep Islamitische Staat heeft ‘verborgen eenheden’ in Turkije die semi-autonoom opereren.

Vliegveld Atatürk op de dag na de bloedige aanslag met op de achtergrond het portret van Kemal Atatürk. Foto AP

Het persbureau van Islamitische Staat (IS) verspreidde dinsdag een landkaartje. Daarop staan gebieden die sinds het uitroepen van het kalifaat twee jaar geleden onder controle van de terreurbeweging zijn gekomen. Turkije wordt er omschreven als ‘gebied met verborgen eenheden’, oftewel slapende cellen.

De driedubbele zelfmoordaanslag dinsdagavond op de grootste luchthaven van Turkije lijkt eens te meer te bewijzen dat het kaartje geen verzinsel is. De Turkse regering zegt sterke aanwijzingen te hebben dat IS achter de aanslag zit. De groep had jihadisten opgeroepen aanslagen te plegen tijdens ramadan. De aanslag in Istanbul maakt pijnlijk duidelijk dat Turkije een van de frontlinies is in de mondiale strijd tegen terreur.

Het staat nog niet vast wie precies de mannen waren die 41 omstanders met zich mee de dood innamen en tientallen gewonden veroorzaakten. Volgens de aanklager die het onderzoeksteam leidt waren de daders vermoedelijk geen Turken.

Dat zou voor velen in Turkije een opluchting zijn. Want steeds blijft daar die verdenking: ‘Turkije de jihadistensnelweg’, het land waar IS-aanhangers zich met teveel gemak doorheen bewegen. Turkije het land waar ongezond veel sympathie is voor sunnitische strijdgroepen, zoals IS, die in Syrië tegen Assad en Koerden vechten. „Ze kenden de luchthaven Atatürk als hun broekzak”, schreven critici van de Turkse regering in de uren na de aanslag op Twitter.

Die sympathie is de afgelopen twee jaar aanzienlijk verminderd, niet in de laatste plaats door de bloedbaden die IS het afgelopen jaar in Turkije heeft veroorzaakt. De Turkse regering werd er aanvankelijk van beschuldigd de extremisten te steunen of op zijn minst te gedogen. Maar inmiddels is zij IS actief gaan bestrijden.

Het is beduidend moeilijker geworden voor jihadisten om Turkije in of uit te komen. Geregeld worden IS-cellen opgerold. De vraag is echter of dat de risico’s voor Turkije zelf ook heeft verkleind, of juist vergroot.

Een van de mogelijke verklaringen voor de timing van de aanslag is dat IS het moeilijk heeft in Syrië. De groep zou Turkije willen dwingen een stukje grens onbewaakt te laten, zodat ze zich kan blijven bevoorraden. „Waarschijnlijk is de bedoeling druk op Turkije te zetten om zorgen dat Koerdische troepen en het Syrische leger de laatste doorgang op de Turks-Syrische grens niet sluiten”, denkt Ece Seckin, analist bij IHS, dat risicoanalyses maakt voor investeerders.

Tot nu toe heeft IS nog geen aanslagen in Turkije geclaimd – ook die van dinsdag niet. Dat laat onverlet dat er sterke aanwijzingen zijn dat de aanslag het werk was van IS, en niet van een van de vertakkingen van de Koerdische PKK. Dit heeft te maken met subtiele verschillen in werkwijze die zich bij eerdere aanslagen hebben afgetekend. Zo kiezen beide groepen andere doelwitten, schrijft Metin Gurcan, voormalig veiligheidsadviseur van de Turkse regering. IS kiest meestal voor doelwitten met een internationaal profiel, die veel aandacht genereren. De Koerdische PKK heeft een lokalere aanpak en een voorkeur voor politie of militairen.

Anonieme Amerikaanse overheidsbronnen vertelden tegen persbureau Reuters dat er een toename is van versleutelde IS-propaganda en communicatie op het Dark Web, een moeilijk toegankelijk deel van het internet. Dit wordt geïnterpreteerd als een poging om meer aanvallen buiten het grondgebied in Syrië en Irak uit te voeren. De afgelopen dagen heeft IS aanslagen gepleegd in Jordanië, Libanon, Jemen en mogelijk dus Turkije.

„De strategie van IS jegens Turkije lijkt drastisch bijgesteld”, schrijft Gurcan op de nieuwssite Al-Monitor. Hij voorspelt dat IS zich steeds meer op Turkije gaat richten. Hij waarschuwt dat de ‘semi-autonome en niet-hiërarische structuur van IS-cellen in Turkije’ het moeilijk maakt om aanslagen voor te zijn. Die conclusie hebben burgers in Turkije ook weer getrokken. Het feit dat het land een lange grens heeft met zowel Syrië als Irak maakt het kwetsbaar.

„De terreurgroep heeft bovendien fanatiek geworven onder Turken”, zegt Turkse Midden-Oostenexpert Serhat Erkmen bij Deutsche Welle. Iets wat pas de afgelopen maanden als probleem is onderkend door de overheid. Erkmen wijst op een derde groep waar tot nu toe weinig aandacht voor is: „Vergeet niet dat veel buitenlandse IS-strijders vastzitten in Turkije. Ze kunnen noch naar Syrië, nog naar eigen land.” Bij invallen in IS-schuilplaatsen in Turkije in juni alleen al werden 61 mensen opgepakt, onder wie 43 buitenlanders.

President Erdogan zei na de aanslag te hopen dat het een „keerpunt wordt in de gezamenlijke worsteling van westerse landen en de wereld tegen terreurgroepen”. Terroristen maken volgens hem geen verschil tussen Istanbul, Londen, Ankara, Berlijn, Izmir, Chicago en Antalya. Na de zesde aanslag in de twee grootste Turkse steden sinds begin van het jaar is dat echter moeilijk vol te houden.

    • Marloes de Koning