Prehistorisch metaal wijst op vroege handel Azië-Amerika

De zeldzame vondst van metalen voorwerpen in een prehistorisch Inuïtdorpje in Alaska wijst op handel met Azië over de Beringstraat.

Aan de kust van Alaska zijn kleine metalen voorwerpen gevonden bij opgraving van oude inuïtnederzettingen uit de periode van 1000 tot 1500 na Chr. Omdat er ook metaallegeringen gebruikt zijn (loodbrons) vermoeden de archeologen dat het metaal in Alaska is geïmporteerd vanuit Azië, over de Beringstraat. Het onderzoek is deze maand online gepubliceerd in het Journal of Archaeological Science. De metalen voorwerpen zijn ijzeren oogjes in een benen visaas, een koperen vishaak, een koperen naald, een stukje plaatkoper, een loodbronzen kraaltje en een stuk van een loodbronzen gesp.

De Thule-cultuur ontstond rond het jaar 1000 in Alaska en geldt als de oer-Inuït-cultuur. Hier werden bijvoorbeeld voor het eerst kajaks en umiaks (grote huidenboten) gebruikt. Vanuit Alaska verspreidde de Thule-Inuït zich over de rest van het Amerikaanse poolgebied. In de dertiende eeuw kwamen ze in (soms gewelddadig) contact met de Noorse Vikingen die zich in twee nederzettingen op Groenland hadden gevestigd. In Alaska werd pas eind achttiende eeuw contact gelegd met Europeanen (Russen, Engelsen en Amerikanen). Zelf konden de Thule-Inuït geen legeringen maken. In het oostelijke gebied verkregen ze die metalen waarschijnlijk via de Vikingen.

Hoewel dit de eerste metaalvondst is in een Thule-cultuur van vóór 1500 was al vrijwel zeker dat deze Inuït al vóór het jaar 1000 ijzer gebruikten. Dat wordt onder meer afgeleid uit de vorm van mesheften. Metaalvondsten zijn zo zeldzaam omdat het niet alleen gebruiksvoorwerpen waren, maar vooral statussymbolen die zorgvuldig bewaard en eindeloos hergebruikt werden. Mogelijk zijn bijvoorbeeld de nu gevonden kraal en gesp ooit vastgemaakt aan de kleding van sjamanen om te rammelen tijdens allerlei sjamanistische rituelen.