Populist Erdogan lokt het terrorisme zelf uit

Ongeveer 3.000 dorpen platgebrand; drie miljoen mensen verdreven; martelingen; tienduizenden doden. De brutaliteit waarmee de Turkse staat in de jaren negentig onder het mom van terreurbestrijding zijn Koerdische bevolking onderdrukte, schokte niet alleen mensenrechtenorganisaties, maar ook leden van de Turkse regering. Zo berichtte staatsminister Azimet Köylüoglu in 1994 na een bezoek aan Turks Koerdistan: „Hier is het de staat die dorpen verbrandt. Dit is staatsterrorisme.”

Toen de rechts-populistische partij van Erdogan in 2002 aan de macht kwam waren er velen, ook in het Westen, die dachten dat hij het goed voor had met de Koerden. Het feit dat Erdogan en zijn kompanen zijn gevormd in een islamofascistische organisatie waarin hij leerde dat iedereen die links is – inclusief Koerden – een ‘verrader van volk en vaderland’ is, deerde de naïevelingen niet.

Immers, onder Erdogan kregen Koerden een ‘eigen’ tv-kanaal gerund door de staat en mochten ze voor het eerst Koerdisch onderwijs volgen. Wat een vooruitgang, nietwaar? Mensen die er vanaf het begin op wezen dat Koerdische zelfbeschikking, in welke vorm dan ook, uit den boze is voor Erdogan waren ‘zeurpieten’. Onderwijl kreeg hij applaus van ‘het volk’ dat hem in het zadel hielp. ‘Onze leider zegt wat hij doet en doet wat hij zegt’, vinden zij want ‘hij durft Israël te hekelen omdat ze de Palestijnen geen zelfbeschikking wil geven’.

Destabilisering is steeds het gevolg als hij zijn torenhoge beloftes niet waarmaakt

Ook werd Erdogan dikke vrienden met Assad. Ze gingen zelfs samen op vakantie. Tot 2011. Toen dacht Erdogan dat het beter was om zijn vriend te ruilen voor collega-islamofascisten die hij kon laten doen wat hij wilde. Hij kneep vervolgens jarenlang een oogje dicht als clubs zoals Al-Qaeda en IS vanuit Turkije wapens doorgevoerd kregen. De Amerikanen, Russen en Iraniërs wilden – om verschillende redenen – niet dat het Assad-regime werd afgezet. Een staatsman met geopolitieke visie zou zijn conclusies trekken. Zo niet Erdogan. De straatjongen uit Istanbul leerde nooit wat compromis is. Integendeel: toen het Westen besloot IS te bombarderen deed bondgenoot Turkije mee. Hoe? Door de Koerdische PKK/PYD – de enige gevechtsgroep in Syrië die grote successen tegen IS boekte – te bombarderen. Hij schroomde er zelfs niet voor om een Russisch gevechtsvliegtuig neer te halen. Een potentiële wereldoorlog was zelfs de moeite waard tegen ex-vriend Assad.

Assad wijkt echter niet. Daar zit Erdogan dan nu. Het stof is neergedaald en zijn beleid kent de volgende resultaten: de banden met de buren verpest; Turks-Koerdistan weer in puin; bondgenoot VS boos; het EU-lidmaatschap verder weg dan ooit; strategisch partner Israël geschoffeerd; IS blijkt geen controleerbaar clubje.

Voor Erdogan eindelijk aanleiding om afgelopen maandag zijn beleid aan te passen. Hij bood Rusland excuses aan, haalde de banden met Israël aan en sloot de wapentoevoer aan IS af. Druppels op de gloeiende plaat die Erdogan zelf verhit. De aanslag van afgelopen dinsdag op het vliegveld van Istanbul laat hét gevaar van rechtspopulisten aan de macht zien. Door thuis Koerden te onderdrukken en in Syrië jihadisten te steunen, heeft Erdogan zich terrorisme op zijn hals gehaald. Destabilisering is steeds het gevolg als de torenhoge beloftes aan ‘het volk’ niet kunnen worden waargemaakt. Als hij zijn beloftes wel waarmaakt, zijn minderheden en andersdenkenden de klos. In beide gevallen blijft er altijd brandstof voor de tomeloze onderbuik van het volk: het is allemaal een samenzwering van de ‘EU/linksen/elites’ (streep weg wat niet van toepassing is) die niet willen dat de wil van het volk waarheid wordt.

    • Zihni Özdil