Niet breed of achteruit, maar vóóruit

De verse hoofdcoach, een Feyenoorder, krijg de kans zijn aanvalslustige opvattingen op Ajax te projecteren. Nieuw element wordt de vijfsecondenregel.

De trainersstaf van Ajax – vlnr Dennis Bergkamp, Hendrie Krüzen, Hennie Spijkerman en Peter Bosz – maken een opgewerkte indruk tijdens de eerste veldtraining van het nieuwe seizoen. Foto ANP

Het is zonder meer geforceerd om bij zo’n eerste veldtraining van Ajax te zoeken naar de hand van de nieuwe trainer Peter Bosz. Bijvoorbeeld als de partijvorm acht tegen acht begint en Bosz bij de aftrap meteen „vóóruit” roept. Niet breed, niet achteruit. Vóóruit met Ajax.

Het past in de simplificatie van Bosz’ speelstijl: aanvallend, attractief, tikkeltje naïef achterin. Maar hij is de eerste die nuances aanbrengt bij de reputatie die hem vooruitgesneld is als aanvalslustige, alles-of-niets coach. „Tachtig procent, zeker in het begin, gaat over verdedigen”, zei hij woensdag op zijn presentatie als nieuwe hoofdcoach van Ajax.

Het ligt allemaal niet zo eenvoudig. Daarom dook hij, bijzonder scheutig met zijn glimlach, op zijn perspresentatie in de Amsterdam Arena desgevraagd de tactische diepte in. Er volgde een voetbalcollege over restverdediging, de vijfsecondenregel en een gestaffelde elftalopbouw.

Geen Ajacied

Bosz is geen Ajacied. Sterker, hij is Feyenoorder, als hij iets is. Een trainer die zijn sporen verdiende in de provincie: AGOVV, Heracles, Vitesse en Maccabi Tel Aviv. Waar druk minder een factor is.

Binnen een maand, eind juli, begint voor Ajax de tocht richting groepsfase Champions League, met de eerste van twee voorrondes. Dan moet hij er staan, zijn elftal vooral.

Met zijn uitgebreide uitleg over de door hem gepropageerde vijfsecondenregel nam Peter Bosz het risico daar een spelelement van te maken. Maar hij deed het toch. Het komt er op neer dat bij balverlies spelers in een collectieve krachtsinspanning binnen vijf seconden de bal heroveren, en pas als dat niet lukt de verdedigende posities in te nemen. Binnen die vijf seconden, is de theorie, heeft de tegenstander nog niet zijn aanvallende formatie ingenomen. Duitsland, zei Bosz verwijzend naar de achtste finale zondag op het EK, deed dat in drie seconden tegen Slowakije – „omdat ze zo goed staan”.

Dit is allemaal niet nieuw. Zijn voorganger Frank de Boer begon er ook mee, in de tijd dat Siem de Jong en Christian Eriksen nog dankbare uitvoerders waren van dit modieuze afjagen, maar gaandeweg werd Ajax een minder dynamisch geheel. Het betekent dat er continu op de vijfsecondenregel gehamerd moet worden. Bosz: „En spelers moeten niet blijven hangen in teleurstelling, maar meteen omschakelen en druk zetten.”

Bosz moet dus het antwoord geven op de internationale voetbalvraagstukken waar Ajax voor staat. Hoe trouw te blijven aan het gedachtengoed waarin het spel zelf gemaakt dient te worden en tegelijkertijd in Europees verband geen schertsfiguur te slaan? Dat is de grote uitdaging voor Ajax, waar naïviteit en jeugdigheid vaak hand in hand gaan.

Maar Bosz zoekt geen compromis, ook niet in de voorrondes van de Champions League waarbij in potentie vijftien miljoen euro op het spel staat. Misschien heel even voetbal met een wat lager risicoprofiel, met de uitschakeling van Ajax tegen Rapid Wien van vorig seizoen nog vers in het geheugen? „Ik geloof niet in een tussenvorm”, zei Bosz.

Het is geen rocket science. „De manier van spelen staat dichtbij wat ze in de Ajax-jeugd leren. Aanpassing voor die jongens zal gering zijn. Het gaat om details. Bij mijn spel is een voorwaarde dat je compact speelt. Tien meter naar voren of naar achteren brengt veel verschil voor de verdediging, die veel ruimte in de rug krijgt.” Dat is altijd het risico geweest in elftallen van Bosz: de hoge laatste linie.

Volksjongen

Bosz wordt tijdens de training, als altijd, bijgestaan door zijn assistent Hendrie Krüzen. De man met de eeuwige jeugd, lid van de gouden EK-selectie 1988 . De man van een handje op de rug bij Daley Sinkgraven, als die de bal in zijn kruis krijgt. Bij Heracles een icoon, volksjongen die alle spelers eronder hield met tafeltennis, darts, latje trappen. Maar in Amsterdam? Meest in het oog springt dat Dennis Bergkamp niet langer in de dug-out plaatsneemt. Hij blijft wel deel uitmaken van de technische staf, en zal op de training nog steeds de spitsen doen. Ook Hennie Spijkerman, vertrouwsman van De Boer toch, blijft in de trainersstaf.

Bosz is, vermoedelijk, de laatste Nederlandse trainer die nog met Johan Cruijff heeft gesproken, enkele dagen voor diens overlijden, eind maart. Een week lang was Cruijff in Tel Aviv op bezoek, waar zoon Jordi Cruijff technisch directeur is. Bosz: „Eigenlijk kwam Ajax altijd wel ter sprake, al wist ik toen niet dat ik nu hier zou zitten. Ik heb vooral proberen te luisteren. Hendrie en ik, we raakten er niet over uitgepraat. De kleinste details, tactiek, maar ook zijn vele wijsheden. Dat je de beste man van de tegenstander soms beter niet kan dekken, omdat ie juist gewend is op zijn huid te worden gezeten.”

    • Bart Hinke